id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 09 november 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.137.134 Rolnummer: A. 154463/XII-4234 Zaak: Arrest 137134 - - 09/11/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-11-24 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-07-04 13:43 Fiche Arrest nr 137.134 van 9 november 2004 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 137.134 van 9 november 2004 in de zaak A. 154.463/XII-
- In zake : Alfonsine AERTS, wonende te Olen, Oevelseweg 92 tegen : de GEMEENTE OLEN, die woonplaats kiest bij advocaat G. Van den Eynde, kantoor houdende te Geel, Diestseweg
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Alfonsine Aerts op 4 augustus 2004 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “[h]et besluit van de gemeenteraad van Olen van 5 mei 2004 houdende: Personeel. Bibliotheek. Kennisname standpunt van de minister van binnenlandse aangelegenheden inzake het beëindigen van de arbeidsovereenkomst van en het betalen van een verbrekingsvergoeding aan Ann Aerts. Goedkeuring”; Gezien het verslag opgesteld door auditeur D. Mareen, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op de beschikking van 30 september 2004, houdende bevel tot neerlegging van het verslag en waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 26 oktober 2004; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van staatsraad J. Lust; Gehoord de opmerkingen van advocaat S. Cauwenberghs, die loco advocaat G. Van den Eynde verschijnt voor de verwerende partij; XII-4234-1/3 Gehoord het eensluidend advies van auditeur D. Mareen; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat verzoekster en verwerende partij verschillende arbeidsovereenkomsten van bepaalde duur sluiten, de laatste voor tien maanden vanaf 1 maart 2000 tot 31 december 2000; dat, met een brief van 22 december 2000, door de burgemeester en de gemeentesecretaris “[n]amens het college van burgemeester en schepenen” ondertekend, aan verzoekster een C4-formulier wordt toegestuurd, omdat het contract op 31 december 2000 ten einde loopt; dat, op vordering van verzoekster, de arbeidsrechtbank te Turnhout bij vonnis van 27 januari 2003 vaststelt dat partijen geacht moeten worden verbonden te zijn geweest door een arbeidsover- eenkomst voor onbepaalde duur, die enkel met een opzegtermijn kan beëindigd worden, dat verwerende partij door op 31 december 2000 een document C4 af te geven duidelijk de overeenkomst heeft beëindigd en dat verzoekster dan ook terecht aanspraak maakt op een verbrekingsvergoeding van drie maanden loon; Overwegende dat op 22 september 2003 de Vlaamse minister van Binnenlandse Aangelegenheden, Cultuur, Jeugd en Ambtenarenzaken aan de verwerende partij schrijft dat er voor het uitbetalen van de verbrekingsvergoeding aan verzoekster een uitvoerbare titel vereist is, gebaseerd op een besluit dat de principes van het administratief recht eerbiedigt, en dat zo een besluit over de beëindiging van de arbeidsovereenkomst van verzoekster tot de bevoegdheid van de gemeenteraad behoort; dat de gemeenteraad op 5 mei 2004 van het standpunt van de minister kennis neemt en beslist dat conform het vonnis van 27 januari 2003 van de arbeidsrechtbank te Turnhout, de arbeidsovereenkomst met verzoekster op 31 december 2000 door het verstrijken van de termijn een einde heeft genomen en dat verzoekster terecht aanspraak maakt op een verbrekingsvergoeding gelijk aan drie maanden loon, “zodat deze dient uitbetaald, wat inmiddels geschiedde op 20 september 2001”; Overwegende dat de bestreden beslissing klaarblijkelijk kadert in de contractuele rechtsverhouding die ten gevolge van de arbeidsovereenkomst(en) tussen verzoekster en de verwerende partij is ontstaan; dat ter zake, gelet op de artikelen 144 en 145 van de Grondwet, de rechtbanken van de rechterlijke macht XII-4234-2/3 bevoegd zijn; dat ambtshalve wordt vastgesteld dat de Raad van State te dezen kennelijk zonder rechtsmacht is, BESLUIT: Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 175 euro, komen ten laste van verzoekster. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negen november 2004, door : de HH. J. LUST, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK. J. LUST. XII-4234-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.137.134 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.