id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 16 december 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.138.519 Rolnummer: A. 148326/IX-4079 Zaak: Arrest 138519 - - 16/12/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-12-20 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-07-04 16:33 Fiche Arrest nr 138.519 van 16 december 2004 - Beslissing : Vernietiging verbeterend arrest Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 138.519 van 16 december 2004 in de zaak A. 148.326/IX-
- In zake : Hendrik BOGAERT, die woonplaats kiest bij advocaten S. RONSE en D. VAN HEUVEN, kantoor houdende te KORTRIJK, President Kennedypark 8B tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, die woonplaats kiest bij advocaten A. HAELTERMAN en B. WILMS, kantoor houdende te BRUSSEL, Marsveldplein
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Hendrik BOGAERT op 3 maart 2004 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het koninklijk besluit van 9 januari 2004 tot uitvoering van de artikelen 2, § 1, zevende lid, 4, § 2, 6, § 3, tweede lid, en 10 van de wet van 31 december 2003 houdende invoering van een eenmalige bevrijdende aangifte; Gelet op het arrest nr. 133.174 van 28 juni 2004 waarbij de schorsing van de tenuitvoerlegging wordt bevolen van artikel 3 van het koninklijk besluit van 9 januari 2004 tot uitvoering van de artikelen 2, § 1, zevende lid, 4, § 2, 6, § 3, tweede lid, en 10 van de wet van 31 december 2003 houdende invoering van een eenmalige bevrijdende aangifte; Gelet op het arrest nr. 138.028 van 6 december 2004; IX-4079-1/3 Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat luidens artikel 15 bis, § 1 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, zoals vervangen door artikel 1 van het koninklijk besluit van 26 juni 2000, niet méér kan worden vernietigd dan de akte waarvan de schorsing is bevolen; dat de geschorste akte te dezen artikel 3 van het voornoemde koninklijk besluit van 9 januari 2004 betreft; Overwegende dat in het beschikkend gedeelte van het arrest nr. 138.028 van 6 december 2004 derhalve een materiële vergissing is geslopen; dat de woorden “artikel 3” tussen “Vernietigd wordt” en “van het koninklijk besluit” zijn weggevallen; dat het arrest moet worden verbeterd zoals hierna bepaald, BESLUIT: Enig artikel. Vernietigd wordt artikel 3 van het koninklijk besluit van 9 januari 2004 tot uitvoering van de artikelen 2, § 1, zevende lid, 4, § 2, 6, § 3, tweede lid, en 10, van de wet van 31 december 2003 houdende invoering van een eenmalige bevrijdende aangifte. IX-4079-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zestien december 2000 en vier, door : de H. L. HELLIN, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. L. HELLIN. IX-4079-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.138.519 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.133.174 ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.138.028 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.