id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 12 september 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.148.797 Rolnummer: A. 118879/XIV-9422 Zaak: Arrest 148797 - - 12/09/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-09-14 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-07-02 23:41 Fiche Arrest nr 148.797 van 12 september 2005 - Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 148.797 van 12 september 2005 in de zaak A. 118.879/XIV-
- In zake : Pasqualino INGLIMA, die woonplaats kiest bij Advocaat Z. MISKOVIC, kantoor houdende te 3620 LANAKEN, Koning Albertlaan 73 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Justitie, die woonplaats kiest bij: Advocaat B. DERVEAUX, kantoor houdende te 3078 KORTENBERG, Veldstraat
- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------- ---- DE VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Pasqualino INGLIMA, van Italiaanse nationaliteit, op 28 maart 2002 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het uitleveringsbesluit genomen door de Minister van Justitie van 16 januari 2002 waarbij de uitlevering van verzoeker wordt toegestaan aan de regering van Italië, aan de verzoekende partij betekend op 31 januari 2002; Gelet op het arrest nr. 140.628 van 15 februari 2005 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen en de uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld; Gelet op de kennisgeving van dit arrest aan verzoeker op 18 februari 2005; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; XII-9422-1/3 Gelet op de kennisgeving aan verzoeker, op grond van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij hij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat verzoeker niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat naar luid van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding geldt wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest; Overwegende dat het arrest nr. 140.628 van 15 februari 2005 de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing heeft verworpen; Overwegende dat verzoeker geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging heeft ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest; dat te zijnen aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van verzoeker. XII-9422-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twaalf september tweeduizend en vijf, door : de HH. A. BEIRLAEN, kamervoorzitter, C. VERHAERT, griffier. De griffier, De voorzitter, C. VERHAERT. A. BEIRLAEN. XII-9422-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.148.797 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.140.628 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.