id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 05 juli 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.147.277 Rolnummer: A. 153633/IX-4576 Zaak: Arrest 147277 - - 05/07/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-07-27 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-07-02 20:52 Fiche Arrest nr 147.277 van 5 juli 2005 - Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 147.277 van 5 juli 2005 in de zaak A. 153.633/IX-
- In zake : Leona TAES, wonende te GLABBEEK, Solveldweg 19 tegen :
- de Vlaamse Gemeenschap, vertegenwoordigd door de Vlaamse Regering, die woonplaats kiest bij advocaat B. STAELENS, kantoor houdende te BRUGGE, Canadesen Hof, Bevrijdingslaan 4, bus 1,
- het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn van TIENEN. tussenkomende partij in de schorsingsprocedure : de VZW Algemeen Ziekenhuis Heilig Hart, die woonplaats kiest bij advocaat B. BEELEN, kantoor houdende te LEUVEN, Justus Lipsiusstraat
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Leona TAES op 9 juli 2004 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 6 mei 2004 van de Vlaamse minister van Binnenlandse Aangelegenheden, Cultuur, Jeugd en Ambtenarenzaken, houdende afwijzing van haar klacht van 26 maart 2004 tegen het besluit van 17 februari 2004 van de raad voor maatschappelijk welzijn van Tienen, waarbij haar disponibiliteit wegens ontstentenis van betrekking met ingang van 1 maart 2004 wordt opgeheven en zij vanaf die datum terug in actieve dienst wordt geroepen en weder wordt tewerkgesteld in het Algemeen Ziekenhuis Heilig Hart; Gelet op het arrest nr. 140.414 van 10 februari 2005 waarbij het verzoek tot tussenkomst van de VZW Algemeen Ziekenhuis Heilig Hart in het IX-4576-1/4 administratief kort geding wordt ingewilligd, het verzoek tot tussenkomst van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn van Tienen in het administratief kort geding wordt afgewezen, de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen en de uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten wordt uitgesteld; Gelet op de kennisgeving van dit arrest aan de verzoekende partij op 23 februari 2005; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat naar luid van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding geldt wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest; Overwegende dat op 23 februari 2005 aan de verzoekende partij kennis is gegeven van het arrest nr. 140.414 van 10 februari 2005 tot verwerping van haar vordering tot schorsing; dat in een begeleidend schrijven wordt meegedeeld dat zij beschikt over een termijn van dertig dagen om eventueel een verzoek tot voortzetting in te dienen en dat dit verzoek vergezeld dient te zijn van fiscale plakzegels ter waarde van 175 euro; dat de brief expliciet haar aandacht vestigt op het voormelde artikel 17, § 4ter, waarvan de tekst wordt aangehaald; IX-4576-2/4 Overwegende dat de verzoekende partij op 18 maart 2005 de voortzetting van de procedure vraagt; dat het verzoek niet vergezeld is van de uitdrukkelijk gevraagde, en door het artikel 70, § 1, eerste lid, 2/, juncto artikel 70, § 1, tweede lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, vereiste fiscale zegels; dat, bijgevolg, met het verzoek geen rekening gehouden kan worden; dat het onontvankelijk is; Overwegende dat de verzoekende partij geen ontvankelijk verzoek tot voortzetting van de rechtspleging heeft ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing is verworpen; dat te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. De kosten van de tussenkomst in de schorsingsprocedure, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. IX-4576-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vijf juli 2000 en vijf, door : de H. J. DE BRABANDERE, kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. J. DE BRABANDERE. IX-4576-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.147.277 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.140.414 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.