id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 21 september 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.149.201 Rolnummer: A. 162668/VII-37416 Zaak: Arrest 149201 - Monumenten en Landschappen - 21/09/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-09-30 Raadplegingen: 53 - laatst gezien 2026-07-03 00:23 Fiche Arrest nr 149.201 van 21 september 2005 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Monumenten en Landschappen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 149.201 van 21 september 2005 in de zaak A. 162.668/X-12.
- In zake :
- Nicolas de SCHAETZEN van BRIENEN,
- Stanislas de SCHAETZEN van BRIENEN,
- Bruno de SCHAETZEN van BRIENEN,
- Maria de SCHAETZEN van BRIENEN, die woonplaats kiezen bij Advocaten D. RYCKBOST en E. RYCKBOST, kantoor houdende te 8400 OOSTENDE, E. Beernaertstraat 80 tegen : het Vlaams Gewest, dat woonplaats kiest bij Advocaten H. SCHILTZ en B. VANHALLE, kantoor houdende te 2000 ANTWERPEN, Tavernierkaai
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Nicolas de SCHAETZEN van BRIENEN, Stanislas de SCHAETZEN van BRIENEN, Bruno de SCHAETZEN van BRIENEN en Maria de SCHAETZEN van BRIENEN op 20 mei 2005 hebben ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van het besluit van 23 februari 2005 van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening houdende bescherming, overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 3 maart 1976, als monument het kasteel Ter Hove, park, voormalige moestuin, boomgaard en toegangsdreven, gelegen te Borgloon, Terhove 141, kadastraal bekend, Sectie A, nrs. 375A, 411L, 412D, 414C, 415A, 418D/2, 418E/2, 418K en 419D en houdende bescherming als dorpsgezicht, de landelijke omgeving van kasteel Ter hove, gelegen te Borgloon, Terhove, kadastraal bekend, Sectie A, nrs. 374B, 374D, 375B, 375C, 377A, 377B, 378A, 378B, 379A, 379B, 409G, 410A, 410B, 410C, 410D, 412B, 412E, 412F, 413, 423B, 423D en 423E; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur P. BARRA; X-12.319-1/4 Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 23 juni 2005 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 9 september 2005; Gehoord het verslag van Staatsraad G. DEBERSAQUES; Gehoord de opmerkingen van Advocaat D. RYCKBOST die verschijnt voor de verzoekende partijen, en van Advocaat M. WENDRICKX die, loco Advocaten H. SCHILTZ en B. VANHALLE verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van Auditeur P. BARRA; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de verzoekende partijen daags voor de terechtzitting een pleitnota per fax indienen; dat dit niet is voorzien in het toepasselij- ke procedurereglement; dat deze pleitnota uit de debatten wordt geweerd; Overwegende dat krachtens artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging kan worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten akte of verordening kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden akte of verordening een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen; Overwegende dat artikel 17, § 3, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State bepaalt dat de vordering tot schorsing een uiteenzetting van de middelen en de feiten dient te bevatten die volgens de indiener ervan het bevelen van de schorsing rechtvaardigen; dat artikel 8, tweede lid, 5/, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State bepaalt dat de vordering tot schorsing dient te bevatten "een uiteenzetting van de feiten die kunnen aantonen dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de aangevochten akte of het aangevochten reglement de eiser een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen"; dat uit deze bepalingen volgt dat de verzoekende X-12.319-2/4 partij in haar verzoekschrift duidelijk en concreet dient aan te geven waarin precies het moeilijk te herstellen ernstig nadeel is gelegen dat zij ingevolge de onmiddellijke tenuitvoerlegging van het bestreden besluit ondergaat of dreigt te ondergaan, en dat met niet in het verzoekschrift tot schorsing opgenomen feiten en verklaringen hieromtrent geen rekening kan worden gehouden; Overwegende dat, wat de tweede door voornoemd artikel 17, § 2, opgelegde voorwaarde betreft, de verzoekende partijen in de vordering tot schorsing betogen dat door de bescherming hun eigendomsrecht wordt aangetast daar het bestreden besluit een erfdienstbaarheid van openbaar nut vestigt, dat zij niet meer het volledige genot van hun goederen genieten, dat zij genoopt worden tot onderhouds- en instandhoudingswerken en dit zelfs onder sanctie van strafrechtelijke vervolging- en, dat er beperkingen zijn aan de uitbreidings- en aanpassingsmogelijkheden van de hoeve en de omgeving, dat er verder voor sommige werken en handelingen soms absolute verboden zijn en voor andere ministeriële vergunningen noodzakelijk zijn, dat de bescherming als dorpsgezicht inhoudt dat er in principe een bouwverbod zonder enige vergoeding wordt opgelegd hetgeen de waarde van het erf aanzienlijk kan doen dalen; Overwegende dat uit de gegevens van de zaak blijkt dat geen van de verzoekende partijen de schorsing van de tenuitvoerlegging heeft gevorderd van het besluit van 9 februari 2004 van de Vlaamse minister van Binnenlandse Aangele- genheden, Cultuur, Jeugd en Ambtenarenzaken, houdende vaststelling van een ontwerp van lijst van voor bescherming vatbare monumenten, stads- en dorpsgezich- ten; dat niettemin dit besluit hetzelfde voorwerp had als het thans bestreden besluit en eenzelfde bescherming met dezelfde rechtsgevolgen had als het thans bestreden besluit; dat dit stilzitten van de verzoekende partijen erop wijst dat de door hen thans aangebrachte nadelen die ook toen reeds voortvloeiden uit het voorlopige bescher- mingsbesluit alsdan niet als dermate ernstig en moeilijk te herstellen werden aanzien dat de schorsing van de tenuitvoerlegging ervan moest worden gevorderd; dat de verzoekende partijen thans geen concrete gegevens bijbrengen waaruit kan blijken dat voornoemde nadelen nu dermate ernstig en moeilijk te herstellen zijn geworden dat alleen een schorsing van de tenuitvoerlegging nog uitkomst kan brengen; dat niet blijkt dat de verzoekende partijen door het bestreden besluit een nadeel leiden dat niet reeds voortvloeide uit het voorlopige beschermingsbesluit; dat met ter terechtzitting gegeven aanvullende feiten en verklaringen geen rekening kan worden gehouden; dat de uiteenzetting van de verzoekende partijen geen concrete en precieze gegevens X-12.319-3/4 bevat waaruit blijkt dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van het bestreden besluit een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen in de zin van artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; Overwegende dat niet is voldaan aan de tweede door artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State opgelegde voorwaarde om de schorsing van de tenuitvoerlegging te kunnen bevelen; dat die vaststelling volstaat om de vordering af te wijzen, BESLUIT: Artikel
- De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
- De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op eenentwintig september 2005, door : de H. G. DEBERSAQUES, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. G. DEBERSAQUES. X-12.319-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.149.201 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.202.329 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div