← België

Arrest 139670 - - 24/01/2005

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 januari 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.139.670 Rolnummer: A. 156408/X-12087 Zaak: Arrest 139670 - - 24/01/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-04-25 Raadplegingen: 51 - laatst gezien 2026-07-02 06:55 Fiche Arrest nr 139.670 van 24 januari 2005 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 139.670 van 24 januari 2005 in de zaak A. 156.408/X-12.

  1. In zake : de n.v. ECON, gevestigd te 3500 HASSELT, Ploegstraat 9 tegen : de bestendige deputatie van de provincieraad van LIMBURG. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de n.v. ECON op 27 september 2004 heeft ingediend waarbij zij "beroep( aantekent) tegen de gedeeltelijke beslissing van de bestendige deputatie van de provincie Limburg (van 15 juli 2004), namelijk tegen het niet inwilligen voor de regularisatie van de garage tot tuinberging" te Hasselt, Ploegstraat 9, op een perceel kadastraal bekend Sectie D, nummer 929 a; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur A. EYLENBOSCH, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op de beschikking van 8 november 2004, houdende bevel tot neerlegging van het verslag over het beroep tot nietigverklaring en waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 26 november 2004; Gelet op de mededeling van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van Staatsraad J. BOVIN; Gehoord de opmerkingen van de afgevaardigde bestuurder, M. NILIS die verschijnt voor de verzoekende partij, en van bestuurssecretaris C. LAMBRECHTS, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van Auditeur A. EYLENBOSCH; X-12.087-1/4 Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat luidens artikel 2, § 1, 2/, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State het verzoekschrift onder meer "een uiteenzet- ting van de feiten en middelen" dient te bevatten; dat onder "middel" in de zin van deze bepaling moet worden verstaan de voldoende duidelijke omschrijving van de overtreden rechtsregel en van de wijze waarop die regel door de bestreden rechtshandeling wordt geschonden; Overwegende dat verzoekende partij in het verzoekschrift uiteenzet wat volgt : "Deel III : standpunten tegen de deelbeslissing van de bestendige deputatie voor wat betreft de garage.
  2. Het NIET bestaan van de voormalige garage vóór 1962 kan NIET aangetoond worden. 1a) op de kadastrale legger is de voormalige garage niet vermeld, maar deze legger dateert van vóór
  3. 1b) op de luchtfoto's die wij konden inzien valt de eigendom in de snijlijn van twee luchtfoto's, zodat zelfs de bestaande woning ook niet kan worden waargenomen.
  4. In bijlage treft U FOTO van de vorige bewoonster (heeft er gewoond sedert 1958), met duidelijk de bestaande garage op de achtergrond, tegen de Ploegstraat, naast de inrit, electriciteitspaal en (intussen volgroeid) bos aan de rechterkant. Deze garage werd door de bewoners steeds gebruikt.
  5. Architectenbureel LENS te Hasselt heeft in 1995 plannen opgemaakt voor renovatie van de woning. Ook hier heeft Architect LENS reeds duidelijk het betaan van de garage getekend en duidelijk met pijlen aangeduid : 'BESTAANDE GARAGE'
  6. Op 09 mei 1996 hebben wij GOEDGEKEURD PLAN ontvangen : ONDERTEKEND door Bestuur der Stad Hasselt, de Secretaris, en dienst Ruimtelijke Ordening, ER WERD GEEN ENKELE OPMERKING GE- MAAKT OMTRENT DE DUIDELIJK VERMELDE BESTAANDE GARA- GE.
  7. Er is géén hinder voor de omwonenden. De aanvraag tot regularisatie van de tuinberging/garage werd openbaar gemaakt volgens de regels in het uitvoeringsbesluit betreffende de openbare onderzoeken over aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning. ER WER- DEN "O" BEZWAARSCHRIFTEN INGEDIEND - (...) De tuinberging/garage ligt méér dan drie meter van de perceelsgrens.
  8. Het gebouw is NIET gelegen in een ruimtelijk kwetsbaar gebied.
  9. Het TOTALE BOUWVOLUME van : WONING + TUINBERGING/GARAGE + paardenstallen + pergola + hondenkennel, ALLES TESAMEN = 935,36 m3 Het BOUWVOLUME van alléén WONING + TUINBERGING/GARAGE = 723,09 m3 X-12.087-2/4 Deze berekening werd uitgevoerd en opgesteld door Architectenbureel LENS & ASS te Hasselt en reeds eerder mee ingediend bij de aanvraag voor goedkeuring. Wij menen te mogen besluiten dat de deelbeslissing door de bestendige deputatie van de Provincie Limburg, voor wat betreft het weigeren van een vergunning tot regularisatie van de garage tot tuinberging, tegensprekelijk is. - Het betreft een bestaand, niet-woongebouw - Het totale bouwvolume blijft binnen het maximaal toegelaten bouwvolume - De garage was niet verkrot (is door gerenommeerd Architechten bureel LENS & ASS op de plannen in 1995 nog omschreven als : 'Bestaande garage' en door bevoegde Stedenbouwkundige diensten mede-ondertekend. - Het nodige bewijsmateriaal wordt geleverd. Zodat zeker het vermoeden bestaat dat de constructie als vergund moet worden beschouwd. NOTE : De commissie van de bestendige deputatie van de Provincie Limburg had ons gevraagd om enig bewijs voor te leggen van het bestaan van de voormalige garage. De FOTO (...) van de vroegere bewoonster met de toenmalige garage hadden wij NIET TIJDIG in ons bezit. Bijgevolg is dit bewijs NIET voorgelegd aan de commissie van de bestendige deputatie Limburg."; Overwegende dat de argumenten die door verzoekster in haar uiteenzetting in het verzoekschrift worden naar voren gebracht zich beperken tot opportuniteitskritiek ten aanzien van de motieven van het bestreden besluit; dat zij niet op een voldoende duidelijke wijze aangeven welke rechtsregel werd overtreden en op welke wijze deze regel door het bestreden besluit wordt geschonden; dat het verzoekschrift geen middel bevat als bedoeld in voormeld artikel 2, § 1, 2/, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948; dat het beroep kennelijk niet ontvankelijk is, B E S L U I T: Artikel
  10. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  11. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. X-12.087-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vierentwintig januari 2005, door: de H. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. J. BOVIN. X-12.087-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.139.670 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.