← België

Arrest 146573 - - 24/06/2005

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 juni 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.146.573 Rolnummer: A. 135187/X-11386 Zaak: Arrest 146573 - - 24/06/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-07-15 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-07-02 19:04 Fiche Arrest nr 146.573 van 24 juni 2005 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 146.573 van 24 juni 2005 in de zaak A. 135.187/X-11.

  1. In zake : de gemeente KRAAINEM tegen :
  2. de gemeente SINT-LAMBRECHTS-WOLUWE,
  3. het Brussels Hoofdstedelijk Gewest tussenkomende partijen :
  4. de v. z. w. S E CRE T ARIAT GENERAL DE L'ENSEIGNEMENT CATHOLIQUE (SEGEC),
  5. de v.z.w. CENTRE DE LANGUES A LOUVAIN-LA- NEUVE ET EN WOLUWE (CLL), die woonplaats kiezen bij Advocaat Fr. TULKENS, kantoor houdende te 1170 BRUSSEL, Terhulpsesteenweg 177/
  6. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de gemeente KRAAINEM op 8 april 2003 heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van de beslissing van 4 februari 2003 van de gemeente Sint-Lambrechts-Woluwe waarbij aan de v.z.w. SEGEC de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het bouwen van een gebouw voor uitrusting van algemeen belang op de hoek van de Mounierlaan 100 en de Kraainemlaan 61 te Sint-Lambrechts-Woluwe; Gezien het administratief dossier van de eerste verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur Ch. BAMPS; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 21 augustus 2003 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 10 oktober 2003; Gehoord het verslag van Staatsraad C. ADAMS; X-11.386-1/5 Gehoord de opmerkingen van Advocaat M. MAES die, loco Advocaten Fr. BALON en H. van LIDTH de JEUDE verschijnt voor de verzoekende partij, en van Advocaat Fr. TULKENS, die verschijnt voor de tussenkomende partijen; Gehoord het eensluidend advies van Eerste Auditeur- afdelingshoofd F. DE BUEL; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de v.z.w. SECRETARIAT GENERAL DE L'ENSEIGNEMENT CATHOLIQUE (SEGEC) en de v.z.w. CENTRE DE LANGUES A LOUVAIN-LA-NEUVE ET EN WOLUWE (CLL) met een verzoekschrift van 15 mei 2003 hebben gevraagd om in het administratief kort geding te mogen tussenkomen; dat er grond is om het verzoek in te willigen;
  7. Overwegende dat de eerste tussenkomende partij op 10 april 2002 een stedenbouwkundige vergunning vraagt voor het bouwen van een gebouw voor uitrusting van algemeen belang op de hoek van de Mounierlaan 100 en de Kraainemlaan 61 te 1200 Sint-Lambrechts-Woluwe; dat het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Kraainem na een openbaar onderzoek en gunstige adviezen de gevraagde vergunning met het bestreden besluit geeft; 2.
  8. Overwegende dat krachtens artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging kan worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten akte of verordening kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden akte of verordening een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen; 2.2.
  9. Overwegende dat de verzoekende partij wat de tweede voorwaarde betreft aanvoert dat bij uitvoering van de bestreden beslissing ernstige schade aan de levenskwaliteit op haar grondgebied wordt toegebracht, dat zij extra taken met betrekking tot de verkeersveiligheid op haar grondgebied op zich zou moeten nemen waardoor zij ernstig in haar patrimonium zou worden geraakt, dat het vergunde project op de meest schadelijke wijze voor de gemeente Kraainem is X-11.386-2/5 voorzien terwijl een aanpassing geen groter nadeel voor de gemeente Sint- Lambrechts-Woluwe zou doen ontstaan, dat de bescherming van haar inwoners essentieel is voor de verzoekende partij om haar woonfunctie te vrijwaren, dat de verwijdering van de groene berm een onherstelbaar nadeel met zich mee zou brengen omdat een andere bescherming van de woonzone niet mogelijk is, dat bij het ontwikkelen van het B.P.A. in 1972 reeds werd ingezien dat een groenzone rond de universitaire campus noodzakelijk was, dat anders een industrieel stadscentrumkarakter zal ontstaan en dat deze schade aan het imago van de gemeente niet of slechts zeer moeilijk herstelbaar zal zijn; 2.2.
