← België

Arrest 133054 - - 25/06/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 25 juni 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.133.054 Rolnummer: A. 65339/X-9629 Zaak: Arrest 133054 - - 25/06/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-07-15 Raadplegingen: 48 - laatst gezien 2026-07-04 07:30 Fiche Arrest nr 133.054 van 25 juni 2004 - Beslissing : Verwerping bekendmaking Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 133.054 van 25 juni 2004 in de zaak A. 65.339/X-

  1. In zake : de stad KORTRIJK, die woonplaats kiest bij Advocaat B. VAN DORPE, kantoor houdende te 8500 KORTRIJK, Loofstraat 39 tegen : het Vlaamse Gewest, dat woonplaats kiest bij Advocaat B. STAELENS, kantoor houdende te 8000 BRUGGE, Canadesen Hof, Bevrijdingslaan 4, bus
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, Xe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de stad KORTRIJK op 29 augustus 1995 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 9 juni 1995 van de Vlaamse minister van Verkeer, Buitenlandse Handel en Staatshervorming houdende bescherming als dorpsgezicht, overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 3 maart 1976 tot bescherming van monumenten en stads- en dorpsgezichten, omwille van het algemeen belang, gevormd door hun historische waarde, meer specifiek hun artistieke, historische, industrieel- archeologische en andere sociaal-culturele waarde, o.a. esthetische waarde van "het Hof van Heule", "de cichorei-ast", "de open omgeving van de Preetjesmolen", "de Heulebeek en Heulebeekvallei", te Kortrijk (Heule) zoals afgebakend op bijgaand plan, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 29 augustus 1995; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door Eerste Auditeur E. HAESBROUCK; X-9629-1/4 Gelet op de beschikking van 4 juli 2000 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memorie van de verwerende partij; Gelet op de beschikking van 12 maart 2004 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 2 april 2004; Gehoord het verslag van Staatsraad G. DEBERSAQUES; Gehoord de opmerkingen van Advocaat B. VAN DORPE, die verschijnt voor de verzoekende partij, en van Advocaat N. DE CLERCQ die, loco Advocaat B. STAELENS verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het andersluidend advies van Eerste Auditeur E. HAESBROUCK; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat wat de procesbevoegdheid betreft, de verwerende partij in de memorie van antwoord opwerpt dat het beroep niet ontvankelijk is omdat de verzoekende partij niet aantoont dat het college van burgemeester en schepenen van de stad Kortrijk heeft beslist het beroep tot nietigverklaring in te dienen; Overwegende dat de verzoekende partij in de memorie van wederantwoord niet ter zake repliceert door te stellen dat op 28 februari 1995 (lees 28 september 1995) het machtigingsbesluit van 8 september 1995 van de gemeenteraad van de stad Kortrijk werd neergelegd; Overwegende dat de verzoekende partij een laatste memorie indient; dat zij echter, "ingaand op de suggestie van de Auditeur"op 28 augustus 2000, een beslissing van 27 juli 1995 van het college van burgemeester en schepenen neerlegt; dat deze luidt als volgt : X-9629-2/4 "Gelet op de nota dd. 12 juli 1995 van de juridische dienst aangaande het M.B. van 9 juni 1995 houdende bescherming van monumenten, stads- en dorpsgezichten - Hof van Heule, Preetjesmolen en omgeving, Heulebeek. Annulatieberoep. BESLIST
  3. De gemeenteraad te verzoeken : - Akte te nemen van het M.B. dd. 9 juni 1995 (ontvangen op 30 juni 1995), houdende bescherming als dorpsgezicht, overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 3 maart 1976, gewijzigd door het decreet van 22 februari 1995, van het Hof van Heule, de chichorei-ast, de open omgeving van de Preetjesmolen en de Heulebeek en Heulebeekvallei met watermolensite; - In toepassing van artikel 270 van de gemeentewet machtiging te verlenen aan het College van Burgemeester en Schepenen, met het oog op het instellen van een beroep tot nietigverklaring van dit M.B.;
  4. Advokaat Vandorpe aan te stellen om het College in rechte te vertegenwoordigen bij de Raad van State bij het inleiden en afhandelen van het beroep tot nietigverklaring."; Overwegende dat de verwerende partij in de laatste memorie dupliceert dat de hiervoor aangehaalde beslissing van 27 juli 1995 van het college van burgemeester en schepenen een besluit betreft tot het vragen van machtiging aan de gemeenteraad en een besluit tot het aanstellen van een raadsman, maar dat het college hiermee niet heeft beslist tot het instellen van een annulatieberoep; Overwegende dat naar luid van artikel 123, 8/, van de Nieuwe Gemeentewet het college van burgemeester en schepenen ermee belast is de rechtsgedingen te voeren waarbij de gemeente hetzij als eiser, hetzij als verweerder betrokken is; dat de hiervoor aangehaalde beslissing van 27 juli 1995 van het college van burgemeester en schepenen niets meer omvat dan het aktenemen van het thans bestreden besluit, het verzoek aan de gemeenteraad om haar machtiging te verlenen met het oog op het instellen van onderhavig beroep tot nietigverklaring en het aanstellen van een raadsman "om het college in rechte te vertegenwoordigen bij de Raad van State bij het inleiden en afhandelen van het beroep tot nietigverklaring"; dat met de verwerende partij dient gesteld dat deze beslissing niet kan beschouwd worden als de rechtshandeling waarbij het beroep bij de Raad van State wordt ingesteld; dat de exceptie wordt aangenomen; dat het beroep niet ontvankelijk is, BESLUIT: Artikel
  5. Het beroep wordt verworpen. X-9629-3/4 Artikel
  6. Dit arrest zal worden bekendgemaakt op dezelfde wijze als het bestreden besluit. Artikel
  7. De kosten van het beroep, bepaald op 99,16 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vijfentwintig juni 2004, door de Xe kamer, die was samengesteld uit : de HH. J. BOVIN wnd. kamervoorzitter, staatsraad, G. DEBERSAQUES, staatsraad, C. ADAMS, staatsraad, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. J. BOVIN. X-9629-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.133.054 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.