← België

Arrest 148876 - - 14/09/2005

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 14 september 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.148.876 Rolnummer: A. 97011/IX-2579 Zaak: Arrest 148876 - - 14/09/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-09-28 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-07-02 23:52 Fiche Arrest nr 148.876 van 14 september 2005 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 148.876 van 14 september 2005 in de zaak A. 97.011/IX-

  1. In zake : Bert DOMS, wonende te WEERDE-ZEMST, Bergstraat 34 tegen : het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn van ZEMST --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Bert DOMS op 30 oktober 2000 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van "het besluit van het OCMW- Zemst van 24 augustus 2000 houdende het opleggen van een tuchtstraf zijnde schorsing met verlies van wedde van 1 oktober 2000 tot en met 31 oktober 2000" ; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij op 23 februari 2001; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer uitspraak zal doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; IX-2579-1/2 Overwegende dat bij het versturen van een kopie van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij de hoofdgriffier melding heeft gemaakt van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, (en van artikel 14bis, § 1, van voornoemd besluit van de Regent); Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van zestig dagen, gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van wederantwoord aan de griffie heeft toegestuurd; dat krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid, vastgesteld dient te worden dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt, BESLUIT: Artikel
  2. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  3. De kosten van het beroep, bepaald op 173,53 euro komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op veertien september 2000 en vijf, door : de H. J. DE BRABANDERE, kamervoorzitter, Mevr V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. J. DE BRABANDERE. IX-2579-2/2 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.148.876 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.