id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 december 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.138.028 Rolnummer: A. 148326/IX-4079 Zaak: Arrest 138028 - - 06/12/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-12-15 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-07-04 15:36 Fiche Arrest nr 138.028 van 6 december 2004 - Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing Het arrest nr. 138.028 van 6 december 2004 is gewijzigd door arrest nr. 138.519 van 16 december
- RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 138.028 van 6 december 2004 in de zaak A. 148.326/IX-
- In zake : Hendrik BOGAERT, die woonplaats kiest bij advocaten S. RONSE en D. VAN HEUVEN, kantoor houdende te KORTRIJK, President Kennedypark 8B tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, die woonplaats kiest bij advocaat A. HAELTERMAN, kantoor houdende te BRUSSEL, Marsveldplein
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Hendrik BOGAERT op 3 maart 2004 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het koninklijk besluit van 9 januari 2004 tot uitvoering van de artikelen 2, § 1, zevende lid, 4, § 2, 6, § 3, tweede lid, en 10, van de wet van 31 december 2003 houdende invoering van een eenmalige bevrijdende aangifte; Gelet op het arrest nr. 133.174 van 28 juni 2004 waarbij de schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt bevolen en de uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten wordt uitgesteld; Gelet op de kennisgeving van dat arrest aan de verwerende partij op 12 juli 2004; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 15bis, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, dat de kamer uitspraak zal doen over de vernietiging van de beslissing waarvan de schorsing is bevolen en dat IX-4079 zij met ingang van de kennisgeving over een termijn van vijftien dagen beschikken om te vragen gehoord te worden; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat naar luid van artikel 17, § 4bis, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, de Raad van State de akte of het reglement kan nietig verklaren waarvan de schorsing gevorderd wordt indien, binnen dertig dagen te rekenen van de kennisgeving van het arrest waarbij de schorsing wordt bevolen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging is ingediend door de verwerende partij of degene die belang heeft bij de beslechting van het geschil; Overwegende dat de verwerende partij binnen de termijn van dertig dagen geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging heeft ingediend; dat er reden is om de beslissing waarvan de schorsing van de tenuitvoerlegging is bevolen nietig te verklaren, BESLUIT: Artikel
- Vernietigd wordt het koninklijk besluit van 9 januari 2004 tot uitvoering van de artikelen 2, § 1, zevende lid, 4, § 2, 6, § 3, tweede lid, en 10, van de wet van 31 december 2003 houdende invoering van een eenmalige bevrijdende aangifte. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verwerende partij. IX-4079 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zes december 2000 en vier, door : de H. L. HELLIN, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. L. HELLIN. IX-4079 RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 138.519 van 16 december 2004 in de zaak A. 148.326/IX-
- In zake : Hendrik BOGAERT, die woonplaats kiest bij advocaten S. RONSE en D. VAN HEUVEN, kantoor houdende te KORTRIJK, President Kennedypark 8B tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, die woonplaats kiest bij advocaten A. HAELTERMAN en B. WILMS, kantoor houdende te BRUSSEL, Marsveldplein
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Hendrik BOGAERT op 3 maart 2004 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het koninklijk besluit van 9 januari 2004 tot uitvoering van de artikelen 2, § 1, zevende lid, 4, § 2, 6, § 3, tweede lid, en 10 van de wet van 31 december 2003 houdende invoering van een eenmalige bevrijdende aangifte; Gelet op het arrest nr. 133.174 van 28 juni 2004 waarbij de schorsing van de tenuitvoerlegging wordt bevolen van artikel 3 van het koninklijk besluit van 9 januari 2004 tot uitvoering van de artikelen 2, § 1, zevende lid, 4, § 2, 6, § 3, tweede lid, en 10 van de wet van 31 december 2003 houdende invoering van een eenmalige bevrijdende aangifte; Gelet op het arrest nr. 138.028 van 6 december 2004; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; IX-4079 Overwegende dat luidens artikel 15 bis, § 1 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, zoals vervangen door artikel 1 van het koninklijk besluit van 26 juni 2000, niet méér kan worden vernietigd dan de akte waarvan de schorsing is bevolen; dat de geschorste akte te dezen artikel 3 van het voornoemde koninklijk besluit van 9 januari 2004 betreft; Overwegende dat in het beschikkend gedeelte van het arrest nr. 138.028 van 6 december 2004 derhalve een materiële vergissing is geslopen; dat de woorden “artikel 3” tussen “Vernietigd wordt” en “van het koninklijk besluit” zijn weggevallen; dat het arrest moet worden verbeterd zoals hierna bepaald, BESLUIT: Enig artikel. Vernietigd wordt artikel 3 van het koninklijk besluit van 9 januari 2004 tot uitvoering van de artikelen 2, § 1, zevende lid, 4, § 2, 6, § 3, tweede lid, en 10, van de wet van 31 december 2003 houdende invoering van een eenmalige bevrijdende aangifte. IX-4079 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zestien december 2000 en vier, door : de H. L. HELLIN, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. L. HELLIN. IX-4079 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.138.028 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.133.174 gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.138.519 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.