id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 09 november 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.137.083 Rolnummer: A. 73620/VII-15312 Zaak: Arrest 137083 - - 09/11/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-11-23 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-07-04 13:32 Fiche Arrest nr 137.083 van 9 november 2004 - Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 137.083 van 9 november 2004 in de zaak A. 73.620/VII-15.
- In zake : Paula HEYLEN, die woonplaats kiest bij Advocaat K. BELMANS, kantoor houdende te GEEL, Possonsdries 7 tegen : de bestendige deputatie van de provincieraad van ANTWERPEN. ---------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Paula HEYLEN op 17 maart 1997 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van "het besluit van de Bestendige Deputatie van de Provincieraad van Antwerpen van 9 januari 1997, waarbij het beroep, door haar ingediend tegen het besluit van het College van Burgemeester en Schepenen van Kasterlee van 19 augustus 1996 houdende weigering van vergunning aan haar tot het exploiteren van een paardenfokkerij te 2460 Kasterlee (Lichtaart), Eerselingen 47, 2de afdeling, sectie D, nr. 67 d, ongegrond werd verklaard en het besluit van het College van Burgemeester en Schepenen van Kasterlee van 19 augustus 1996 werd bevestigd"; Gezien de memorie van antwoord en de memorie van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur G. DE BLEECKERE; Gelet op de beschikking van 13 mei 2004, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 19 mei 2004; VII-15.312-1/3 Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure heeft ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 99,16 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. VII-15.312-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negen november tweeduizend en vier, door : Mevr. M.-R. BRACKE, kamervoorzitter, Mevr. A. WIJNANTS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. WIJNANTS. M.-R. BRACKE. VII-15.312-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.137.083 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.