id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 12 augustus 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.148.194 Rolnummer: A. 81049/X-8522 Zaak: Arrest 148194 - - 12/08/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-08-22 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-07-02 22:49 Fiche Arrest nr 148.194 van 12 augustus 2005 - Beslissing : Verwerping bekendmaking Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 148.194 van 12 augustus 2005 in de zaak A 81.049/X-
- In zake : de n.v. ENGEFIN, wier rechtsgeding hervat wenst te worden door :
- Philippe VANDE VYVERE,
- Grietje DE SAERT,
- Gaëtan HANNECART,
- Bruno VANDE VYVERE,
- Patrick LECLAIR,
- Christophe VANDERHEEREN, die woonplaats kiezen bij Advocaat P. FLAMEY, kantoor houdende te 2018 ANTWERPEN, Jan van Ryswijcklaan 16 tegen : het Vlaamse Gewest, dat woonplaats kiest bij Advocaat M. VAN BEVER, kantoor houdende te 1850 Grimbergen, Pastoor Woutersstraat 32/
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, Xe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de n.v. ENGEFIN op 10 november 1998 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van :
- het besluit van 23 juni 1998 van de Vlaamse regering houdende definitieve vaststelling van het plan tot gedeeltelijke wijziging van het gewestplan Leuven op het grondgebied van de gemeenten Bertem, Bierbeek, Boortmeerbeek, Haacht, Herent, Holsbeek, Huldenberg, Keerbergen, Kortenberg, Leuven, Lubbeek, Oud-Heverlee, Rotselaar en Tervuren, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 11 september 1998 ("Kareelveld");
- het besluit van 23 juli 1998 van de Vlaamse regering houdende definitieve vaststelling van het plan tot gedeeltelijke wijziging van het gewestplan Leuven in Leuven-Heverlee, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 9 oktober 1998 ("Termunkveld");
- het besluit van 23 juli 1998 van de Vlaamse regering houdende definitieve vaststelling van het plan tot gedeeltelijke wijziging van het gewestplan Leuven te X-8522-1/6 Leuven, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 9 oktober 1998 ("Parkveld"); Gelet op het arrest nr. 83.962 van 8 december 1999 waarbij het verzoek tot tussenkomst van de stad Leuven in de vordering tot schorsing wordt ingewilligd, de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen, de uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld en de kosten van de tussenkomst in de schorsingsprocedure ten laste van de tussenkomende partij worden gelegd; Gelet op de kennisgeving van dit arrest aan de verzoekende partij op 30 december 1999; Gelet op het verzoekschrift tot voortzetting van 27 januari 2000 ingediend door de verzoekende partij; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en memorie van wederantwoord; Gelet op het "verzoekschrift tot gedinghervatting" van 2 juli 2001 ingediend door Philippe VANDE VYVERE, Grietje DE SAERT, Gaëtan HANNECART, Bruno VANDE VYVERE, Patrick LECLAIR en Christophe VANDERHEEREN; Gezien het verslag opgemaakt door Eerste Auditeur- afdelingshoofd F. DE BUEL; Gelet op de beschikking van 27 juni 2003 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memories; Gelet op de beschikking van 6 juli 2004 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 3 december 2004; X-8522-2/6 Gehoord het verslag van Staatsraad J. BOVIN; Gehoord de opmerkingen van Advocaat P.-J. VERVOORT die, loco Advocaat P. FLAMEY verschijnt voor de verzoekers die het rechtsgeding wensen te hervatten, van Advocaat J. GHYSELS die eveneens verschijnt voor voormelde partijen, en van Advocaat M. VAN BEVER die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van Eerste Auditeur- afdelingshoofd F. DE BUEL; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat verzoekster eigenares is van percelen, gelegen te Leuven tussen het Kareelveld, de Biestlaan en de 's Hertogenlaan, ter plaatse genaamd "Kareelveld" kadastraal bekend Sectie I, nrs. 82/x, 82/m/2 en 83/b; dat de betrokken gronden volgens de bestemmingsvoorschriften van het bij koninklijk besluit van 7 april 1977 vastgestelde gewestplan Leuven zijn gelegen in woonuitbreidingsgebied; dat de Vlaamse regering bij besluit van 27 mei 1997 haar besluit van 1 juni 1995 houdende vaststelling van een gedeelte van het gewestplan Leuven, waarbij verzoeksters gronden tot landschappelijk waardevol agrarisch gebied werden bestemd, heeft ingetrokken; dat zij bij besluit van dezelfde datum het ontwerpplan tot gedeeltelijke wijziging van het bij koninklijk besluit van 7 april 1977 vastgestelde gewestplan Leuven op het grondgebied van de gemeenten Bertem, Bierbeek, Boortmeerbeek, Haacht, Herent, Holsbeek, Huldenberg, Keerbergen, Kortenberg, Leuven, Lubbeek, Oud-Heverlee, Rotselaar en Tervuren voorlopig heeft vastgesteld; dat verzoeksters gronden in dit ontwerpplan worden bestemd tot landschappelijk waardevol agrarisch gebied; dat de Vlaamse regering met het eerste bestreden besluit het plan tot gedeeltelijke wijziging van het gewestplan Leuven op het grondgebied van de gemeenten Bertem, Bierbeek, Boortmeerbeek, Haacht, Herent, Holsbeek, Huldenberg, Keerbergen, Kortenberg, Leuven, Lubbeek, Oud-Heverlee, Rotselaar