← België

Arrest 152352 - - 07/12/2005

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 07 december 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.152.352 Rolnummer: A. 168344/XIV-24183 Zaak: Arrest 152352 - - 07/12/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-12-09 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-07-03 06:05 Fiche Arrest nr 152.352 van 7 december 2005 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 152.352 van 7 december 2005 in de zaak A. 168.344/XIV-24.

  1. In zake : XXX, optredend in eigen naam en in naam van zijn minderjarig kind: XXX, die woonplaats kiezen bij Advocaat M. VAN BAELEN, kantoor houdende te 1030 SCHAARBEEK, Adolphe Lacomblélaan 59-61, b5 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Binnenlandse Zaken. --------------------------------------------------------------------------------------------------------------- -- DE VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat XXX optredend in eigen naam en in naam van zijn minderjarig kind XXX, beide van Russische nationaliteit, op 5 december 2005 heeft ingediend om bij uiterst dringende noodzakelijkheid de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van de beslissing tot weigering van verblijf met bevel om het grondgebied van het Rijk te verlaten van 30 november 2005; Gelet op de beschikking van 5 december 2005 waarbij aan de verzoekende partij het voordeel van de kosteloze rechtspleging wordt verleend; Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op de artikelen 17 en 18; Gelet op artikel 8 van het koninklijk besluit van 9 juli 2000 houdende bijzondere procedureregeling inzake geschillen over beslissingen betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen; Gezien de nota van de verwerende partij; Gelet op de beschikking van 5 december 2005 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 7 december 2005; Gehoord het verslag van Kamervoorzitter A. BEIRLAEN; XIV-24.183-1/4 Gehoord de opmerkingen van Advocaat M. VAN BAELEN, die verschijnt voor de verzoekende partij en van Advocaat E. MATTERNE, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van Adjunct-auditeur M. VAN LIMBERGEN; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
  2. De gegevens van de zaak. Overwegende dat de belangrijkste gegevens van de zaak als volgt kunnen worden weergegeven: 1.
  3. Op 4 juli 2005 komt verzoeker België binnen en vraagt er asiel aan. 1.
  4. Op 30 november 2005 wordt de bestreden beslissing genomen, waarvan de motivering als volgt luidt: “België is niet verantwoordelijk voor de behandeling van de asielaanvraag die aan de Poolse autoriteiten toekomt, met toepassing van art. 51/5 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van art. 16§1d van de Europese Verordening (EG)343/
  5. Betrokkene heeft in Polen een asielaanvraag ingediend en de Poolse overheid heeft op datum van 06/10/2005 ingestemd met de vraag tot terugname van bovengenoemde persoon. Bovendien heeft betrokkene geen specifieke elementen aangehaald waarom zijn asielaanvraag in België behandeld zou moeten worden. Bijgevolg zal de bovengenoemde worden overgedragen aan de bevoegde Poolse autoriteiten.”;
  6. Over de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid. 2.
  7. Overwegende dat krachtens artikel 17, §§ 1 en 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State slechts tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging kan worden besloten onder de drievoudige voorwaarde dat er uiterst dringende noodzakelijkheid voorhanden is, dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten akte of verordening kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden akte of verordening een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen; XIV-24.183-2/4 2.
  8. Overwegende dat, wat de derde voorwaarde betreft, verzoeker stelt dat hij in Polen niemand kent, terwijl hij in België deel uitmaakt van de moslim-gemeenschap, dat hij hiermee nauwe banden heeft opgebouwd die gelijkaardig zijn aan echte familieban- den, zodat er een risico op schending van artikel 8 van het E.V.R.M. bestaat, dat verzoeker in Polen een moeilijk verblijf en in Rusland een onrustig bestaan kende, zodat een uitzetting uit België verzoekers stabiliteit zeker zal verstoren; 2.
  9. Overwegende dat blijkt dat verzoeker in België geen familie heeft, hetgeen hij geenszins betwist; dat verzoeker slechts enkele maanden in België verbleef, zodat bezwaarlijk kan worden gesteld dat hij hechte banden zou hebben opgebouwd in België en zich in die mate zou hebben geïntegreerd dat de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing hem een ernstig en onherstelbaar nadeel zal berokkenen; dat, wat de aangevoerde “onrust” betreft, de bestreden beslissing slechts de overname van verzoekers asielaanvraag door Polen tot doel heeft, waar zijn asielaanvraag eveneens conform de garanties van het Vluchtelingenverdrag zal worden behandeld; dat het moeilijk te herstellen ernstig nadeel niet is aangetoond;
  10. Overwegende dat niet is voldaan aan de derde van de door artikel 17, §§ 1 en 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State opgelegde voorwaarden; dat deze vaststelling volstaat om het verzoek tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijk- heid af te wijzen, BESLUIT: Artikel
  11. De vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid wordt verworpen. Artikel
  12. De kosten worden voorbehouden. XIV-24.183-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zeven december tweeduizend en vijf, door : de HH. A. BEIRLAEN, kamervoorzitter, C. VERHAERT, griffier. De griffier, De voorzitter, C. VERHAERT. A. BEIRLAEN. XIV-24.183-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.152.352 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.