← België

Arrest 146485 - - 23/06/2005

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 juni 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.146.485 Rolnummer: A. 153244/XII-4187 Zaak: Arrest 146485 - - 23/06/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-06-27 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-07-02 18:55 Fiche Arrest nr 146.485 van 23 juni 2005 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 146.485 van 23 juni 2005 in de zaak A. 153.244/XII-

  1. In zake : de NV ANTWERPSE BOUWWERKEN, die woonplaats kiest bij advocaat L. Van Hout, kantoor houdende te Berlaar, Markt 78 tegen : de STAD GENT, die woonplaats kiest bij advocaat P. Devers, kantoor houdende te Gent, Kouter 71-
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de NV Antwerpse Bouwwerken op 28 juni 2004 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 11 maart 2004 waarbij “(...) het College van burgemeester en schepenen besliste in vergadering van 11 maart 2003 (bedoeld wordt 2004) de opdracht zoals beschreven in het bestek PA 06/2003 ‘Bouwen van de ondergrondse parkeergarage Ramen met een kantoorgebouw, 4 appartement, 1 duplexappartement, publiek sanitair en 10 regen- en waterdichte rijwoningen te Gent’ niet te gunnen (...)” en waarbij wordt gesteld “onderhavig verzoekschrift strekt tevens tot de nietigverklaring van het correlatieve besluit van de verwerende partij van onbekende datum waarbij beslist werd tot heraanbesteding”; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij op 9 november2004; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; XII-4187-1/3 Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer uitspraak zal doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat bij het versturen van een kopie van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij de hoofdgriffier melding heeft gemaakt van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van zestig dagen, gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van wederantwoord aan de griffie heeft toegestuurd; dat krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid, vastgesteld dient te worden dat het vereiste belang om de gevorderde nietigverklaring te verkrijgen, ontbreekt, BESLUIT: Artikel
  3. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  4. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. XII-4187-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op drieëntwintig juni 2005, door : de H. D. VERBIEST, kamervoorzitter, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-4187-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.146.485 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.