id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 25 juni 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.133.108 Rolnummer: A. 132963/XII-3770 Zaak: Arrest 133108 - - 25/06/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-08-10 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-07-04 07:33 Fiche Arrest nr 133.108 van 25 juni 2004 - Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 133.108 van 25 juni 2004 in de zaak A. 132.963/XII-
- In zake : de BVBA LAGAUT, die woonplaats kiest bij advocaat J. De Smet, kantoor houdende te Waregem, Westerlaan 37/01 tegen : de GEMEENTE MIDDELKERKE. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de BVBA Lagaut op 13 februari 2003 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen “van de beslissing dd. 12 december 2002 van de gemeenteraad van de gemeente Middelkerke [...] inzoverre beslist wordt aan verzoekster geen convenant af te leveren tot uitbating van haar kansspelinrichting klasse II gelegen aan de Leopoldlaan 73 te 8430 Middelkerke, gekend onder de benaming lunapark ‘Lotus’ en inzoverre beslist wordt een convenant af te sluiten met de N.V. Micas tot het uitbaten van een kansspelinrichting klasse II, speelautomatenhal op de Zeedijk in het Casino, alsmede het convenant dat deel uitmaakt van de bestreden beslissing”; Gelet op het arrest nr. 121.238 van 3 juli 2003 waarbij de vordering tot schorsing wordt verworpen en de uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld; Gelet op de kennisgeving van dit arrest aan verzoekster op 22 juli 2003; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan verzoekster, op grond van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, dat de kamer de afstand van XII-3770-1/3 geding zal uitspreken, tenzij zij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat verzoekster niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat naar luid van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, ten aanzien van verzoekster een vermoeden van afstand van geding geldt wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest; Overwegende dat het arrest nr. 121.238 van 3 juli 2003 de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing heeft verworpen; Overwegende dat verzoekster geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging heeft ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest; dat te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van verzoekster. XII-3770-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vijfentwintig juni 2004, door : de HH. J. LUST, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK. J. LUST. XII-3770-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.133.108 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2003:ARR.121.238 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.