id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 mei 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.144.806 Rolnummer: A. 162458/IX-4888 Zaak: Arrest 144806 - - 23/05/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-05-27 Raadplegingen: 65 - laatst gezien 2026-07-02 15:36 Fiche Arrest nr 144.806 van 23 mei 2005 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 144.806 van 23 mei 2005 in de zaak A. 162.458/IX-
- In zake : Carine LAUREYS, die woonplaats kiest bij advocaat Chr. CAUWE, kantoor houdende te GENT (SINT-DENIJS-WESTREM), Kerkwegel 1 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door :
- de minister van Justitie,
- de Nederlandstalige Benoemingscommissie voor het Notariaat, die woonplaats kiest bij advocaat P. PEETERS, kantoor houdende te BRUSSEL, Brederodestraat
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Carine LAUREYS op 12 mei 2005 heeft ingediend om bij uiterst dringende noodzakelijkheid de schorsing te vorderen van de tenuitvoerlegging van : “- de beslissing van de Nederlandstalige Benoemingscommissie voor het Notariaat, verder genoemd de Benoemingscommissie, van 16 maart 2005, houdende weigering om verzoekster uit te nodigen op het mondelinge gedeelte van het vergelijkend examen voor de rangschikking van kandidaat-notarissen, aangezien verzoekster geen 60 % van de punten zou hebben behaald op het schriftelijk gedeelte van het vergelijkend examen 2005 voor de rangschikking van kandidaat- notarissen; - de voorlopige rangschikking van de meest geschikte kandidaten op basis van de resultaten van het schriftelijk en mondeling gedeelte van het vergelijkend examen 2005 opgesteld door de Nederlandstalige Benoemingscommissie voor het Notariaat overeenkomstig artikel 39, § 5, van de Wet tot regeling van het Notarisambt van 16.03.1803; - de weigering van de Nederlandstalige Benoemingscommissie voor het Notariaat dd. 29 april 2005, op 9 mei 2005 door verzoekster ontvangen, om aan verzoekster IX-4888-1/5 inzage en afschrift te verlenen van de examenvragen, de door haar gegeven antwoorden op het schriftelijk examen van 5 maart 2005 en de door de Benoemingscommissie gehanteerde richtlijnen bij de verbetering ervan”; Gezien het gelijktijdig ingediende verzoekschrift, waarbij dezelfde verzoekende partij de vernietiging vordert van dezelfde beslissing; Gezien de nota van de verwerende partij; Gelet op de beschikking van 13 mei 2005 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 19 mei 2005, om 10.00 uur; Gehoord het verslag van kamervoorzitter J. DE BRABANDERE; Gehoord de opmerkingen van advocaat Chr. CAUWE, die verschijnt voor verzoekster en van advocaat P. PEETERS, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelingshoofd W. VAN NOTEN; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- Overwegende dat verzoekster op 5 maart 2005 deel heeft genomen aan het schriftelijk gedeelte van het vergelijkend examen met het oog op de rangschikking bedoeld in artikel 39, § 2, van de wet van 25 ventôse jaar XI op het notarisambt -hierna: de ventôsewet; dat haar met aangetekende brief van 16 maart 2005 namens de Nederlandstalige Benoemingscommissie wordt medegedeeld dat zij geen 60 % van de punten behaald heeft en dat zij bijgevolg niet uitgenodigd zal worden voor het mondeling gedeelte van het examen; dat die brief ook vermeldt dat desgevallend uitleg kan worden verstrekt bij de examenresultaten en dat tegen de beslissing van de beroepscommissie een annulatieberoep kan worden ingesteld bij de Raad van State; dat dit de eerste handeling is waarvan verzoekster de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid vraagt; dat verzoekster met een brief van 17 maart 2005 “zo spoedig mogelijk” inzage vraagt van het examen; dat zij op 15 april 2005 haar examenkopij en de modelantwoorden kan inzien; dat verzoekster met een brief IX-4888-2/5 van 18 april 2005 een aantal bezwaren formuleert; dat de benoemingscommissie met een brief van 29 april 2005, welke verzoekster verklaart pas op 9 mei te hebben ontvangen, die bezwaren beantwoordt en besluit: “wij betwijfelen het nut van een tweede uitoefening van uw inzagerecht, vermits u reeds gedurende twee uur kennis hebt kunnen nemen van uw examen en de modelantwoorden”; dat dit laatste de derde handeling uitmaakt waarvan verzoekster de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid vraagt; dat intussen het mondeling gedeelte van het voornoemde examen wordt afgenomen en de benoemingscommissie reeds op 25 maart 2005 de in artikel 39, § 5, van de ventôsewet bedoelde voorlopige rangschikking opmaakt, tweede voorwerp van de vordering; dat verzoekster op 12 mei 2005 de onderhavige vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid instelt;
- Overwegende dat luidens artikel 17, §§ 1 en 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid kan worden besloten onder de drievoudige voorwaarde dat een uiterst dringende noodzakelijkheid voorhanden is, dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen; 3.
