id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 april 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.143.524 Rolnummer: A. 87168/X-9336 Zaak: Arrest 143524 - - 22/04/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-05-03 Raadplegingen: 51 - laatst gezien 2026-07-02 11:18 Fiche Arrest nr 143.524 van 22 april 2005 - Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE.nr. 143.524 van 22 april 2005 in de zaak A. 87.168/X-
- In zake :
- Rudy DE BACKER,
- Miranda THONNON,
- de n.v. PAC-MAN,
- Lucienne GOFFART-PIERS, die woonplaats kiezen bij Advocaat M. DENYS, kantoor houdende te 1000 BRUSSEL, Grote Hertstraat 12 tegen :
- het Vlaamse Gewest, dat woonplaats kiest bij Advocaat B. BRONDERS, kantoor houdende te 8400 OOSTENDE, E. Beernaertstraat 106,
- de stad OOSTENDE, die woonplaats kiest bij Advocaat B. ROELANDTS, kantoor houdende te 9000 GENT, Kasteellaan
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Rudy DE BACKER, Miranda THONNON, de n.v. PAC-MAN en Lucienne GOFFART-PIERS op 7 oktober 1999 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 8 juli 1999 van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Vervoer en Ruimtelijke Ordening, "in zoverre daarbij een bijzonder plan van aanleg nr. 126 A 'Stadscentrum-Kursaal' van de stad Oostende, met inbegrip van een onteigeningsplan, wordt goedgekeurd, bepaald wordt dat het algemeen nut de onmiddellijke inbezitneming vordert van onroerende goederen aangegeven op voornoemd onteigeningsplan, en waarbij aan de stad Oostende machtiging tot onteigening wordt verleend, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 7 oktober 1999; Gelet op het arrest nr. 89.729 van 20 september 2000 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen en de uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld; X-9336-1/3 Gelet op het verzoekschrift tot voortzetting van het geding van 31 oktober 2000 ingediend door de verzoekende partijen; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur P. BARRA; Gelet op de beschikking van 7 juli 2004, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partijen op 20 juli 2004; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partijen, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de Hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partijen melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Overwegende dat de verzoekende partijen binnen de termijn van dertig dagen, bepaald in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure hebben ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te hunnen aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt; dat, op grond van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent, de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partijen binnen een termijn van vijftien dagen vragen om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partijen niet hebben gevraagd om te worden gehoord, X-9336-2/3 BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- Dit arrest wordt bekendgemaakt op dezelfde wijze als het bestreden besluit. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 1388,24 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor een vierde. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op tweeëntwintig april 2005, door : de HH. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, B. COLLIN, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, B. COLLIN. J. BOVIN. X-9336-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.143.524 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2000:ARR.89.729 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.