id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 juni 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.146.579 Rolnummer: A. 105849/X-10388 Zaak: Arrest 146579 - - 24/06/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-07-06 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-07-02 19:06 Fiche Arrest nr 146.579 van 24 juni 2005 - Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE.nr. 146.579 van 24 juni 2005 in de zaak A. 105.849/X-10.
- In zake : Gregor ENGELEN, die woonplaats kiest bij Advocaten J. GHYSELS, P. FLAMEY en Partners, kantoor houdende te 1050 BRUSSEL, Aarlenstraat 25 tegen : het Vlaamse Gewest dat woonplaats kiest bij Advocaat E. PLAVSIC, kantoor houdende te 2000 ANTWERPEN, Oudaan 22-
- tussenkomende partij : de Regie der Gebouwen, die woonplaats kiezen bij Advocaat H. SEBRECHTS, kantoor houdende te 2018 ANTWERPEN, Mechelsesteenweg
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Gregor ENGELEN op 11 juni 2001 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 10 april 2001 van de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar waarbij aan de Regie der Gebouwen de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het "uitvoeren voorafgaande infrastructuurwerken: aanleggen voorlopige wegenis en omleggen collector voor nieuw gerechtshof te Antwerpen-Zuid, opbreken van gewestwegen en hun aanhorigheden en opbreken van bestaande collector" op een terrein gelegen Bolivarplaats-Singel te Antwerpen; Gelet op het arrest nr. 100.876 van 16 november 2001 waarbij het verzoek tot tussenkomst van de Regie der Gebouwen in het administratief kort geding wordt ingewilligd, de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen, de uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld en de kosten van de X-10.388-1/3 tussenkomst in de schorsingsprocedure ten laste van de tussenkomende partij worden gelegd; Gelet op het verzoekschrift tot voortzetting van het geding van 21 december 2001 ingediend door de verzoekende partij; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van 5 februari 2002 ingediend door de Regie der Gebouwen; Gelet op de beschikking van 7 februari 2002 die de tussenkomst van de Regie der Gebouwen toelaat; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur P. BARRA; Gelet op de beschikking van 8 februari 2005, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 2 maart 2005; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de Hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; X-10.388-2/3 Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van dertig dagen, bepaald in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure heeft ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt; dat, op grond van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent, de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 347,06 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vierentwintig juni 2005, door : de HH. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, B. COLLIN, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, B. COLLIN. J. BOVIN. X-10.388-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.146.579 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2001:ARR.100.876 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.