← België

Arrêt / Arrest 134720 - / - 08/09/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 08 september 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.134.720 Rolnummer: A. 151427/AGAV-84 Zaak: Arrêt / Arrest 134720 - / - 08/09/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-05-19 Raadplegingen: 75 - laatst gezien 2026-07-04 09:01 Versie(s): Versie FR Fiche Arrest nr 134.720 van 8 september 2004 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing Nederlandse tekst (titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973). RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE Nr. 134.720 van 8 september 2004 A. 151.427/VIII-4508 In zake: DE CAESTECKER Philippe, die woonplaats heeft gekozen bij Mr. Jean BOURTEMBOURG, advocaat, Zwitserlandstraat 24 1060 Brussel, tegen: de Franse Gemeenschap, vertegenwoordigd door haar Regering, die woonplaats heeft gekozen bij Mr. Monique KESTEMONT-SOUMERYN en Mr. Vanessa PAUWELS, advocaten, Henri Wafelaertsstraat 47-51, bus 1 1060 Brussel. ---------------------------------------------------------------------------------------------------- DE WAARNEMEND VOORZITTER VAN DE VIIIe KAMER, RECHTSPREKEND IN KORT GEDING, Gezien de vordering die Philippe DE CAESTECKER op 3 mei 2004 heeft ingesteld om de schorsing van de tenuitvoerlegging te verkrijgen van "de beslissing van onbekende datum waarbij de examencommissie voor het tweede gedeelte van het examen voor het verkrijgen van het brevet van studieprefect besloten heeft verzoeker voor dat gedeelte af te wijzen, en hem bijgevolg niet toe te laten tot de derde opleidingscyclus en het derde examengedeelte voor het verkrijgen van dat brevet"; Gezien het op dezelfde dag ingediende verzoekschrift, waarbij dezelfde verzoeker de nietigverklaring van diezelfde beslissing vordert; Gezien de nota met opmerkingen en het administratief dossier van de verwerende partij; VIIIk - 4508 - 1/5 Gezien het verslag van mevrouw MARTOU, auditeur bij de Raad van State; Gelet op de beschikking van 18 augustus 2004, waarbij wordt bepaald dat de zaak voorkomt op de openbare terechtzitting van 2 september 2004; Gelet op de kennisgeving aan de partijen van het verslag en van de beschikking tot bepaling van de rechtsdag; Gezien de brief d.d. 1 september 2004 en de bijlagen ervan, die door de verwerende partij aan de Raad van State zijn gericht; Gehoord het verslag van mevrouw GEHLEN, staatsraad; Gehoord de opmerkingen van Mr. BOURTEMBOURG, advocaat, die voor verzoeker verschijnt, en van Mr. KESTEMONT-SOUMERYN en Mr. GONTHIER, advocaten, die voor de verwerende partij verschijnen; Gehoord het eensluidend advies van mevrouw MARTOU, auditeur bij de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de volgende gegevens dienstig zijn voor het onderzoek van de vordering: Verzoeker, die zesenveertig jaar oud is, is in vast verband benoemd als leraar algemene vakken in het hoger secundair onderwijs dat door de Franse Gemeenschap wordt georganiseerd. Sedert januari 1997 oefent hij tijdelijk de functie van studieprefect uit aan het koninklijk atheneum van Péruwelz. Verzoeker heeft de eerste twee opleidingscycli met het oog op het verkrijgen van het brevet van studieprefect gevolgd. Op 25 november 2003 heeft hij voor de examencommissie die ermee belast is dat brevet te verlenen, het examen afgelegd ter afsluiting van de tijdens de tweede cyclus gevolgde opleiding. Na afloop van dat examen heeft de examencommissie besloten hem niet tot de derde opleidingscyclus toe te laten. Die beslissing is de handeling waartegen de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging gericht is. VIIIk - 4508 - 2/5 Op 1 september 2004 heeft de verwerende partij aan de Raad van State een kopie bezorgd van verscheidene stukken waaruit blijkt dat: - Marie-Gabrielle BLONDIAUX, houder van het brevet van studieprefect of van directeur, per 1 juli 2004 in die hoedanigheid in vast verband is benoemd aan het koninklijk atheneum van Péruwelz. "Naar aanleiding van de wensen die de betrokkenen hebben geuit en teneinde de pedagogische teams te behouden, na raadpleging van en in overleg met de vakbonden", heeft de Minister van Secundair Onderwijs en Buitengewoon Onderwijs van de Franse Gemeenschap besloten om Marie-Gabrielle BLONDIAUX bij wijze van uitzondering te detacheren aan het koninklijk atheneum 'Marguerite BERVOETS' te Bergen; - De Minister heeft eveneens - en steeds met het oog op het garanderen van de pedagogische continuïteit aan het hoofd van de instellingen - besloten Marie-Gabrielle BLONDIAUX totdat er een