id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 30 november 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.137.779 Rolnummer: A. 155063/XII-4241 Zaak: Arrest 137779 - - 30/11/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-12-08 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-07-04 15:11 Fiche Arrest nr 137.779 van 30 november 2004 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 137.779 van 30 november 2004 in de zaak A. 155.063/XII-
- In zake : Aline CATTEEUW, vertegenwoordigd door Joël CATTEEUW en Marie-Astrid VERBANCK handelend in hoedanigheid van wettige vertegenwoordigers, die woonplaats kiezen bij advocaten P. Thomas en D. Vandermarliere, kantoor houdende te Koksijde, Zeelaan 172 tegen : de VZW IMMACULATA-INSTITUUT DE PANNE, die woonplaats kiest bij advocaat B. Staelens, kantoor houdende te Brugge, Canadesen Hof, Bevrijdingslaan 4, bus
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Aline Catteeuw, vertegenwoordigd door Joël Catteeuw en Marie-Astrid Verbanck handelend in hoedanigheid van wettige vertegenwoordigers, op 26 augustus 2004 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 19 juli 2004 van het schoolbestuur van de vzw Immaculata Instituut om de delibererende klassenraad niet opnieuw samen te roepen; Gelet op het arrest nr. 134.471 van 31 augustus 2004, waarbij de vordering tot schorsing van dezelfde beslissing bij uiterst dringende noodzakelijkheid wordt verworpen; Gezien het verslag over het beroep tot nietigverklaring opgemaakt door auditeur D. Mareen op grond van artikel 94 van het besluit van de regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; XII-4241-1/3 Gelet op de beschikking van 8 september 2004 houdende bevel tot neerlegging van het verslag over het beroep tot nietigverklaring en waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 21 september 2004; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van staatsraad G. van Haegendoren; Gehoord de opmerkingen van advocaat D. Vandermarliere, die verschijnt voor verzoekster, en van advocaat B. Staelens, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur D. Mareen; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat ter terechtzitting blijkt dat het organiserend gezag van de verwerende partij op 7 september 2004 de bestreden beslissing heeft ingetrokken; dat niet wordt betwist dat door die intrekking het beroep zonder voorwerp valt en “doelloos” wordt in de zin van artikel 93, tweede lid, van het algemeen procedurereglement; dat het moet worden verworpen; dat dit evenwel niet betekent dat verzoekster te beschouwen zou zijn als de in artikel 68, voorlaatste lid, van het algemeen procedurereglement bedoelde “partij die ten gronde in het ongelijk gesteld wordt”, ten laste van wie de kosten dienen te worden gelegd; dat die vaststelling niet anders moet zijn omdat, zoals verwerende partij opmerkt, verzoekster geen verzoek tot voortzetting heeft ingediend; dat immers dergelijk verzoek nog niet mogelijk was toen het auditoraatsverslag op grond van artikel 94 van het procedurereglement werd opgesteld en aan verzoekster samen met de datum van de openbare terechtzitting werd betekend, omdat dit gebeurde vooraleer haar het schorsingsarrest is betekend; dat vervolgens een verzoek tot voortzetting harerzijds zinloos is geworden aangezien de procedure ten gronde door de verkorte procedure reeds was voortgezet; dat er in de concrete omstandigheden van de zaak reden is de kosten ten laste van de verwerende partij te leggen, XII-4241-2/3 BESLUIT: Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op dertig november 2004, door : de HH. G. VAN HAEGENDOREN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK. G. VAN HAEGENDOREN. XII-4241-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.137.779 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.134.471 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.