← België

Arrest 133171 - - 28/06/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 juni 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.133.171 Rolnummer: A. 49796/IX-931 Zaak: Arrest 133171 - - 28/06/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-07-30 Raadplegingen: 51 - laatst gezien 2026-07-04 07:37 Fiche Arrest nr 133.171 van 28 juni 2004 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 133.171 van 28 juni 2004 in de zaak A. 49.796/IX-

  1. In zake : Jean-Paul DE VOS, wonende te SCHERPENHEUVEL-ZICHEM, Afrikalaan 7 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Landsverdediging. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Jean-Paul DE VOS op 5 januari 1993 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van : "
  2. de beslissing van 03 november 1992 van Lt Kol mil Stafbrevethouder (= MAB) G. LEFEVER, houdende weigering van de aanvraag tot benoeming tot luitenant op 25 september 1992;
  3. De (impliciete) beslissing van 03 november 1992 van Lt Kol mil Stafbrevet- houder G. LEFEVER, houdende weigering om een benoemingsbesluit tot de graad van luitenant betreffende onderluitenant DE VOS op 25 september 1992 voor te leggen noch aan Zijne Majesteit de Koning, noch zelfs aan de Heer Minister van Landsverdediging;
  4. de beslissing van onbekende datum, waarbij - aldus Lt Kol MAB LEFEVER - de graad van benoemd onderluitenant wordt ontnomen en verzoeker bij hoge uitzondering werd aangesteld tot onderluitenant.
  5. het Koninklijk besluit nN 28172 van 12 september 1992 (B.S., 10 november 1992), inzoverre de Koning de daarin vermelde onderluitenanten benoemt tot luitenant na de voorgeschreven anciënniteitsperiode van 4 jaren met uitzondering van verzoeker.
  6. het (impliciet) weigeringsbesluit vervat in het voormeld Koninklijk Besluit van 12 september 1992 om onderluitenant DE VOS niet te benoemen tot de graad van luitenant op 25 september 1992"; IX-931-1/4 Gelet op het arrest nr. 41.908 van 8 februari 1993 waarbij "de vorderingen tot schorsing en tot het bevelen van de voorlopige maatregelen worden verworpen"; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur R. AERTGEERTS; Gelet op de beschikking van 19 februari 1998 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de regelmatig gewisselde laatste memories; Gelet op de beschikking van 2 april 2004 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 17 mei 2004; Gehoord het verslag van staatsraad A. VANDENDRIESSCHE; Gehoord de opmerkingen van majoor militair-administrateur A. DE DECKER, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelingshoofd R. AERTGEERTS; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; IX-931-2/4
  7. Overwegende dat de verwerende partij de ontvankelijkheid betwist van het beroep in zijn verschillende voorwerpen; dat zij in hoofdorde betoogt dat verzoeker, doordat hij niet aan de bestaande benoemingsvoorwaarden voldeed, op 27 september 1992 niet tot luitenant bevorderd kon worden, zodat een eventuele vernietiging van de bestreden beslissingen hem geen voordeel kan opleveren; Overwegende dat, in zijn verslag, de auditeur-verslaggever tot het besluit gekomen is dat de excepties verband houden met de grond van de zaak; dat hij dan de middelen heeft onderzocht en geen van allen gegrond bevonden heeft; dat verzoeker in zijn laatste memorie een aantal bijkomende argumenten heeft aangevoerd om de gegrondheid van zijn middelen aan te tonen; Overwegende dat de verwerende partij in haar laatste memorie een bijkomende exceptie aanvoert op het vlak van het belang van verzoeker, doordat hij bij koninklijk besluit van 25 september 1997 benoemd is tot luitenant in het kader van de beroepsofficieren met uitwerking op 26 september 1997 en hij die beslissing niet bestreden heeft, waardoor zij definitief geworden is;
  8. Overwegende dat de Raad van State bij schrijven van 19 januari 2004 aan verzoeker gevraagd heeft zijn zienswijze mede te delen over de nieuwe exceptie van de verwerende partij; dat hij tezelfdertijd uitgenodigd is uiteen te zetten welk actueel belang hij, gelet op de inmiddels verlopen tijd en de wijzigingen die aan zijn statutaire situatie waren gebracht, nog denkt te bezitten bij de vernietiging van de bestreden beslissingen; dat verzoeker daar niet op geantwoord heeft; dat hij ook niet verschenen is of vertegenwoordigd was op de openbare terechtzitting om zich te dien aanzien nader te verklaren;
  9. Overwegende dat de door de verwerende partij in haar laatste memorie geformuleerde exceptie niet elke grond mist; dat derhalve van verzoeker verwacht mocht worden dat hij ter zake standpunt zou innemen; dat, door zulks niet te doen, verzoeker het vermoeden heeft gewekt dat zijn interesse voor de verdere gewone afhandeling van het onderhavige annulatieberoep niet meer bestaat of in ieder IX-931-3/4 geval sterk afgenomen is; dat verzoeker dat vermoeden ook niet gekeerd heeft door zijn volgehouden belangstelling te bevestigen op de openbare terechtzitting; dat het beroep thans onontvankelijk wordt verklaard omdat het actueel belang van verzoeker niet aangetoond is, BESLUIT: Artikel
  10. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  11. De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 99,16 euro, komen ten laste van verzoeker. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op achtentwintig juni 2000 en vier, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : de HH. J. DE BRABANDERE, kamervoorzitter, L. HELLIN, staatsraad, A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. J. DE BRABANDERE. IX-931-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.133.171 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.