  10. Overwegende dat de tussenkomende partijen in essentie stellen dat een stedenbouwkundige vergunning op zichzelf geen moeilijk te herstellen ernstig nadeel voor een gemeente inhoudt, dat de Raad van State reeds vorderingen tot schorsing door een gemeente tegen beslissingen tot vergunning van de uitbreiding van een chemische fabriek en het bouwen van een grote opslagplaats voor onderhoudsproducten heeft verworpen, dat de bescherming van haar inwoners geen persoonlijk belang voor een gemeente vormt, dat de vordering tot schorsing daarom moet worden verworpen, dat de bestreden beslissing bovendien als voorwaarde voorziet het opheffen van de parkeerplaatsen in open lucht ten gunste van een verharde herinrichting en het voorleggen van een herinrichtingsplan voor het begin der werken, dat het geheel van de site zal worden afgeschermd door een rij bestaande lindebomen langs de Kraainemlaan en de Mounierlaan, dat veel nieuwe aanplanting wordt voorzien langs de toegangswegen tot de parkings, voor de nieuwe gebouwen enzovoorts, dat de bestaande berm voor een groot deel wordt behouden, dat er derhalve geen visueel nadeel voor de niet in de procedure betrokken inwoners van de verzoekende partij bestaat, laat staan voor de verzoekende partij zelf, dat de beweringen over problemen van verkeersveiligheid volledig vrijblijvend zijn nu het niet gaat om grote auditoria maar om het organiseren van seminaries en opleidingen voor kleine groepen en dat het imago van de verzoekende partij niet in het gedrang komt; 2.2.
  11. Overwegende dat voor een openbare overheid als de verzoekende partij het bij artikel 17 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State vereiste nadeel persoonlijk is indien de bestreden beslissing de uitoefening van de overheidstaak of de bestuursopdracht waarmee die overheid is belast, verhindert of bemoeilijkt; dat het nadeel ernstig en moeilijk te herstellen is wanneer de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing de werking van haar diensten dermate X-11.386-3/5 in het gedrang zou brengen dat zij haar taken als gemeente niet meer zou kunnen uitoefenen en wanneer zij na een gebeurlijke vernietiging van de bestreden beslissing niet over de vereiste rechtsmiddelen zou beschikken om het herstel van de plaats in de vorige staat te verkrijgen; dat het nadeel van een gemeente niet kan worden gelijkgesteld met het nadeel dat haar bewoners lijden, bijvoorbeeld ingevolge visuele hinder of ander verlies van leefkwaliteit; Overwegende dat de verzoekende partij zich vooreerst beperkt tot algemene opmerkingen over de levenskwaliteit en de verkeersveiligheid op haar grondgebied, zonder op concrete en precieze wijze aan te geven waar de betreffende wijken zijn gelegen ten opzichte van het vergunde project en welke concrete gevolgen dat zal hebben voor de werking van de verzoekende partij zelf; dat zij aldus zeker niet aannemelijk maakt dat ernstige verkeershinder zal ontstaan; dat het voorgehouden verlies aan levenskwaliteit bovendien in hoofdzaak een nadeel in hoofde van de inwoners van de verzoekende partij en niet van de gemeente als openbare overheid vormt; dat de verzoekende partij ook niet aannemelijk maakt dat haar imago door de bouw van het vergunde project in het gedrang zou komen; dat de verzoekende partij met haar uiteenzetting derhalve geenszins aantoont dat de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing ertoe zou leiden dat haar patrimonium of de werking van haar diensten dermate in het gedrang zouden komen dat zij haar taken als overheid niet meer verder naar behoren zou kunnen uitvoeren; dat uit de uiteenzetting van de verzoekende partij niet blijkt dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van het bestreden besluit een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen in de zin van artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; dat die vaststelling volstaat om de vordering af te wijzen, BESLUIT: Artikel
  12. Het verzoek tot tussenkomst van de v.z.w. SECRETARIAT GENERAL DE L'ENSEIGNEMENT CATHOLIQUE (SEGEC) en van de v.z.w. CENTRE DE LANGUES A LOUVAIN-LA-NEUVE ET EN WOLUWE (CLL) in de vordering tot schorsing wordt ingewilligd. X-11.386-4/5 Artikel
  13. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
  14. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. De kosten van de tussenkomst in de schorsingsprocedure, bepaald op 250 euro, komen ten laste van de tussenkomende partijen, elk voor de helft. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vierentwintig juni 2005, door : de HH. C. ADAMS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, B. COLLIN, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, B. COLLIN. C. ADAMS. X-11.386-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.146.573 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.158.330 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.