← België

Arrest 143156 - - 15/04/2005

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 15 april 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.143.156 Rolnummer: A. 155559/XII-4258 Zaak: Arrest 143156 - - 15/04/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-04-27 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-07-02 10:34 Fiche Arrest nr 143.156 van 15 april 2005 - Beslissing : Vernietiging Verwerping overige Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 143.156 van 15 april 2005 in de zaak A. 155.559/XII-

  1. In zake : Marc GOOSSENS, die woonplaats kiest bij advocaat Chr. D’Haese, kantoor houdende te Aalst, Graanmarkt 10 tegen : de STAD DENDERMONDE, die woonplaats kiest bij advocaat J. Nijs, kantoor houdende te Dendermonde, Noordlaan 82-
  2. -------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Marc Goossens op 13 september 2004 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “
  3. Het besluit van de gemeenteraad van de stad Dendermonde dd. 14 juli 2004 waarbij dertien betrekkingen brandweermannen worden vacant verklaard.
  4. Het besluit van de gemeenteraad van de stad Dendermonde dd. 14 juli 2004 waarbij 13 brandweerlieden tussentijds worden aangesteld”; Gezien het verzoekschrift dat Marc Goossens eveneens op 13 september 2004 heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging van dezelfde beslissingen te vorderen; XII-4258-1/7 Gezien het verslag over het beroep tot nietigverklaring opgesteld door auditeur B. Thys, op grond van artikel 94 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gezien het verslag over de vordering tot schorsing opgemaakt door auditeur B. Thys; Gelet op de beschikkingen van 31 januari 2005, houdende bevel tot neerlegging van het verslag over het beroep tot nietigverklaring en waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 1 maart 2005; Gelet op de kennisgeving van de verslagen aan partijen; Gehoord het verslag van staatsraad J. Lust; Gehoord de opmerkingen van advocaat K. Borms, die loco advocaat Chr. D’Haese verschijnt voor verzoeker, en van advocaat M. Cottiels, die loco advocaat J. Nijs verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur B. Thys; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; De voorgaanden
  5. Overwegende dat de gemeenteraad van Dendermonde op 19 december 2003 twaalf betrekkingen van brandweerman bij de stedelijke vrijwillige brandweerdienst vacant verklaart; dat er zich 32 kandidaten aanmelden, onder wie verzoeker; dat er blijkens het verslag van 20 januari 2004 van de examencommissie dertien geslaagden zijn; dat verzoeker daar niet bij is; dat hij medisch geschikt is XII-4258-2/7 bevonden en in de lichamelijke-geschiktheidsproeven slaagde, maar slechts 5 op 120 punten heeft behaald voor de mondelinge selectieproef; dat op 18 februari 2004 de gemeenteraad Bob Van Hoyweghen, Jürgen Bijl, Johan Haems, Peter Rediger, Steven Vander Straeten, Robby Testard, Steven Dauwe, Dennis Verhofstadt, Olivier Monsaert, Bernice De Spiegeleir, Jan Van Verre en Alfred D’Hollander aanstelt tot stagiair-brandweerman, en Peter Merckx opneemt in de wervingsreserve; dat op 18 mei 2004 de gemeenteraad ook Peter Merckx tot stagiair-brandweerman bij de stedelijke vrijwillige brandweerdienst aanstelt; Overwegende dat op 14 juli 2004 de gemeenteraad zijn voormelde beslissing van 18 februari 2004 intrekt en het “besluit d.d. 20 januari 2004 van de examenjury” “uit het rechtsverkeer” neemt, om te vermijden dat de Raad van State, op vordering van verzoeker, de vernietiging ervan uitspreekt; dat tevens de gemeenteraadsbeslissing van 18 mei 2004 wordt ingetrokken; dat, voorts, de gemeenteraad opnieuw dertien betrekkingen van brandweerman vacant verklaart; dat dit de eerste bestreden beslissing is; dat, nog steeds op 14 juli 2004, Bob Van Hoyweghen, Jürgen Bijl, Johan Haems, Peter Rediger, Steven Vander Straeten, Robby Testard, Steven Dauwe, Dennis Verhofstadt, Olivier Monsaert, Bernice De Spiegeleir, Jan Van Verre, Alfred D’Hollander en Peter Merckx tot uiterlijk 31 december 2004 worden aangesteld als tussentijds stagiair-brandweerman bij de stedelijke vrijwillige brandweer; dat dit de tweede aangevochten beslissing is; Het beroep tot nietigverklaring
  6. Overwegende dat de gemeenteraad van Dendermonde op 20 oktober 2004 de eerste bestreden beslissing heeft ingetrokken; dat hierdoor het beroep wat die beslissing betreft zonder voorwerp is gevallen en klaarblijkelijk als onontvankelijk moet worden verworpen; 3.
