id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 juni 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.133.043 Rolnummer: A. 133654/XIV-14033 Zaak: Arrest 133043 - - 24/06/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-07-19 Raadplegingen: 50 - laatst gezien 2026-07-04 07:29 Fiche Arrest nr 133.043 van 24 juni 2004 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 133.043 van 24 juni 2004 in de zaak A.133.654/XIV-14.
- In zake : XXX, die woonplaats kiest bij Advocaat F. LANDUYT, kantoor houdende te 8730 BEERNEM, Bloemendalestraat 147 tegen : de Commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen. ------------------------------------------------------------------------------------------------------------ DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat XXX, geboren op 19 juni 1978 en van Oekraïense nationaliteit, op 3 maart 2003 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van de beslissing van de Commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen van 30 januari 2003 tot bevestiging van de beslissing van de gemachtigde van de Minister van Binnenlandse Zaken van 10 januari 2003 tot weigering van verblijf, naar de verzoekende partij aangetekend verstuurd op dezelfde datum; Gezien het verzoekschrift dat de verzoekende partij op dezelfde dag heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van dezelfde beslissing; Gelet op de beschikking van 7 maart 2003 waarbij aan de verzoekende partij het voordeel van de kosteloze rechtspleging wordt verleend; Gelet op de artikelen 4 en 26 van het koninklijk besluit van 9 juli 2000 houdende bijzondere procedureregeling inzake geschillen over beslissingen betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelin- gen; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door Eerste Auditeur-afdelingshoofd H. VERHULST, op grond van artikel 26 van voormeld koninklijk besluit; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de partijen; XIV-14.033-1/3 Gelet op de beschikking van 30 maart 2004 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op woensdag 5 mei 2004 om 10.00 uur; Gehoord het verslag van Staatsraad D. MOONS; Gehoord de opmerkingen van Advocaat F. LANDUYT, die verschijnt voor de verzoekende partij, en van Adjunct-adviseur M. HUYGHE, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van Eerste Auditeur-afdelingshoofd H. VERHULST; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- Overwegende dat de voornaamste gegevens van de zaak als volgt kunnen worden samengevat : 1.
- De verzoekende partij komt België binnen op 20 februari 2002 en verklaart zich een eerste maal vluchteling op 19 maart
- 1.
- Op 23 april 2002 neemt de gemachtigde van de Minister van Binnenlandse Zaken een beslissing tot weigering van verblijf, met bevel om het grondgebied van het Rijk te verlaten. 1.
- Op 26 april 2002 bevestigt de Commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen de beslissing van de gemachtigde van de Minister van Binnenlandse Zaken van 23 april
- 1.
- Op 7 januari 2003 verklaart de verzoekende partij zich een tweede maal vluchteling. 1.
- Op 10 januari 2003 neemt de gemachtigde van de Minister van Binnenlandse Zaken een nieuwe beslissing tot weigering van verblijf. 1.
- Op 30 januari 2003 bevestigt de Commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen deze beslissing. Dit is de thans bestreden beslissing. XIV-14.033-2/3 Overwegende dat uit de brief van de Dienst Vreemdelingenzaken van 11 februari 2004 blijkt dat verzoeker in het bezit werd gesteld van een bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister dat twaalf maanden geldig is; dat de Advocaat van de verzoekende partij op de openbare terechtzitting van woensdag 5 mei 2004 verklaarde dat verzoekers verblijfssituatie werd geregulariseerd op medische gronden; dat uit wat voorafgaat, blijkt dat verzoeker niet meer getuigt van het rechtens vereiste actueel belang bij de door hem ingeleide procedures; dat de gerechtskosten ten laste worden gelegd van verzoeker, omdat de thans bestreden beslissing vreemd is aan de regularisatie op medische gronden, BESLUIT: Artikel
- De vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring worden verworpen. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel, na beraad, uitgesproken in openbare terechtzitting, op vierentwintig juni tweeduizend en vier, door : de H. D. MOONS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. R. VAN DEN EECKHOUT, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, R. VAN DEN EECKHOUT. D. MOONS. XIV-14.033-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.133.043 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.