id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 november 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.137.321 Rolnummer: A. 90439/X-9439 Zaak: Arrest 137321 - - 19/11/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-11-25 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-07-04 14:10 Fiche Arrest nr 137.321 van 19 november 2004 - Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE.nr. 137.321 van 19 november 2004 in de zaak A. 90.439/X-
- In zake :
- Jacqueline ALLAERT,
- Roger BOERJAN, die woonplaats kiezen bij Advocaat W. DE CUYPER, kantoor houdende te 9100 SINT-NIKLAAS, Vijfstraten 57 tegen :
- de stad DEINZE, die woonplaats kiest bij Advocaat D. MATTHYS, kantoor houdende te 9000 GENT, Sint-Annaplein 34
- het Vlaamse Gewest, dat woonplaats kiest bij Advocaat V. TOLLENAERE, kantoor houdende te 9000 GENT, Koning Albertlaan
- tussenkomende partijen :
- Rudy VAN HOOREBEKE,
- Catherine GEEREGAT, die woonplaats kiezen bij Advocaat P. AERTS, kantoor houdende te 9000 GENT, Coupure
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Jacqueline ALLAERT en Roger BOERJAN op 24 maart 2000 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 22 februari 2000 van het college van burgemeester en schepenen van de stad Deinze waarbij aan Rudy VAN HOOREBEKE en Catherine GEEREGAT de bouwvergunning wordt verleend tot het uitbreiden van een eengezinswoning met praktijk voor kinesist op een perceel gelegen te Deinze, Tolpoortstraat 14, kadastraal bekend Sectie B, nr. 269m; Gelet op het arrest nr. 90.979 van 22 november 2000 waarbij het verzoek tot tussenkomst van Rudy VAN HOOREBEKE en Catherine GEEREGAT in het administratief kort geding wordt ingewilligd, de vordering tot schorsing van X-9439-1/4 de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen, de uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld en de kosten van de tussenkomst in de schorsingsprocedure ten laste van de tussenkomende partijen worden gelegd; Gelet op het verzoekschrift tot voortzetting van het geding van 11 januari 2001 ingediend door de verzoekende partijen; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van 28 februari 2001 ingediend door Rudy VAN HOOREBEKE en Catherine GEEREGAT; Gelet op de beschikking van 21 maart 2001 die de tussenkomst van Rudy VAN HOOREBEKE en Catherine GEEREGAT toelaat; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur P. BARRA; Gelet op de beschikking van 7 juli 2004, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partijen op 19 juli 2004; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partijen, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partijen melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; X-9439-2/4 Overwegende dat de verzoekende partijen binnen de termijn van dertig dagen, bepaald in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure hebben ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te hunnen aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt; dat, op grond van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent, de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partijen binnen een termijn van vijftien dagen vragen om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partijen niet hebben gevraagd om te worden gehoord, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 347,06 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. De kosten van het beroep, bepaald op 347,06 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 247,90 euro, komen ten laste van de tussenkomende partijen, elk voor de helft. X-9439-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negentien november 2004, door : de HH. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, B. COLLIN, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, B. COLLIN. J. BOVIN. X-9439-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.137.321 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2000:ARR.90.979 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.