  7. Overwegende dat volgens verwerende partij het beroep ook onontvankelijk is in zoverre het tegen de tweede aangevochten beslissing is gericht; dat zij betoogt dat verzoeker het eigenlijk aan de Raad van State overlaat te bepalen XII-4258-3/7 of de aanstelling tot tussentijds stagiair-brandweerman meebestreden wordt, dat er geen verknochtheid tussen de bestreden beslissingen bestaat en dat verzoeker geen belang er bij heeft om de tussentijdse aanstelling van de brandweerlieden aan te vechten; 3.
  8. Overwegende dat de vermeldingen van het beroep tot nietig- verklaring geen twijfel er over laten bestaan dat verzoeker de vernietiging beoogt én van het gemeenteraadsbesluit van 14 juli 2004 tot vacantverklaring én van het gemeenteraadsbesluit van 14 juli 2004 tot tussentijdse aanstelling, met dien verstande dat hij “expliciet” het voorwerp van het beroep tot het eerstgenoemde besluit beperkt indien geen verknochtheid tussen de beide besluiten wordt aangenomen; dat zodoende verzoeker het voorwerp van het beroep duidelijk genoeg heeft omschreven; Overwegende dat de bestreden besluiten van 14 juli 2004 er allebei toe strekken de moeilijkheden te ondervangen waartoe de noodgedwongen intrekking, van dezelfde dag, van de gemeenteraadsbesluiten van 18 februari 2004 en 18 mei 2004 aanleiding geeft; dat, anders dan verwerende partij beweert, verzoeker géén middelen aanvoert “die nu eens betrekking hebben op het ene dan wel op het andere besluit en dan weer op beiden, zonder voor elk middel te verduidelijken op welke rechtshandeling het betrekking had”; dat hij een enig middel aanvoert waarvan het eerste onderdeel uitsluitend de eerste bestreden beslissing betreft en het tweede onderdeel uitsluitend de tweede bestreden beslissing; dat er reden is om aan te nemen dat, indien de beslissingen met afzonderlijke beroepen waren bestreden, die beroepen in het belang van een goede rechtsbedeling moesten zijn samengevoegd; dat tussen de beslissingen een voldoende samenhang bestaat opdat de vorderingen tot nietigverklaring ervan ontvankelijk middels een en hetzelfde verzoekschrift kunnen worden aangebracht; Overwegende dat verwerende partij ter toelichting van verzoekers gebrek aan belang bij de vernietiging van de aangevochten tussentijdse aanstelling argumenteert dat “indien deze tussentijdse aanstelling (van kandidaten die rechtsgeldig hadden gekandideerd en geslaagd waren in de fysische en mondelinge proeven) niet XII-4258-4/7 zou hebben plaatsgevonden, [...] dit niet als gevolg [zou] hebben gehad dat verzoeker wél zou zijn aangesteld”; dat die argumentatie niet kan overtuigen, al was het maar omdat de gemeenteraad op 14 juli 2004 niet alleen de raadsbesluiten van 18 februari 2004 en 18 mei 2004 heeft ingetrokken, maar ook het besluit van 20 januari 2004 van de examenjury uit het rechtsverkeer heeft genomen, zodat de dertien tussentijdse brandweerlieden die naderhand zijn aangesteld, evenmin geacht kunnen worden in de voorgeschreven examenproeven geslaagd te zijn als verzoeker; dat de tweede bestreden beslissing niettemin de kwestieuze dertien brandweerlieden wél tussentijds aanstelt en verzoeker niét; dat laatstgenoemde zich hierdoor terecht gegriefd mag voelen; dat hij van een voldoende belang bij het beroep tegen de tweede bestreden beslissing doet blijken; Overwegende dat de besproken excepties verworpen worden; dat het beroep tegen de tweede aangevochten beslissing ontvankelijk is; 4.
