← België

Arrest 137048 - - 08/11/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 08 november 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.137.048 Rolnummer: A. 129711/IX-3620 Zaak: Arrest 137048 - - 08/11/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-11-22 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-07-04 13:27 Fiche Arrest nr 137.048 van 8 november 2004 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 137.048 van 8 november 2004 in de zaak A. 129.711/IX-

  1. In zake : de VZW ANDIBEL, die woonplaats kiest bij advocaat P. CALUS, kantoor houdende te OOSTKAMP, Sint-Elooisstraat 46 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Consumentenzaken, Volksgezondheid en Leefmilieu, thans de ministers van Sociale Zaken en Volksgezondheid en de minister van Leefmilieu, die woonplaats kiest bij advocaat J.-F. DE BOCK, kantoor houdende te BRUSSEL, Tasson-Snelstraat
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de VZW ANDIBEL op 25 november 2002 heeft ingediend om de gedeeltelijke vernietiging te vorderen van het koninklijk besluit van 22 augustus 2002 tot wijziging van het koninklijk besluit van 7 december 2001 tot vaststelling van de lijst van dieren die gehouden mogen worden; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij op 11 april 2003; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer uitspraak zal doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Gelet op het schrijven van de verzoekende partij van 25 juli 2003, waarbij zij vraagt om te worden gehoord; IX-3620-1/3 Gelet op de beschikking van 23 juli 2004, houdende oproeping van de partijen om te verschijnen op 11 oktober 2004; Gehoord het verslag van staatsraad A. VANDENDRIESSCHE; Gehoord de opmerkingen van advocaat P. CALUS, die verschijnt voor de verzoekende partij, en van advocaat J.-F. DE BOCK, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur L. VERMEIRE; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat bij het versturen van een kopie van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij de hoofdgriffier melding heeft gemaakt van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973 en van artikel 14bis, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van zestig dagen, gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van wederantwoord aan de griffie heeft toegestuurd; dat krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid, vastgesteld dient te worden dat het vereiste belang ontbreekt om de gevorderde nietigverklaring te verkrijgen; Overwegende dat de raadsman van de verzoekende partij, die gevraagd had te worden gehoord, ter terechtzitting uiteenzet dat de onderhavige zaak verband vertoont met een ander dossier dat bij de Raad van State hangende is (de zaak G/A. 119.604/IX-3366); dat evenwel, aangezien de twee dossiers niet samen- gevoegd zijn, zulks voor de verzoekende partij geen reden mocht zijn om de op haar rustende verplichting om een memorie van wederantwoord in te dienen, naast zich neer te leggen, IX-3620-2/3 BESLUIT: Artikel
  3. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  4. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op acht november 2000 en vier, door : de H. A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. A. VANDENDRIESSCHE. IX-3620-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.137.048 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.