← België

Arrest 149616 - - 29/09/2005

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 september 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.149.616 Rolnummer: A. 100887/XII-4484 Zaak: Arrest 149616 - - 29/09/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-10-10 Raadplegingen: 64 - laatst gezien 2026-07-03 01:14 Fiche Arrest nr 149.616 van 29 september 2005 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 149.616 van 29 september 2005 in de zaak A. 100.887/XII-

  1. In zake : de NV BELGIAN AMUSEMENT CY, die woonplaats kiest bij advocaat P. Aerts, kantoor houdende te Gent, Coupure 5 tegen : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door :
  2. de minister van Justitie,
  3. de minister van Financiën,
  4. de minister van Economie,
  5. de minister van Binnenlandse Zaken,
  6. de minister van Volksgezondheid, de ministers sub 3 en 5 kiezen woonplaats bij advocaten Ph. Levert en R. Anciaux, kantoor houdende te 1050 Brussel, Louizalaan 149, bus
  7. tussenkomende partij in het administratief kort geding : de NV HBW FREETIME, die woonplaats kiest bij advocaat J. De Smet, kantoor houdende te Waregem, Westerlaan 37, bus
  8. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de NV Belgian Amusement Cy op 26 februari 2001 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “het KB van 22 december 2000 betreffende de werking en het beheer van de kansspelinrichtingen klasse II, de wijze van aanvraag en de vorm van de vergunning klasse B, in het bijzonder de artt. 7 t.e.m. 11 en de bijlagen III en IV, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 30 december 2000”; XII-4484-1/3 Gelet op het arrest nr. 97.327 van 29 juni 2001 waarbij de tussenkomst van de NV HBW Freetime in het administratief kort geding wordt ingewilligd, de vordering tot schorsing wordt verworpen en de uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten wordt uitgesteld; Gezien het verzoek tot voortzetting van het geding van 21 augustus 2001 ingediend door verzoekster; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgesteld door auditeur W. Weymeersch, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op de beschikking van 18 juli 2005, houdende bevel tot neerlegging van het verslag en waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 6 september 2005; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van staatsraad J. Lust; Gehoord de opmerkingen van advocaat K. Verstraete, die loco advocaat Ph. Levert verschijnt voor de ministers van Justitie, Economie, Binnenlandse Zaken en Volksgezondheid, en van inspecteur J. De Vleeschouwer, die verschijnt voor de minister van Financiën; Gehoord het eensluidend advies van adjunct-auditeur S. De Taeye, daartoe gemachtigd bij beslissing van de auditeur-generaal van 16 februari 2005; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat, blijkens het geheel van de vermeldingen van het verzoekschrift evenals de uiteenzetting in de memorie van wederantwoord, het voorwerp van het beroep beperkt is tot de artikelen 7 tot en met 11 en de bijlagen III en IV van het koninklijk besluit van 22 december 2000; dat die artikelen en bijlagen XII-4484-2/3 door de Raad van State vernietigd zijn geworden, op verzoek van S.A. Investissements et Leisure, S.A. Circus Guillemins en A.S.B.L. “Amarco”, bij arrest nr. 114.688 van 20 januari 2003; dat bijgevolg de besproken vordering kennelijk zonder voorwerp is gevallen en dus “doelloos” is geworden in de zin van artikel 93, tweede lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, BESLUIT: Artikel
  9. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  10. De kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 347,06 euro, komen ten laste van de verwerende partij. De kosten van de tussenkomst in het administratief kort geding, bepaald op 123,95 euro, komen ten laste van de NV HBW Freetime. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negenentwintig september 2005, door : de HH. J. LUST, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK. J. LUST. XII-4484-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.149.616 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2001:ARR.97.327 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.