← België

Arrest 143462 - - 21/04/2005

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 21 april 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.143.462 Rolnummer: A. 83595/VII-18206 Zaak: Arrest 143462 - - 21/04/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-04-29 Raadplegingen: 57 - laatst gezien 2026-07-02 11:13 Fiche Arrest nr 143.462 van 21 april 2005 - Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 143.462 van 21 april 2005 in de zaak A. 83.595/VII-18.

  1. In zake : de n.v. LUCKY GAMES, die woonplaats kiest bij advocaat A. FLIEGER, kantoor houdende te ANTWERPEN, Mechelsesteenweg 82 tegen : de bestendige deputatie van de provincieraad van LIMBURG. ---------------------------------------------------------------------------------------------------- --- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de n.v. LUCKY GAMES op 19 april 1999 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het besluit van 11 maart 1999 van de bestendige deputatie van de provincieraad van Limburg waarbij haar beroep tegen het besluit van 9 september 1998 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Genk houdende weigering van de vergunning voor het exploiteren van een lunapark aan de Vennestraat 177 te Genk, ongegrond wordt verklaard en het beroepen besluit wordt bevestigd; Gezien de memorie van antwoord en de memorie van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur P. SOURBRON; Gelet op de beschikking van 20 januari 2005, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 25 januari 2005; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; VII-18.206-1/3 Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure heeft ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
  2. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  3. De kosten van het beroep, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. VII-18.206-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op eenentwintig april tweeduizend en vijf, door : de H. R. STEVENS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. A. WIJNANTS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. WIJNANTS. R. STEVENS. VII-18.206-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.143.462 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.