← België

Arrest 146463 - - 22/06/2005

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 juni 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.146.463 Rolnummer: Zaak: Arrest 146463 - - 22/06/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-07-01 Raadplegingen: 61 - laatst gezien 2026-07-02 18:48 Fiche Arrest nr 146.463 van 22 juni 2005 - Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 146.463 van 22 juni 2005 in de zaak A. 94.345/IX-2483 A. 97.974/IX-2620 A. 101.757/IX-2762 A. 108.320/IX-

  1. In zake : Claudine DESMIJTER, wonende te ZONNEBEKE-PASSENDALE, Statiestraat 86 tegen : het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn van de gemeente Wervik, dat woonplaats kiest bij advocaten M. DECRAMER en J.-M. VANSTAEN, kantoor houdende te WERVIK, Nieuwstraat
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien een eerste verzoekschrift dat Claudine DESMIJTER op 7 augustus 2000 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van13 juni 2000 van de raad voor maatschappelijk welzijn van Wervik, waarbij haar preventieve schorsing wordt verlengd voor een periode van vier maanden, ingaand op 21 juni 2000 en eindigend op 20 oktober 2000; Gezien een tweede verzoekschrift dat Claudine DESMIJTER op 30 november 2000 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 28 september 2000 van de raad voor maatschappelijk welzijn van Wervik, waarbij haar preventieve schorsing wordt verlengd voor een periode van vier maanden, ingaand op 21 oktober 2000 en eindigend op 20 februari 2001; Gezien een derde verzoekschrift dat Claudine DESMIJTER op 14 maart 2001 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit 29 januari 2001 van de raad voor maatschappelijk welzijn van Wervik, waarbij haar preventieve schorsing wordt verlengd voor een periode van vier maanden, ingaand op 21 februari 2001 en eindigend op 20 juni 2001; IX-2483-1/3 Gezien een vierde verzoekschrift dat Claudine DESMIJTER op 31 juli 2001 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 31 mei 2001 van de raad voor maatschappelijk welzijn van Wervik, waarbij haar preventieve schorsing wordt verlengd voor een periode van vier maanden, ingaand op 21 juni 2001 en eindigend op 20 oktober 2001; Gelet op het arrest nr. 91.881 van 22 december 2000 in de zaak A. 94.345/IX-2483 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen en de uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld; Gelet op het verzoekschrift tot voortzetting van het geding van 19 februari 2001 ingediend door verzoeker in de zaak A. 94.345/IX-2483; Gezien de memories van antwoord en de memories van wederant- woord; Gezien het verslag opgesteld door auditeur B. THYS; Gelet op de beschikking van 13 oktober 2004 tot voeging van de zaken; Gelet op de beschikking van 13 oktober 2004, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 15 november 2004; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; IX-2483-2/3 Overwegende dat verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzet- ting van de procedure heeft ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
  3. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  4. De kosten van de vordering tot schorsing en van de beroepen, tot nietigverklaring, bepaald op 867,65 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op tweeëntwintig juni 2000 en vijf, door : de H. J. DE BRABANDERE , kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. J. DE BRABANDERE. IX-2483-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.146.463 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.