← België

Arrest 141207 - - 24/02/2005

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 februari 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.141.207 Rolnummer: A. 147235/X-11748 Zaak: Arrest 141207 - - 24/02/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-03-10 Raadplegingen: 55 - laatst gezien 2026-07-02 08:06 Fiche Arrest nr 141.207 van 24 februari 2005 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 141.207 van 24 februari 2005 in de zaak A. 147.235/X-11.

  1. In zake : Walter KUYLEN, die woonplaats kiest bij Advocaten E. VAN DER MUSSELE en Y. VANDEN BOSCH, kantoor houdende te 2018 ANTWERPEN, Justitiestraat 18A tegen : het Vlaamse Gewest, dat woonplaats kiest bij Advocaat J. CLAES, kantoor houdende te 2550 KONTICH, Mechelsesteenweg
  2. tussenkomende partij : de n.v. MOBISTAR, die woonplaats kiest bij Advocaat P. MALLIEN, kantoor houdende te 2000 ANTWERPEN, Meir
  3. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Walter KUYLEN op 3 februari 2004 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van :
  4. het besluit van 4 november 2003 van de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar waarbij aan de n.v. MOBISTAR de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor "het plaatsen van een tijdelijke pyloon met een hoogte van 36m, voor meerdere operators, waarop 3 antennes aangebracht w(...)orden" op een perceel gelegen te Kapellen, Kalmthoutsesteenweg, en
  5. het daaraan voorafgaand gunstig advies van 5 mei 2003 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Kapellen; Gelet op het arrest nr. 133.444 van 2 juli 2004 waarbij het verzoek tot tussenkomst van de n.v. MOBISTAR in het administratief kort geding wordt ingewilligd, de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen, de uitspraak over de bijdrage in de betaling X-11.748-1/4 van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld en de kosten van de tussenkomst in de schorsingsprocedure ten laste van de tussenkomende partij worden gelegd; Gezien het verzoekschrift tot voortzetting van het geding van 6 juli 2004 ingediend door de verzoekende partij; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van de n.v. MOBIS- TAR van 16 augustus 2004; Gelet op de beschikking van 19 november 2004 die de tussenkomst van de n.v. MOBISTAR toelaat; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij op 14 september 2004; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat bij het versturen van een afschrift van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij de Hoofdgriffier melding heeft gemaakt van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördi- neerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administra- tie van de Raad van State; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van zestig dagen, bepaald in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van wederantwoord aan de griffie heeft toegestuurd; dat krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid, vastgesteld dient te worden dat het vereiste belang om de gevorderde nietigverklaring te verkrijgen, ontbreekt; dat, op grond van artikel 14bis, § 1, van voornoemd besluit van de Regent, de kamer uitspraak zal doen onder X-11.748-2/4 aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat het beroep niet ontvankelijk is, BESLUIT: Artikel
  6. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  7. De kosten van het beroep, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. X-11.748-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vierentwintig februari 2005, door : de HH. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, B. COLLIN, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, B. COLLIN. J. BOVIN. X-11.748-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.141.207 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.133.444 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.