← België

Arrest 148519 - - 01/09/2005

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 01 september 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.148.519 Rolnummer: A. 80691/XII-1684 Zaak: Arrest 148519 - - 01/09/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-09-07 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-07-02 23:06 Fiche Arrest nr 148.519 van 1 september 2005 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 148.519 van 1 september 2005 in de zaak A. 80.691/XII-

  1. In zake : de BVBA BOUWKANTOOR DECOENE, die woonplaats kiest bij advocaat G. Ampe, kantoor houdende te Oostende, Kerkstraat 8/1 tegen : de STAD NIEUWPOORT, die woonplaats kiest bij advocaat S. Beele, kantoor houdende te Kortrijk, Jan Palfijnstraat 26, bus
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, XIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de BVBA Bouwkantoor Decoene op 14 oktober 1998 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 17 augustus 1998 van het college van burgemeester en schepenen van de stad Nieuwpoort om de opdracht tot het bouwen van een pastorie in de deelgemeente Sint-Joris te gunnen aan de NV Mondial Construct; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgesteld door eerste auditeur J. Stevens; Gelet op de beschikking van 21 januari 2002 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memories; Gelet op de beschikking van 11 maart 2005 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 24 april 2005; XII-1684-1/3 Gehoord het verslag van kamervoorzitter D. Verbiest; Gehoord de opmerkingen van advocaat S. De Soete, die loco advocaat G. Ampe verschijnt voor de verzoekende partij, en van advocaat S. Beele, die verschijnt voor de verwerende partij ; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur J. Stevens; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat in een exceptie in het auditoraatsverslag wordt gesteld dat de verzoekende partij niet regelmatig in rechte is getreden want door een beslissing van haar algemene vergadering en niet van haar zaakvoerder; Overwegende dat de verzoekende partij in haar laatste memorie die exceptie tegenspreekt, in wezen door te stellen dat de zaakvoerder de “aangelegenheid tevens heeft voorgelegd aan een buitengewone algemene vergadering van de vennoten” terwijl hijzelf die beslissing reeds had genomen, en dat “niets belet [...] dat een algemene vergadering de beslissing neemt om al of niet een procedure op te starten”; Overwegende dat luidens artikel 130 van de toentertijd geldende gecoördineerde wetten op de handelsvennootschappen iedere zaakvoerder in een BVBA de vennootschap jegens derden en in rechte als eiser of als verweerder vertegenwoordigt; dat volgens de verzoekende partij artikel 11 van de aan de Raad van State niet voorgelegde statuten die regel zou herhalen; Overwegende dat te dezen de algemene vergadering op 12 oktober 1998 de beslissing neemt om in rechte te treden, letterlijk stellende “geeft opdracht aan haar zaakvoerder, de heer Daniël Decoene, daartoe alle geëigende maatregelen te nemen, en het advocatenkantoor Soete en Ampe uit Oostende te gelasten”; dat de verzoekende partij weliswaar beweert dat haar zaakvoerder op 24 september 1998 aan zijn raadslieden heeft gevraagd om de zaak aanhangig te maken voor zover zij akkoord gingen met zijn argumentatie; dat daarvan echter geen sluitend bewijs wordt voorgelegd; dat, hetgeen als stuk 13 bij de laatste memorie is gevoegd als “schrij- ven”, noch een originele brief is die van de zaakvoerder uitgaat, noch het origineel XII-1684-2/3 van een uitgestuurd of ontvangen faxbericht, wat het pretendeert te zijn; dat de Raad van State aldus niet in de mogelijkheid is de waarachtigheid ervan te controleren; dat aldus de verzoekende partij de Raad van State er niet van heeft overtuigd dat hoe dan ook, ook haar zaakvoerder ten nuttigen tijde de beslissing heeft genomen om in rechte te treden; dat aldus het beroep niet is ingesteld door het daartoe bevoegde orgaan en het dienvolgens niet ontvankelijk is, BESLUIT: Artikel
  3. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  4. De kosten van het beroep, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op een september 2005, door de XIIe kamer, die was samengesteld uit : de HH. D. VERBIEST, kamervoorzitter, J. LUST, staatsraad, G. VAN HAEGENDOREN, staatsraad, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-1684-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.148.519 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.