- Overwegende dat verzoekster het moeilijk te herstellen ernstig nadeel dat zij vreest te zullen ondergaan en de noodzaak om dat met een vordering bij uiterst dringende noodzakelijkheid te vermijden in eerste instantie als volgt omschrijft : “De onmogelijkheid om deel te nemen aan het mondeling gedeelte van het examen en aldus opgenomen te worden in de voorlopige rangschikking van de meest geschikte kandidaten op basis van de resultaten van het schriftelijk en mondeling gedeelte van het vergelijkend examen 2005 leveren in hoofde van verzoekster het bewijs van de uiterst dringende noodzakelijkheid van de gevorderde schorsing en van het moeilijk te herstellen ernstig nadeel. Zelfs het voeren van een normale schorsingsprocedure zou niet toelaten om tijdig de verzending van de voorlopige rangschikking aan de Minister van Justitie overeenkomstig art. 39, § 5, van de Wet op het Notarisambt tegen te houden, zodat de mogelijkheid dat verzoekster alsnog wordt opgenomen op de definitieve lijst voor 2005 uitgesloten is indien de schorsing van de tenuitvoer- legging van de voormelde beslissingen niet wordt bevolen.”; IX-4888-3/5 3.
- Overwegende dat voor zover wordt aangenomen dat verzoekster een moeilijk te herstellen ernstig nadeel zou kunnen vermijden door alsnog toegelaten te worden voor het mondeling examengedeelte teneinde aldus haar kansen te vrijwaren om in de voorlopige en definitieve rangschikkingslijst voor 2005 opgenomen te worden, zij inderdaad een vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid tegen de eerste bestreden handeling diende in te stellen, aangezien te dezen uit artikel 39, § 3, samengelezen met artikel 35, § 2, van de ventôsewet volgt dat de kandidaten ten laatste op 30 maart 2005 uitgenodigd dienden te worden om het mondeling gedeelte af te leggen; dat verzoekster echter gewacht heeft om haar vordering in te stellen, niet alleen tot nadat zij inzage had gekregen van haar examenkopij en de modelantwoorden, maar na ook nog een willig beroep te hebben ingesteld bij de benoemingscommissie; dat, aangezien de overheid niet verplicht is naar aanleiding van een willig beroep haar beslissing te heroverwegen, verzoeker door het instellen van een dergelijk beroep zonder meteen ook de Raad van State te adiëren, het uiterst dringend karakter van de zaak ontkracht heeft; dat overigens een schorsing van de eerste bestreden handeling het door verzoekster aangevoerde nadeel niet meer kan goed maken, aangezien op het ogenblik dat zij haar vordering instelde de mondelinge proef reeds had plaatsgehad; dat de door verzoekster verdacht gevonden haast waarmede de benoemingscommissie heeft gehandeld aan die vaststelling geen afbreuk doet, aangezien verzoekster haar vordering heeft ingesteld meer dan een maand nadat de wettelijke termijn voor het organiseren van de mondelinge proef was verstreken; Overwegende dat aangezien een der voorwaarden om de schorsing uit te spreken van de weigering om verzoekster uit te nodigen voor het mondeling gedeelte van het vergelijkend examen niet vervuld is, uit de vermeende onwettigheid van die weigering niet kan volgen dat de voorlopige rangschikking moet worden geschorst; dat wat betreft die tweede bestreden handeling op het stuk van de uiterst dringende noodzakelijkheid trouwens dezelfde redenering moet worden gevolgd als ten aanzien van de eerste; Overwegende dat de derde bestreden handeling, voor zover zij werkelijk een weigering uitmaakt om nogmaals inzage te verlenen in het examen- dossier, in deze stand van het geding beschouwd dient te worden als een louter voorbereidende handeling welke niet voor schorsing vatbaar is; IX-4888-4/5 Overwegende dat aan het eerste van de door artikel 17, paragrafen 1 en 2 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State niet is voldaan; dat die vaststelling volstaat om de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijk- heid af te wijzen, BESLUIT: Artikel
- De vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid wordt verworpen. Artikel
- De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid wordt uitgesteld. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op drieëntwintig mei 2000 en vijf, door : de H. J. DE BRABANDERE, kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. J. DE BRABANDERE. IX-4888-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.144.806 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.154.503 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.