← België

Arrest 147274 - Plaatselijk openbaar ambt (provinciën, gemeenten, enz.) - Reglementen - 05/07/2005

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 05 juli 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.147.274 Rolnummer: A. 161369/XII-4420 Zaak: Arrest 147274 - Plaatselijk openbaar ambt (provinciën, gemeenten, enz.) - Reglementen - 05/07/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-07-14 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-07-02 20:51 Fiche Arrest nr 147.274 van 5 juli 2005 Openbaar ambt - Plaatselijk openbaar ambt (provinciën, gemeenten, enz.) - Reglementen Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 147.274 van 5 juli 2005 in de zaak A. 161.369/XII-

  1. In zake : Stefano BIANCOROSSO, die woonplaats kiest bij advocaat D. Matthys, kantoor houdende te Gent, Sint-Annaplein 34 tegen : de STAD GENT, die woonplaats kiest bij advocaat P. Devers, kantoor houdende te Gent, Kouter 71-
  2. tussenkomende partij : Guido VANLUCHENE, die woonplaats kiest bij advocaat J. Van Den Noortgate, kantoor houdende te Oudenaarde, Einestraat
  3. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Stefano Biancorosso op 31 maart 2005 heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van 1/ het besluit van 2 september 2004 van het college van burgemeester en schepenen van de stad Gent waarbij hem de toelating wordt geweigerd om een standplaats in te nemen op de openbare weg langs de Ringvaart - Buitenring Zwijnaarde te Zwijnaarde, en 2/ het besluit van 19 augustus 2004 van hetzelfde college waarbij aan Guido Vanluchene wordt toegelaten een standplaats in te nemen op de parkeerstrook langs de Ringvaart - Buitenring Zwijnaarde te Zwijnaarde; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgesteld door auditeur P. De Somere; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; XII-4420-1/5 Gelet op de beschikking van 18 mei 2005 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 14 juni 2005; Gehoord het verslag van staatsraad J. Lust; Gehoord de opmerkingen van advocaat M. De Jaeger, die loco advocaat D. Matthys verschijnt voor verzoeker, van advocaat H. Vermeire, die loco advocaat P. Devers verschijnt voor de verwerende partij, en van advocaat J. Van Den Noortgate, die verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur P. De Somere; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat verzoeker verklaart sinds september 1999 reproductienummerplaten te verkopen vanuit een daartoe speciaal omgebouwde bestelwagen, opgesteld te Zwijnaarde, vlakbij de Dienst voor Inschrijving van de Voertuigen (D.I.V.), meer bepaald aan de rechterkant van de Buitenring, op het domein van de autokeuring (S.B.A.T.); dat hij op 28 juli 2004 aan het college van burgemeester en schepenen van de stad Gent, in een “verzoekschrift tot het bekomen van een vergunning inname openbare weg”, meedeelt “zich verder te [willen] regulariseren teneinde zijn handel rechtmatig te kunnen opstellen op de parking van de DIV te Zwijnaarde” en toelating vraagt om er zijn wagen te stallen en zijn handel uit te baten; Overwegende dat op 11 juni 2004 reeds Guido Vanluchene aan het college van burgemeester en schepenen vroeg, met het oog op de uitbating van eenzelfde mobiele handel, zijn bestelwagen te mogen opstellen “op de parkeerplaats voor de automobielinspectie of op de parkeerstrook langs de Ringvaart te Gent- Zwijnaarde [versta: de línkerkant van de Buitenring]”; dat het advies van 6 augustus 2004 van de politie ongunstig is wat een standplaats betreft langs de omheining van de autokeuring omdat de betreffende parkeerplaatsen op privéterrein liggen en niet verkeersveilig zijn; dat het advies gunstig is wat een standplaats betreft langs de Ringvaart; Overwegende dat het schepencollege op 19 augustus 2004 aan Guido Vanluchene toelaat een standplaats in te nemen op de openbare weg met een XII-4420-2/5 wagen voor de verkoop van reproductienummerplaten, op de parkeerstrook langs de Ringvaart - Buitenring Zwijnaarde te Zwijnaarde; dat dit de tweede bestreden beslissing is; dat op 2 september 2004 het college beslist geen toelating te verlenen aan verzoeker om een standplaats in te nemen op de openbare weg voor de verkoop van reproductienummerplaten langs de Ringvaart - Buitenring Zwijnaarde te Zwijnaarde, omdat de standplaats op 19 augustus 2004 aan Guido Vanluchene werd toegewezen “die deze standplaats eerder had aangevraagd”; dat het de eerste bestreden beslissing is; Overwegende dat Guido Vanluchene vraagt in de debatten te mogen tussenkomen; dat hij de begunstigde is van een van de bestreden