← België

Arrest 138834 - - 23/12/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 december 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.138.834 Rolnummer: A. 74130/VII-15446 Zaak: Arrest 138834 - - 23/12/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-12-29 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-07-04 17:13 Fiche Arrest nr 138.834 van 23 december 2004 - Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 138.834 van 23 december 2004 in de zaak A. 74.130/VII-15.446 In zake : de b.v.b.a. Pluimveebedrijf DEN HARRO, die woonplaats kiest bij Advocaat M.-J. DEUSS, kantoor houdende te BILZEN, Rode Kruislaan 142a tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij Advocaat M. VANDEPUT, kantoor houdende te HASSELT, Kol. Dusartplein 34, bus

  1. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de b.v.b.a. Pluimveebedrijf DEN HARRO op 26 april 1997 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het besluit van de Vlaamse minister van Leefmilieu en Tewerkstelling van 21 februari 1997 waarbij de beroepen tegen het besluit van de bestendige deputatie van de provincieraad van Limburg van 9 september 1993 houdende de vergunning bij uitbreiding met 16.000 kippen en bijbehorende mestopslag van 482 m³ voor een termijn van 5 jaar aan Leon VAN HERCK, rechtsvoorganger van de b.v.b.a. Pluimveebedrijf DEN HARRO, zonder voorwerp worden verklaard en het beroepen besluit wordt vernietigd wegens het ontbreken van een milieueffectenrapport; Gelet op het arrest nr. 66.157 van 6 mei 1997 waarbij de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit wordt verworpen en de kosten ten laste van de verzoekende partij worden gelegd; Gelet op het verzoekschrift tot voortzetting van het geding ingediend door de verzoekende partij; Gezien de memorie van antwoord en de memorie van wederantwoord; VII-15.446-1/3 Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur G. DE BLEECKERE; Gelet op de beschikking van 14 september 2004, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 21 september 2004; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij met een schrijven van 18 oktober 2004 aan de Raad van State heeft meegedeeld dat zij, “om reden dat het landbouwbedrijf reeds geruime tijd werd stop gezet”, geen verzoek tot voortzetting van de procedure zal indienen; dat krachtens de voormelde wetsbepalingen te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
  2. De afstand van het geding wordt vastgesteld. VII-15.446-2/3 Artikel
  3. De kosten van het beroep, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op drieëntwintig december tweeduizend en vier, door : Mevr. M.-R. BRACKE, kamervoorzitter, Mevr. A. WIJNANTS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. WIJNANTS. M.-R. BRACKE. VII-15.446-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.138.834 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:1997:ARR.66.157 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.