← België

Arrest 131947 - - 01/06/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 01 juni 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.947 Rolnummer: A. 106178/IX-2910 Zaak: Arrest 131947 - - 01/06/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-06-25 Raadplegingen: 50 - laatst gezien 2026-07-04 07:01 Fiche Arrest nr 131.947 van 1 juni 2004 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 131.947 van 1 juni 2004 in de zaak A. 106.178/IX-

  1. In zake : Nicole NICHELS, die woonplaats kiest bij advocaat S. LIBEER, kantoor houdende te BRUSSEL, Sint-Michielslaan 55/10 tegen :
  2. de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Justitie,
  3. het College van evaluatoren bij het hof van beroep te Brussel, die woonplaats kiezen bij advocaat K. VAN ALSENOY, kantoor houdende te BRUSSEL, A. Dansaertstraat
  4. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Nicole NICHELS op 19 juni 2001 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 26 april 2001 waarbij het college van evaluatoren bij het hof van beroep te Brussel aan verzoekster de definitieve evaluatie "onvoldoende" toekent; Gelet op het arrest nr. 100.011 van 22 oktober 2001 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gezien het verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend op 4 december 2001 door verzoekster; IX-2910-1/4 Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur-generaal M. ROELANDT; Gelet op de beschikking van 6 mei 2002 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de regelmatig gewisselde laatste memories; Gelet op de beschikking van 6 februari 2004 waarbij de terechtzit- ting bepaald wordt op 15 maart 2004, waarna de zaak achtereenvolgens tot de terechtzittingen van 22 maart 2004 en 26 april 2004 is uitgesteld; Gezien de memorie van de verwerende partijen; Gehoord het verslag van kamervoorzitter J. DE BRABANDERE; Gehoord de opmerkingen van advocaat P. DRIESSENS, die loco advocaat S. LIBEER ter terechtzitting van 22 maart 2004 verschijnt voor verzoekster, en van advocaat K. VAN ALSENOY, die verschijnt voor de verwerende partijen; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelingshoofd W. VAN NOTEN; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; IX-2910-2/4 Overwegende dat verzoekster, op het tijdstip dat zij het onder- havige beroep instelde, raadsheer was in het hof van beroep te Brussel; dat de beslissing welke zij bestrijdt genomen werd door het college van evaluatoren, ingesteld bij dat hof van beroep, met toepassing van artikel 259nonies van het Gerechtelijk Wetboek; dat naar luid van die wetsbepaling de beslissing slaat op de wijze waarop verzoekster haar ambt uitoefent, met uitsluiting van de inhoud van een rechterlijke beslissing, en geschiedt op grond van criteria die betrekking hebben op de persoonlijkheid en de intellectuele, professionele en organisatorische capaciteiten; Overwegende dat de verwerende partijen met een brief van 5 maart 2004 ter kennis van de Raad van State brengen dat verzoekster sedert 31 oktober 2003 in ruste is gesteld; dat op de terechtzitting van 22 maart 2004 de partijen gevraagd werden schriftelijk hun standpunt te bepalen nopens de mogelijke weerslag van dat gegeven op het belang van verzoekster bij het onderhavige beroep; dat de verwerende partijen in een op 21 april 2004 ingediende nota vooreerst wijzen op een aantal gegevens gesitueerd na het instellen van het beroep, inzonderheid dat verzoekster op 7 november 2001 opnieuw en definitief werd geëvalueerd, ditmaal met de eindbeoordeling “voldoende” en dat zij op 29 juni 2003 zelf gevraagd heeft om wegens gezondheidsredenen op pensioen gesteld te worden, waaraan gevolg is gegeven bij koninklijk besluit van 28 januari 2004, hetwelk uitwerking heeft op 31 oktober 2003; dat zij daaruit afleiden dat verzoekster niet meer over het actueel belang beschikt om de nietigverklaring te vorderen van de oorspronkelijke evaluatie; Overwegende dat verzoekster niet is opgekomen tegen de naderhand met toepassing van artikel 360quater, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek toegekende beoordeling “voldoende”, de tweede laagste van de schaal; dat zij daarentegen gevraagd heeft om in ruste gesteld te worden; dat haar advocaat weliswaar ter terechtzitting van 22 maart 2004 verklaard heeft dat verzoekster nog een belang behield, doch nagelaten heeft dat, zoals voorgesteld, schriftelijk te argumenteren vóór de terechtzitting van 26 april 2004, naar welke zitting de zaak op 22 maart 2004 werd verdaagd; dat zij vóór de sluiting van de debatten noch schriftelijk noch mondeling gevraagd heeft om over een bijkomende termijn te IX-2910-3/4 kunnen beschikken teneinde de memorie van de verwerende partijen te kunnen beantwoorden; dat het derhalve niet uitgesloten is dat verzoekster nog enig belang heeft behouden, doch niet kan worden uitgemaakt of dat belang volstaat om de voortzetting van het geding te verantwoorden, BESLUIT: Artikel
  5. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  6. De kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 347,06 euro, komen ten laste van verzoekster. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op een juni 2000 en vier, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : de HH. J. DE BRABANDERE, kamervoorzitter, L. HELLIN, staatsraad, A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad, Mevr. S. VAN AELST, griffier. De griffier, De voorzitter, S. VAN AELST. J. DE BRABANDERE. IX-2910-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.947 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2001:ARR.100.011 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.