beslissingen; dat er bijgevolg grond is op zijn verzoek in te gaan; Overwegende dat de verwerende en de tussenkomende partij de ontvankelijkheid van de vordering betwisten; dat een onderzoek van en een uitspraak over de excepties zich slechts zouden opdringen indien aan de grondvoorwaarden voor een schorsing voldaan mocht zijn, hetgeen zoals hierna zal blijken niet het geval is; Overwegende dat krachtens artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging kan worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de nietigverklaring van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen; Overwegende, met betrekking tot de tweede schorsingsvoorwaarde, dat verzoeker uiteenzet dat de verkoop van autonummerplaten zijn enige broodwinning is, dat de plaats waarop dat gebeurt van cruciaal belang is, dat de onmiddellijke nabijheid van het centrum waar de immatriculaties van voertuigen worden afgegeven “de natuurlijke complementaire plaats” voor zijn beroepsactiviteit is, dat ten gevolge van de bestreden beslissingen de uitoefening van zijn beroepsactiviteit op lucratieve wijze “volkomen onmogelijk” wordt gemaakt, en dat hij door het verlies van zijn werk zware gezondheidsproblemen ondervindt; Overwegende dat niet zonder pertinentie de verwerende partij in de nota opmerkt dat moet worden uitgegaan van verzoekers aanvraag van 28 juli 2004, “d.i. de vraag naar een standplaats op de parking van de DIV te Zwijnaarde zelf, zijnde geen openbare weg”; dat inderdaad die aanvraag specifiek een standplaats “op de XII-4420-3/5 parking van de DIV te Zwijnaarde” beoogt, klaarblijkelijk de plaats die verzoeker tot dan reeds bezette; dat tenminste in de huidige stand van de procedure moet worden aangenomen dat die plaats zich op privéterrein bevindt, eigendom van S.B.A.T.; dat niet alleen de politie dat zegt; dat ook verzoeker zelf het bij herhaling heeft verklaard, onder meer tegenover de voorzitter van de rechtbank van koophandel te Gent; dat in dit licht de bestreden beslissingen verzoeker dan ook een vergunning “inname openbare weg” lijken te hebben geweigerd waar hij niet om gevraagd heeft, en die hij voor de geambieerde plaats ook niet behoeft; dat die vaststelling, zacht uitgedrukt, de overtuigingskracht van het nadeel dat verzoeker beweert ten gevolge van die beslissingen te lijden, geen goed doet; Overwegende, voorts, dat verzoeker weliswaar beweert dat de lucratieve uitoefening van zijn beroepsactiviteit “volkomen onmogelijk” wordt en dat hij precies daardoor zware gezondheidsproblemen ondervindt, maar nalaat die onmogelijkheid ook maar enigszins geloofwaardig te maken; dat verwerende partij in dit verband terecht in de nota doet gelden dat verzoeker in zijn verzoekschrift “op geen enkele wijze [verduidelijkt] waarom hij, ter hoogte van een andere automobielinspectie en/of van een ander DIV in het land (de verzoeker is zelf woonachtig in de provincie Henegouwen, zodat aan te nemen is dat een beduidende verplaatsing voor hem geen probleem stelt, terwijl er tientallen automobielinspecties/DIV’s zijn verspreid over alle provincies), zijn ambulante handel niet zou kunnen uitoefenen”; dat verzoeker deze verduidelijking evenmin ter terechtzitting geeft; dat hij aldaar alleen doet gelden dat er elders ook concurrentie zal zijn; dat het om niet meer dan een zuivere hypothese blijkt te gaan, aangezien hij toegeeft nog nooit bij een ander D.I.V.-kantoor gestaan te hebben; dat overigens concurrentie niet ipso facto de uitoefening van zijn beroepsactiviteit onmogelijk lijkt te maken; dat verzoeker op 22 september 2004 zelf bij verwerende partij op “vrije concurrentie” aandrong; Overwegende dat het aangevoerde nadeel niet overtuigt; dat verzoeker niet aantoont dat de bestreden beslissingen zijn broodwinning onmogelijk maken, met zware gezondheidsproblemen tot gevolg; dat niet aan de tweede schorsingsvoorwaarde is voldaan; dat dit volstaat om de vordering te verwerpen, XII-4420-4/5 BESLUIT: Artikel
  4. Het verzoek tot tussenkomst van Guido Vanluchene in het administratief kort geding wordt ingewilligd. Artikel
  5. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
  6. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. De kosten van de tussenkomst in de schorsingsprocedure, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vijf juli 2005, door : de HH. J. LUST, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK. J. LUST. XII-4420-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.147.274 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2011:ARR.214.703 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.