rechtspositionele oplossing gevonden wordt, te vervangen door verzoeker als waarnemend studieprefect aan het koninklijk atheneum van Péruwelz, waar hij voordien reeds werkte; Overwegende dat de examencommissie van de Franse Gemeenschap voor het tweede gedeelte van het examen met het oog op het verkrijgen van het brevet van provisor, gehandeld heeft als orgaan van de Franse Gemeenschap en geen rechtspersoonlijkheid bezit; dat ze buiten de zaak dient te worden gesteld; Overwegende dat volgens artikel 17, § 2, eerste lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, "de schorsing van de tenuitvoerlegging alleen (kan) worden bevolen als ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten akte of het aangevochten reglement kunnen verantwoorden en op voorwaarde dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de akte of het reglement een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen"; Overwegende dat verzoeker, teneinde aan te tonen dat het gevaar bestaat dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing hem een moeilijk te herstellen ernstig nadeel berokkent, in de eerste plaats aanvoert dat hij, doordat hem de mogelijkheid ontnomen is de derde opleidingscyclus te volgen en het examen betreffende die opleiding af te leggen, het gevaar loopt gedurende vrij lange tijd niet in de mogelijkheid te verkeren in het door hem geambieerde bevorderingsambt te worden benoemd; dat hij betoogt dat dit een aanzienlijk nadeel is dat "niet kan worden goedgemaakt door een vernietigingsarrest, zelfs niet door een VIIIk - 4508 - 3/5 schorsingsarrest na afloop van de gewone procedure, aangezien de derde opleidings- en selectiefase op dat tijdstip reeds begonnen of zelfs afgelopen zal zijn, zodat het niet meer mogelijk zal zijn de verzoekende partij daaraan te laten deelnemen"; dat hij vervolgens uiteenzet dat zijn niet-slagen twijfels doet rijzen omtrent zijn geschiktheid voor het vervullen van de functie van studieprefect die hij daadwerkelijk uitoefent, hetgeen een aanzienlijk moreel nadeel oplevert alsook een aantasting van zijn reputatie in onderwijskringen; Overwegende dat verzoeker zijn vordering niet ingesteld heeft volgens de procedure van uiterst dringende noodzakelijkheid; dat het eerste aspect van het beschreven nadeel hetzij werkelijkheid is geworden, hetzij louter hypothetisch is; dat de laatste examengedeeltes daadwerkelijk plaats hebben gehad, maar dat het, gelet op het ontoereikende aantal gebrevetteerden, lang niet vaststaat dat "het lang zal duren" eer nieuwe examens gehouden worden; dat het niet-slagen van verzoeker hem wellicht een moreel nadeel berokkent, maar dat de mogelijkheid van zulk een niet-slagen inherent is aan elk examen en het nadeel dat daaruit voortvloeit met een annulatiearrest kan worden goedgemaakt; dat ten slotte het diskrediet dat het gevolg kan zijn geweest van het niet-slagen van verzoeker thans gecompenseerd is door het feit dat hij ondanks dat niet-slagen wederom aangewezen is voor het uitoefenen van de functie van studieprefect in dezelfde instelling, waardoor hij deze blijk van vertrouwen zal kunnen aanvoeren tegen degenen die hem zouden bekritiseren; dat niet bewezen is dat er een gevaar bestaat voor een ernstig en moeilijk te herstellen nadeel; Overwegende dat niet voldaan is aan een van de voorwaarden die vervuld moeten zijn wil de schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden handeling door de Raad van State kunnen worden bevolen, BESLUIT: Artikel 1. De examencommissie van de Franse Gemeenschap voor het tweede gedeelte van het examen met het oog op het verkrijgen van het brevet van studieprefect wordt buiten de zaak gesteld. Artikel 2. De vordering tot schorsing wordt afgewezen. VIIIk - 4508 - 4/5 Artikel 3. De beslissing over de kosten wordt in beraad gehouden. Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting, op acht september tweeduizend vier door: Mevr. GEHLEN, staatsraad, wnd. voorzitter, Mevr. LEJEUNE, toegevoegd griffier. De toegevoegd Griffier, De wnd. Voorzitter, L. LEJEUNE S. GEHLEN VERTALING OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 63, EERSTE LID, VAN DE WETTEN OP DE RAAD VAN STATE, GECOÖRDINEERD OP 12 JANUARI 1973. VIIIk - 4508 - 5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.134.720 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.146.889 ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.183.476 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

Explication IA à partir du texte officiel de la loi. Indicatif, ne remplace pas un conseil juridique.