id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 januari 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.139.862 Rolnummer: A. 156064/VII-32974 Zaak: Arrest 139862 - - 27/01/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-02-06 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-07-02 07:06 Fiche Arrest nr 139.862 van 27 januari 2005 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 139.862 van 27 januari 2005 in de zaak A. 156.064/VII-32.
- In zake : Maria SCHOUPPE, die woonplaats kiest bij advocaat C. LOCCUFIER, kantoor houdende te AALST, Posthoornstraat 7 tegen : het VLAAMS ZORGFONDS, dat woonplaats kiest bij advocaat B. STAELENS, kantoor houdende te BRUGGE, Canadesen Hof, Bevrijdingslaan 4, bus
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Maria SCHOUPPE op 14 september 2004 heeft ingediend om de "nietigverklaring of schorsing" te vorderen van de beslissing van 7 juli 2004 van de leidend ambtenaar van het Vlaams Zorgfonds waarbij haar bezwaarschrift tegen de beslissing van 22 april 2004 van de Christelij- ke Mutualiteiten-Zorgkas Vlaanderen met betrekking tot haar aanvraag tot tenlasteneming, ongegrond wordt verklaard; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door Eerste Auditeur E. LANCKSWEERDT, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gezien het verslag opgemaakt door Eerste Auditeur E. LANCKSWEERDT, op grond van artikel 12 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State; VII-32.974-1/3 Gelet op de beschikkingen van 2 december 2004, houdende bevel tot neerlegging van de verslagen en oproeping van de partijen om te verschijnen op 13 januari 2005; Gelet op de kennisgeving van de verslagen aan partijen; Gehoord het verslag van Staatsraad R. STEVENS; Gehoord de opmerkingen van advocaat K. HEIRMAN die, loco advocaat C. LOCCUFIER verschijnt voor de verzoekster, en van advocaat I. VERHELLE die, loco advocaat B. STAELENS verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van Eerste Auditeur E. LANCKSWEERDT; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- De vordering tot nietigverklaring Overwegende dat het verzoekschrift wel een aantal beschouwin- gen en grieven, doch geen enkel middel -d.i. een duidelijke uiteenzetting van de geschonden geachte rechtsregel, en van de wijze waarop deze door de bestreden beslissing zou zijn geschonden- bevat; dat artikel 2, § 1, 2/, van het algemeen procedurereglement nochtans voorschrijft dat het verzoekschrift o.m. een uiteenzetting van middelen moet bevatten; dat het verzoekschrift dan ook kennelijk onontvankelijk is;
- De "vordering" tot schorsing Overwegende dat, in zoverre het verzoekschrift geacht zou kunnen worden ook een vordering tot schorsing in te houden -er wordt immers een "vraag tot nietigverklaring of schorsing" ingediend-, dient te worden vastgesteld dat uit de kennelijke niet-ontvankelijkheid van de hoofdvordering, ook volgt dat de accessoire "vordering" tot schorsing kennelijk onontvankelijk is; dat ze bovendien eveneens kennelijk niet ontvankelijk is, omdat ze, in strijd met de duidelijke bewoordingen VII-32.974-2/3 van artikel 17, § 3, van de Raad van State-wet, in dezelfde akte werd geformuleerd als deze waarin de vordering tot nietigverklaring werd ingeleid, BESLUIT: Artikel
- Het annulatieberoep en de vordering tot schorsing worden verworpen. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekster. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zevenentwintig januari tweeduizend en vijf, door : de H. R. STEVENS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. A. WIJNANTS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. WIJNANTS. R. STEVENS. VII-32.974-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.139.862 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.