← België

Arrest 135526 - - 29/09/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 september 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.135.526 Rolnummer: A. 137139/VII-34295 Zaak: Arrest 135526 - - 29/09/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-10-06 Raadplegingen: 52 - laatst gezien 2026-07-04 10:14 Fiche Arrest nr 135.526 van 29 september 2004 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 135.526 van 29 september 2004 in de zaak A. 137.139/XIV-15.

  1. In zake : XXX, die woonplaats kiest bij Advocaat R. JESPERS, kantoor houdende te 2100 DEURNE-ANTWERPEN, Sint-Rochusstraat 59 tegen : de Commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen. ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------- -- DE VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat XXX, van Soedanese nationaliteit, op 27 mei 2003 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van de beslissing van de Commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen van 18 april 2003 tot bevestiging van de beslissing van de Minister van Binnenlandse Zaken van 21 januari 2003 tot weigering van verblijf, met bevel om het grondgebied van het Rijk te verlaten; Gezien het verzoekschrift dat de verzoekende partij op dezelfde dag heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van dezelfde beslissing; Gelet op de beschikking van 13 juni 2003 waarbij aan de verzoekende partij het voordeel van de kosteloze rechtspleging wordt verleend; Gelet op artikel 26 van het koninklijk besluit van 9 juli 2000 houdende bijzondere procedureregeling inzake geschillen over beslissingen betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door Eerste Auditeur-afdelingshoofd H. VERHULST, op grond van artikel 26 van voormeld koninklijk besluit; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de partijen; Gelet op de beschikking van 18 mei 2004 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 15 september 2004; XIV-15.260-1/3 Gehoord het verslag van Kamervoorzitter A. BEIRLAEN; Gehoord de opmerkingen van verzoeker, die persoonlijk verschijnt, van Advocaat I. FLACHET die, loco Advocaat R. JESPERS verschijnt voor de verzoekende partij en van Adjunct-adviseur G. DESNYDER, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van Eerste Auditeur-afdelingshoofd H. VERHULST; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
  2. Over de ontvankelijkheid van het beroep. Overwegende dat ambtshalve dient te worden opgeworpen dat de verzoekschriften tot schorsing en nietigverklaring niet ontvankelijk zijn ratione temporis; dat uit de stukken van het administratief dossier blijkt dat de bestreden beslissing op donderdag 24 april 2003 aangetekend werd verzonden aan de gekozen woonplaats van verzoeker; dat, wanneer de bestreden beslissing per aangetekend schrijven wordt betekend, ervan wordt uitgegaan dat de betekening één dag later plaatsvond; dat bijgevolg dient te worden aangenomen dat de betekening plaatsvond op vrijdag 25 april 2003; dat vermits de verzoekschriften tot schorsing en nietigverklaring op dinsdag 27 mei 2003 aangetekend werden verzonden naar de Raad van State, de beroepstermijn van dertig dagen werd overschreden, vermits de laatst nuttige dag op maandag 26 mei 2003 viel; Overwegende dat de raadsman verzoekende partij ter terechtzitting staande houdt dat hij het verzoekschrift wel degelijk tijdig heeft verzonden; dat hij ter staving een bewijs van aangetekende zending aan de Raad van State voorlegt, met als datum 26 mei 2003; Overwegende dat uit het dossier blijkt dat de omslag waarin het inleidend verzoekschrift werd ingediend, door de Post werd afgestempeld te 1040 Brussel op 27 mei 2003; dat het bewijs van aangetekende zending dat de raadsman van verzoeker thans voorlegt, afgestempeld werd te Deurne op 26 mei 2003; dat hieruit duidelijk blijkt dat het voorgelegde bewijs van aangetekende zending betrekking heeft op een ander door verzoekers raadsman bij de Raad van State ingediend stuk; dat aldus terdege kan worden vastgesteld dat het beroep niet ontvankelijk is ratione temporis, BESLUIT: Artikel
  3. XIV-15.260-2/3 De vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring worden verworpen. Artikel
  4. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negenentwintig september tweeduizend en vier, door : de H. A. BEIRLAEN, kamervoorzitter, Mevr. K. LIEVENS, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, K. LIEVENS. A. BEIRLAEN. XIV-15.260-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.135.526 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.144.529 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.