← België

Arrest 132898 - - 23/06/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 juni 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.132.898 Rolnummer: A. 52201/X-9148 Zaak: Arrest 132898 - - 23/06/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-07-13 Raadplegingen: 49 - laatst gezien 2026-07-04 07:23 Fiche Arrest nr 132.898 van 23 juni 2004 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 132.898 van 23 juni 2004 in de zaak A. 52.201/X-

  1. In zake : de gemeente MOL tegen : het Vlaamse Gewest, dat woonplaats kiest bij Advocaat H. SEBREGHTS, kantoor houdende te 2018 ANTWERPEN, Mechelsesteenweg
  2. tussenkomende partijen :
  3. Andrée Marcelle Marie Henriette EMSENS, Gravin Arnaud de BROQUEVILLE,
  4. Jean-Pierre Stanislas Marie Graaf de BROQUEVILLE,
  5. Pierre Jacques Evrard Maria Graaf de BROQUEVILLE,
  6. Stanislas Jacques Graaf de BROQUEVILLE,
  7. Catherine ENGELHARD, weduwe van Graaf Gauthier de BROQUEVILLE, in haar hoedanigheid van moeder-wettige voogdes van haar twee minderjarige kinderen Grégoire Graaf de BROQUEVILLE en Christophe Graaf de BROQUEVILLE, die thans meerderjarig zijn, die woonplaats kiezen bij Advocaat L. SCHUERMANS, kantoor houdende te 2300 TURNHOUT, de Merodelei
  8. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, Xe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de gemeente MOL op 8 juni 1993 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 14 april 1993 van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Ruimtelijke Ordening en Binnenlandse Aangelegenheden, houdende de voorwaardelijke inwilliging van het beroep van Andrée Marcelle Marie Henriette EMSENS, Gravin Arnaud de BROQUEVILLE ingesteld tegen de beslissing van 23 januari 1992 van de bestendige deputatie van de provincieraad van ANTWERPEN waarbij haar de vergunning wordt geweigerd voor het regulariseren van een wederrechtelijke doorgevoerde herbouwing van een woning gelegen te Mol-Postel, Steenovens 89, op een perceel kadastraal bekend Sectie A, nr. 5d3; X-9148-1/5 Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van 14 februari 1994 ingediend door Andrée Marcelle Marie Henriette EMSENS, Gravin Arnaud de BROQUEVILLE, Jean-Pierre Stanislas Marie Graaf de BROQUEVILLE, Pierre Jacques Evrard Maria Graaf de BROQUEVILLE, Stanislas Jacques Graaf de BROQUEVILLE en Catherine ENGELHARD, weduwe van Graaf Gauthier de Broqueville, in haar hoedanigheid van moeder-wettige voogdes van haar twee minderjarige kinderen Grégoire Graaf de BROQUEVILLE en Christophe Graaf de BROQUEVILLE, die thans meerderjarig zijn; Gelet op de beschikking van 4 maart 1994 die de tussenkomst van Andrée Marcelle Marie Henriette EMSENS, Gravin Arnaud de BROQUEVILLE, Jean-Pierre Stanislas Marie Graaf de BROQUEVILLE, Pierre Jacques Evrard Maria Graaf de BROQUEVILLE, Stanislas Jacques Graaf de BROQUEVILLE en Catherine ENGELHARD, weduwe van Graaf Gauthier de BROQUEVILLE, in haar hoedanigheid van moeder-wettige voogdes van haar twee minderjarige kinderen Grégoire Graaf de BROQUEVILLE en Christophe Graaf de BROQUEVILLE, die thans meerderjarig zijn, toelaat; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord en de toelichtende memorie van de tussenkomende partijen; Gezien het verslag opgemaakt door Adjunct-auditeur W. WEYMEERSCH; Gelet op de beschikking van 22 september 1999 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de regelmatig gewisselde laatste memories; Gelet op de beschikking van 15 april 2004 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 11 juni 2004; Gehoord het verslag van Staatsraad G. DEBERSAQUES; X-9148-2/5 Gehoord de opmerkingen van Advocaat P. VAN ROMPAEY, die verschijnt voor de verzoekende partij, van Advocaat F. SEBREGHTS die, loco Advocaat H. SEBREGHTS verschijnt voor de verwerende partij, en van Advocaat D. SCHUERMANS die, loco Advocaat L. SCHUERMANS verschijnt voor de tussenkomende partijen; Gehoord het andersluidend advies van Auditeur L. VERMEIRE; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat