id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 juni 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.133.284 Rolnummer: A. 84913/X-9021 Zaak: Arrest 133284 - - 29/06/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-07-20 Raadplegingen: 53 - laatst gezien 2026-07-04 07:48 Fiche Arrest nr 133.284 van 29 juni 2004 - Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE.nr. 133.284 van 29 juni 2004 in de zaak A. 84.913/X-
- In zake :
- Petrus VANDEKERKHOF,
- Hendrika ERCKEN, die woonplaats kiezen bij Advocaten H. MICHIELSEN, R. VERSWEYVELD en B. COOLS, kantoor houdende te 3920 LOMMEL, Vreyshorring 21 tegen : de stad LOMMEL, die woonplaats kiest bij Advocaten P. VANVELTHOVEN, D. VANDEN BOER en S. VAN DEN BRANDE, kantoor houdende te 3920 LOMMEL, Lepelstraat
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, Xe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Petrus VANDEKERKHOF en Hendrika ERCKEN op 22 juni 1999 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van enerzijds de beslissing van 3 mei 1999 van het college van burgemeester en schepenen van de stad Lommel waarbij aan Jean Piere THEUNIS- VANDERHEYDEN de vergunning wordt verleend voor het bouwen van een terras aan een bestaand appartementsgebouw gelegen te Lommel, Hensendriesweg 28A, op een perceel kadastraal bekend Sectie C nr. 188G 3 en anderzijds van de beslissing van dezelfde datum van hetzelfde college waarbij aan Christiane GORIS de vergunning wordt verleend voor dezelfde werken aan een bestaand appartementsgebouw gelegen te Lommel, Hensendriesweg 28B op hetzelfde kadastraal perceel; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur T. DE WAELE; Gelet op de beschikking van 3 februari 2004, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; X-9021-1/3 Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partijen op 18 februari 2004; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partijen, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op het schrijven van de verzoekende partijen van 20 april 2004, waarbij zij vragen om te worden gehoord; Gelet op de beschikking van 25 mei 2004, houdende oproeping van de partijen om te verschijnen op 11 juni 2004; Gehoord het verslag van Staatsraad J. BOVIN; Gehoord de opmerkingen van Advocaat B. COOLS, die verschijnt voor de verzoekende partijen, en van Advocaat J. JANSSEN die, loco Advocaten P. VANVELTHOVEN, D. VANDEN BOER en S. VAN DEN BRANDE verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van Auditeur T. DE WAELE; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partijen melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Overwegende dat de verzoekende partijen binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure hebben ingediend; dat dit door de verzoekende partijen niet wordt betwist; dat het feit dat, zoals door de raadsman van de verzoekende partijen ter terechtzitting wordt aangevoerd, dit het gevolg zou zijn van een "materiële vergissing" geen reden is die de toepassing van voornoemde bepaling X-9021-2/3 in de weg staat; dat krachtens die wetsbepaling te hunnen aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 347,06 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negenentwintig juni 2004, door de Xe kamer, die was samengesteld uit : de HH. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, G. DEBERSAQUES, staatsraad, C. ADAMS, staatsraad, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. J. BOVIN. X-9021-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.133.284 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.