id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 17 februari 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.140.756 Rolnummer: A. 120508/XII-4250 Zaak: Arrest 140756 - - 17/02/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-02-25 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-07-02 07:48 Fiche Arrest nr 140.756 van 17 februari 2005 - Beslissing : heropening debatten Opnieuw vastgesteld Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 140.756 van 17 februari 2005 in de zaak A. 120.508/XII-
- In zake : Vera DE MOOR, wonende te Merelbeke, Sparrenstraat 61 tegen : de VLAAMSE AUTONOME HOGESCHOOL GENT, die woonplaats kiest bij advocaat E. Bral, kantoor houdende te Gent, Henleykaai 3 R. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, XIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Vera De Moor op 30 april 2002 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “de beslissing van het hogeschoolbestuur van de Vlaamse Autonome Hogeschool Gent, genomen in de persoon van de algemeen directeur, van [28 maart 2002], waarbij de leden van het opvoedend hulppersoneel die tot de voormalige Mercator Hogeschool behoorden, vanaf de fusie, onder de prestatie- en vakantieregeling komen van de Vlaamse Autonome Hogeschool Gent”; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgesteld door eerste auditeur-afdelingshoofd R. Van Der Gucht; Gelet op de beschikking van 28 september 2004 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memories; Gelet op de beschikking van 29 november 2004 en 9 november 2004 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 18 januari 2005; XII-4152-1/4 Gehoord het verslag van staatsraad E. Brewaeys; Gehoord de opmerkingen van advocaat I. Martens, die loco advocaat E. Bral verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het advies van eerste auditeur-afdelingshoofd R. Van Der Gucht; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- De feiten.
- Verzoekster trad in dienst van het Provinciaal Instituut voor Hoger Onderwijs (PIHO) op 16 november 1977 als lid van het opvoedend hulppersoneel in het ambt van studiemeester-opvoeder.
- Op 1 september 1995 werd, in uitvoering van het decreet van 13 juli 1994 betreffende de hogescholen in de Vlaamse Gemeenschap (hierna : hogescholendecreet), de Mercator Hogeschool rechtsopvolger van het PIHO. Bij besluit van 8 december 1999 van de provincieraad wordt de Mercator Hogeschool met ingang van 1 januari 2000 omgevormd tot een autonoom provinciebedrijf (APB Mercator).
- Op 1 oktober 2001 fuseert de Mercator Hogeschool met de Vlaamse Autonome Hogeschool Gent. De overeenkomst tot fusie bepaalt uitdrukkelijk in artikel 3, § 1 dat de benoemde personeelsleden van de Mercator- school worden overgenomen met al hun rechten als benoemd personeelslid.
- Ingevolge die fusiebeslissing wordt verzoekster, als vastbenoemd personeelslid van de Mercator, in dezelfde statutaire toestand waarin ze zich bevindt op het ogenblik van de fusie, zijnde 29 september 2001, overgenomen door de Hogeschool Gent.
- Op 20 februari 2002 verstuurde verzoekster een brief naar het hoofd van het departement Informatisering en Coördinatie, waarin het volgende werd gesteld : XII-4152-2/4 “(...) Zoals u weet ben ik bibliotheekmedewerker verbonden aan het departement Bedrijfskunde Mercator. Mijn status is die van vast benoemd opvoedend hulppersoneel. Blijkbaar is er nog steeds onduidelijkheid over de vakantieregeling die op mij van toepassing is. Mijn drie lotgenoten (opvoedend hulppersoneel ex- Mercator) hebben hierover een brief aan hun departementshoofd geschreven. Ik wens mij hier uitdrukkelijk bij aan te sluiten. Het fusieprotocol vermeldt immers dat het Mercator personeel met al zijn rechten wordt overgenomen door Hogeschool Gent. Ik heb bij de stichting van de nieuwe Mercator Hogeschool niet gekozen voor een administratieve carrière, maar was tevreden met de voor- en nadelen van mijn toestand van 'uitstervend ras'. Dit betekende dat ik koos voor de oude werk- en vakantieregeling (36 uur/week en vakantie zoals het secundair onderwijs) en dat ik afzag van een administratieve loopbaan met graadsverhogingen, hogere weddes, enz. Ik besluit dus dat ik die keuze verder wil blijven houden; dit is immers de consequentie van mijn oorspronkelijke weloverwogen besluit. (...)”;
- Bij brief van 28 maart 2002 deelt de algemeen directeur mede : “(...) In antwoord op uw brief die u heeft geschreven aan de heer Landuyt, sectorhoofd Informatisering en coördinatie, moet ik u melden dat de leden van het Opvoedend Hulppersoneel die tot de voormalige Mercator Hogeschool behoorden, vanaf de fusie, onder de prestatie- en vakantieregeling komen van de Hogeschool Gent. De details betreffende deze prestatie- en vakantieregeling voor het academiejaar 2001-2002 kan men terugvinden in beslissing B/BC/2000/PER/
- (...) ”. Overwegende dat de gegevens van de zaak mogelijk kunnen uitwijzen dat de bestreden beslissing niet rechtscheppend van aard is en dat verzoekster wezenlijk aanspraak maakt op de prestatie- en vakantieregeling waaraan zij onderworpen was in de schoot van de Mercator Hogeschool en die zij beweert voort te genieten op grond van de fusieovereenkomst met de Vlaamse Autonome Hogeschool; dat dit de vraag doet rijzen of de bestreden beslissing wel voor vernietiging vatbaar is en, zelfs, of de door de verzoekende partij aangebrachte betwisting niet eventueel de schending van een subjectief recht tot werkelijk voorwerp heeft waaromtrent de Raad van State krachtens artikel 144 van de Grondwet zonder rechtsmacht is; Overwegende dat, teneinde de partijen toe te laten zich over deze kwesties uit te spreken, het debat wordt heropend, XII-4152-3/4 BESLUIT: Artikel
- De debatten worden heropend. Artikel
- De zaak wordt opnieuw vastgesteld op de terechtzitting van 15 maart
- Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zeventien februari 2005, door de XIIe kamer, die was samengesteld uit : de HH. J. LUST, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, E. BREWAEYS, staatsraad, C. ADAMS, staatsraad, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. J. LUST. XII-4152-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.140.756 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.146.111 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.