← België

Arrest 132249 - - 10/06/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 10 juni 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.132.249 Rolnummer: A. 134887/X-11354 Zaak: Arrest 132249 - - 10/06/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-08-06 Raadplegingen: 52 - laatst gezien 2026-07-04 07:09 Fiche Arrest nr 132.249 van 10 juni 2004 - Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE.nr. 132.249 van 10 juni 2004 in de zaak A. 134.887/X-11.

  1. In zake : René VANHENTEN, die woonplaats kiest bij Advocaat D. GUNS, kantoor houdende te 1790 AFFLIGEM, Kasteelstraat 58 tegen :
  2. de stad OOSTENDE, die woonplaats kiest bij Advocaten I. LARMUSEAU, P. DE SMEDT en B. ROELANDTS, kantoor houdende te 9000 GENT, Visserij 157 A,
  3. het Vlaamse Gewest, dat woonplaats kiest bij Advocaat Y. FRANCOIS, kantoor houdende te 8790 WAREGEM, Eertbruggestraat
  4. -------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat René VANHENTEN op 1 april 2003 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van :
  5. het wijzigend bijzonder plan van aanleg nr. 113-01 "Mariakerke-deelplan 1" genaamd, van de stad Oostende, omvattende een plan van de bestaande toestand (juridische en fysische toestand), een herverkavelingsplan en een bestemmingsplan met afzonderlijke stedenbouwkundige voorschriften, definitief aangenomen bij besluit van de gemeenteraad van 27 september 2002 ;
  6. het besluit van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting, Innovatie, Media en Ruimtelijke Ordening van 16 januari 2003 houdende goedkeuring van het bijzonder plan van aanleg nr. 113.01 "Mariakerke - Deelplan 01" van de stad Oostende, tot wijziging van het bij ministerieel besluit van 6 april 1999 goedge- keurd bijzonder plan van aanleg nr. 113 "Mariakerke", bestaande uit een plan van de bestaande fysische en juridische toestand, uit een bestemmingsplan met bijhorende stedenbouwkundige voorschriften en uit een herverkavelingsplan, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 31 januari 2003; X-11.354-1/3 Gelet op het arrest nr. 124.634 van 24 oktober 2003 waarbij wordt besloten dat de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging wordt verworpen, dat het arrest op dezelfde wijze als het tweede bestreden besluit zal worden bekendgemaakt en dat de uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld; Gelet op de kennisgeving van dit arrest aan de verzoekende partij op 12 november 2003; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de Hoofdgriffier bij de kennisgeving van het arrest houdende verwerping van de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit, aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kortgeding voor de Raad van State; Overwegende dat naar luid van voornoemd artikel 17, § 4ter, ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding geldt wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest; Overwegende dat de verzoekende partij geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging heeft ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest; dat op grond van voornoemd artikel 15ter, § 1, de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij zij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord, X-11.354-2/3 BESLUIT: Artikel
  7. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  8. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op tien juni 2004, door : de HH. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, W. GEURTS. J. BOVIN. X-11.354-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.132.249 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2003:ARR.124.634 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.