Catherine ENGELHARD, weduwe van Graaf Gauthier de BROQUEVILLE, in haar hoedanigheid van moeder-wettige voogdes van haar twee minderjarige kinderen Grégoire Graaf de BROQUEVILLE en Christophe Graaf de BROQUEVILLE tesamen met Andrée Marcelle Marie Henriette EMSENS, Gravin de BROQUEVILLE, Jean-Pierre Stanislas Marie Graaf de BROQUEVILLE, Pierre Jacques Evrard Maria Graaf de BROQUEVILLE en Stanislas Jacques Graaf de BROQUEVILLE, op 14 februari 1994 een verzoekschrift tot tussenkomst hebben ingediend; dat uit dit verzoekschrift blijkt dat Grégoire Graaf de BROQUEVILLE en Christophe Graaf de BROQUEVILLE geboren werden op 14 april 1977 respectievelijk 28 september 1979 en derhalve thans meerderjarig zijn; dat zij bijgevolg het geding in eigen naam, zonder verdere pleegvormen, verder voeren vermits het recht van de vertegenwoordiger een einde neemt bij de meerderjarigheid; Overwegende dat de verwerende partij en de tussenkomende partijen, respectievelijk in de memorie van antwoord en in het verzoekschrift tot tussenkomst opwerpen dat niet het bewijs wordt bijgebracht van de beslissing van de gemeenteraad, waarbij het college van burgemeester en schepenen wordt gemachtigd om in rechte te treden, dat evenmin een voor eensluidend verklaard uittreksel uit het notulenboek van de vergadering van het college van burgemeester en schepenen wordt voorgelegd waaruit blijkt dat binnen de beroepstermijn tot het instellen van een beroep tot nietigverklaring werd beslist; Overwegende dat de verzoekende partij in haar memorie van wederantwoord repliceert dat het college van burgemeester en schepenen op 3 mei 1993 tot het instellen van huidig beroep besluit; dat zij hiervoor van de gemeenteraad X-9148-3/5 op 17 mei 1993 machtiging verkrijgt; dat zij in haar laatste memorie hieraan niets toevoegt; Overwegende dat krachtens artikel 270, tweede lid, N. Gem. Wet alle rechtsvorderingen, behoudens de gevallen die zijn vermeld in het eerste lid, door het college van burgemeester en schepenen worden ingesteld na machtiging van de gemeenteraad; dat deze machtiging op uitdrukkelijke en ondubbelzinnige wijze moet worden verleend; dat hieromtrent geen redelijke twijfel mag bestaan en dat deze moet blijken uit de notulen van de gemeenteraad; Overwegende dat uit het overlegde uittreksel uit de notulen van de gemeenteraad van de gemeente Mol blijkt dat de gemeenteraad in de zitting van 17 mei 1993 heeft beslist tot het bekrachtigen van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen houdende de aanstelling van een raadsman en deze aanstelling te doen "voor het ganse verloop van de procedure", alsook tot het aantekenen van beroep bij de Raad van State tegen het bestreden besluit; dat beide beslissingen tot de bevoegdheid van het college van burgemeester en schepenen behoren; dat uit het overgelegde uittreksel uit de notulen niet blijkt dat het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Mol door de gemeenteraad uitdrukkelijk en ondubbelzinnig is gemachtigd om een beroep tot nietigverklaring bij de Raad van State in te stellen; dat op het ogenblik van het sluiten van de debatten niet blijkt dat de gemeenteraad de vereiste machtiging heeft verleend; dat de door de verwerende en de tussenkomende partijen opgeworpen exceptie gegrond is; dat de vordering niet ontvankelijk is, BESLUIT: Artikel
  9. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  10. De kosten van het beroep, bepaald op 99,16 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 371,85 euro, komen ten laste van de tussenkomende partijen, ieder voor een vijfde. X-9148-4/5 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op drieëntwintig juni 2004, door de Xe kamer, die was samengesteld uit : de HH. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, G. DEBERSAQUES, staatsraad, C. ADAMS, staatsraad, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. J. BOVIN. X-9148-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.132.898 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.