en Tervuren, definitief heeft vastgesteld; dat verzoeksters gronden hierin worden bestemd tot landschappelijk waardevol agrarisch gebied; dat de Vlaamse regering met afzonderlijke besluiten van 27 mei 1997 eveneens het ontwerpplan tot gedeeltelijke wijziging van het gewestplan Leuven voor een gedeelte van het grondgebied van de stad Leuven te Heverlee, en voor een gedeelte van het X-8522-3/6 grondgebied van de stad Leuven heeft vastgesteld; dat de Vlaamse regering bij het tweede en derde bestreden besluit van 23 juli 1998 het "plan tot gedeeltelijke wijziging van het gewestplan Leuven in Leuven" en het "plan tot de gedeeltelijke wijziging van het gewestplan Leuven te Leuven-Heverlee" definitief heeft vastgesteld; dat ingevolge het tweede bestreden besluit het gebied ter plaatse genaamd "Termunkveld" (Kaartblad 32/2) wordt bestemd deels tot "researchpark" en deels tot "bufferzone"; dat ingevolge het derde bestreden besluit het gebied, ter plaatse genaamd "Parkveld", wordt bestemd deels tot "regionaal bedrijventerrein met openbaar karakter", deels tot "bufferzone" en deels tot "agrarisch gebied"; Overwegende dat op 2 juli 2001 een ter post aangetekend verzoekschrift aan de Raad werd toegestuurd door Philippe VANDE VYVERE, Grietje DE SAERT, Gaëtan HANNECART, Bruno VANDE VYVERE, Patrick LECLAIR en Christophe VANDERHEEREN met het verzoek om het door de n.v. ENGEFIN ingesteld beroep te hervatten; dat zij in de akte van gedinghervatting aanvoeren dat zij op 19 december 2000 de gronden, die het voorwerp uitmaken van het bestreden besluit en aan de n.v. ENGEFIN toebehoorden, van laatstgenoemde hebben aangekocht; dat zij in de verkoopsakte verleden op 19 december 2000 als "bijzondere voorwaarde" zijn overeengekomen "dat de kopers volledig de rechten en plichten betreffende (huidige) procedure overnemen van de verkoopster" en dat zij "verklaren dat zij het geding zullen hervatten onder hun naam en dat zij hiertoe alle nodige formaliteiten zullen vervullen"; Overwegende dat hervatting van het geding uitdrukkelijk wordt voorgeschreven bij de artikelen 55 tot 58 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State wanneer een partij overlijdt, alsook in "andere gevallen"; dat, wil men niet dat het begrip "hervatting van het geding" wordt uitgehold, de toepassing ervan moet worden beperkt tot de gevallen waarin een natuurlijke persoon overlijdt of een rechtspersoon ophoudt te bestaan en zijn rechten en plichten door een andere natuurlijke persoon of rechtspersoon worden overgenomen, en tot de gevallen waarin de staat of de hoedanigheid waarin de natuurlijke persoon of rechtspersoon optreedt verandert of wordt gewijzigd; Overwegende dat uit de niet betwiste gegevens van de zaak blijkt dat de oorspronkelijke verzoekende partij op 19 december 2000 een aantal percelen, gekend als het zogenaamde "Kareelveld" heeft verkocht aan Philippe VANDE VYVERE, Grietje DE SAERT, Gaëtan HANNECART, Bruno VANDE VYVERE, X-8522-4/6 Patrick LECLAIR en Christophe VANDERHEEREN; dat deze laatsten zich niet met goed gevolg enkel en alleen op hun hoedanigheid van nieuwe eigenaar kunnen steunen om te doen blijken van het rechtens vereiste belang bij het beroep; dat dit belang immers persoonlijk moet zijn en moet bestaan op het ogenblik van het instellen van het beroep, en geen accessorium vormt van het verkochte onroerend goed; dat de voorwaarden voor de ontvankelijkheid van een beroep tot nietigverklaring, dat een objectief beroep is, van openbare orde zijn en niet bij overeenkomst kunnen worden gewijzigd, zelfs niet bij authentieke akte; dat aldus een verkoper een koper niet vermag te subrogeren in zijn "rechten" of belangen bij een door hem ingesteld beroep tot nietigverklaring; dat, desnoods ambtshalve, dient te worden onderzocht of aan deze voorwaarden is voldaan; Overwegende dat, gelet op hetgeen voorafgaat, aan Philippe VANDE VYVERE, Grietje DE SAERT, Gaëtan HANNECART, Bruno VANDE VYVERE, Patrick LECLAIR en Christophe VANDERHEEREN geen toestemming kan worden verleend om het geding ingesteld door de n.v. ENGEFIN te hervatten; dat aangezien deze laatste haar eigendom heeft verkocht, zij alleszins niet meer doet blijken van het rechtens vereiste actueel belang; dat, zoals door het met het onderzoek van de zaak gelaste lid van het Auditoraat in zijn verslag over de zaak terecht opgeworpen, ambtshalve dient te worden vastgesteld dat het beroep niet ontvankelijk is, BESLUIT: Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- Dit arrest zal worden bekendgemaakt op dezelfde wijze als het bestreden besluit. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 347,06 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. X-8522-5/6 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twaalf augustus 2005, door : de HH. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, E. BREWAEYS, staatsraad, C. ADAMS, staatsraad, B. COLLIN, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, B. COLLIN. J. BOVIN. X-8522-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.148.194 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:1999:ARR.83.962 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.