id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 09 augustus 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.134.236 Rolnummer: A. 115696/IX-3182 Zaak: Arrest 134236 - - 09/08/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-08-23 Raadplegingen: 55 - laatst gezien 2026-07-04 08:35 Fiche Arrest nr 134.236 van 9 augustus 2004 - Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 134.236 van 9 augustus 2004 in de zaak A. 115.696/IX-
- In zake : XXXX, tegen : het Instituut van de Accountants en de Belastingconsulenten, dat woonplaats kiest bij advocaat M. LEBBE, kantoor houdende te BRUSSEL, Louizalaan
- ------------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat XXXX op 18 januari 2002 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van de raad van het Instituut van de Accountants en de Belastingconsulenten houdende de organisatie van het toelatingsexamen tot de stage van belastingconsulent op 2 en 16 maart 2002; Gezien de memorie van antwoord en de memorie van wederant- woord; Gezien het verslag opgesteld door auditeur L. VERMEIRE; Gelet op de beschikking van 23 mei 2003 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 14 juli 2003; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, IX-3182-1/3 dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzet- ting van de procedure heeft ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt; Overwegende dat de verzoekende partij bij brief van 25 juli 2002 met toepassing van artikel 2 van het koninklijk besluit van 7 juli 1997 betreffende de publicatie van de arresten van de Raad van State vraagt om het arrest in onderhavige zaak "gedepersonaliseerd te publiceren"; Overwegende dat niets zich tegen de depersonalisatie bij de publicatie van het arrest verzet, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- Bij de publicatie van dit arrest wordt de identiteit van de verzoekende partij niet opgenomen. IX-3182-2/3 Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negen augustus 2000 en vier, door : de H. J. DE BRABANDERE, kamervoorzitter, Mevr. S. VAN AELST, griffier. De griffier, De voorzitter, S. VAN AELST. J. DE BRABANDERE. IX-3182-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.134.236 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.