  9. Overwegende, ten gronde, dat verzoeker in het tweede onderdeel van het enig middel aanvoert dat de tussentijdse aanstelling van dertien stagiair- brandweerlieden, in strijd met onder meer de materiële motiveringsvereiste, op onwettige motieven berust doordat de beslissing expliciet verwijst “naar het behalen van het brandweerbrevet door de gemeente, alsmede het feit dat [de betrokkenen] reeds zijn ingeschakeld in de reguliere werking van de brandweer”; 4.
  10. Overwegende dat verwerende partij ten onrechte van mening is dat het middel onvoldoende wordt toegelicht en dat de motivering van de bestreden beslissing correct en afdoende is; Overwegende dat, blijkens de formele motivering van de beslissing, de keuze voor de aangestelde stagiair-brandweerlieden wezenlijk hierop steunt dat zij het brandweerbrevet behaald hebben en al ingeschakeld zijn in de reguliere werking, meer bepaald in de opgestelde uurroosters “reeds zijn opgenomen om bepaalde taken uit te voeren”; XII-4258-5/7 Overwegende dat die inschakeling in de gewone werking slechts mogelijk was op grond van de gemeenteraadsbesluiten van 18 februari 2004 en 18 mei 2004; dat deze besluiten evenwel, vanwege een verwachte vernietiging door de Raad van State, zijn ingetrokken; dat ten gevolge van de intrekking, in rechte geen rekening meer mag worden gehouden met de besluiten en evenmin nog met hun feitelijke uitvoering; dat de gemeenteraad daar in de beslissing van 14 juli 2004 tot tussentijdse aanstelling van dertien stagiair-brandweerlieden duidelijk aan voorbijgaat; dat aldus een doorslaggevend motief voor de aangevochten aanstelling blijkt aangetast te zijn; Overwegende dat het middel kennelijk gegrond is; dat het de vernietiging van de betrokken beslissing meebrengt; De vordering tot schorsing
  11. Overwegende dat ten gevolge van de intrekking, respectievelijk de hierna uit te spreken vernietiging van de bestreden beslissingen, de vordering tot schorsing haar zin verliest; dat zij verworpen dient te worden, BESLUIT: Artikel
  12. Vernietigd wordt het besluit van 14 juli 2004 van de gemeenteraad van Dendermonde om Bob Van Hoyweghen, Jürgen Bijl, Johan Haems, Peter Rediger, Steven Vander Straeten, Robby Testard, Steven Dauwe, Dennis Verhofstadt, Olivier Monsaert, Bernice De Spiegeleir, Jan Van Verre, Alfred D’Hollander en Peter Merckx aan te stellen tot tussentijds stagiair- brandweerman bij de stedelijke vrijwillige brandweer Dendermonde, tot uiterlijk 31 december
  13. XII-4258-6/7 Artikel
  14. Het beroep tot nietigverklaring wordt voor het overige verworpen. Artikel
  15. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
  16. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vijftien april 2005, door : de HH. J. LUST, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK. J. LUST. XII-4258-7/7 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.143.156 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.