← België

Arrest 153122 - - 22/12/2005

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 december 2005 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.153.122 Rolnummer: A. 168663/XII-4613 Zaak: Arrest 153122 - - 22/12/2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2005-12-28 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-07-03 07:04 Fiche Arrest nr 153.122 van 22 december 2005 - Beslissing : Bevolen Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 153.122 van 22 december 2005 in de zaak A. 168.663/XII-

  1. In zake : de BVBA BABYLONE BREWERIES, die woonplaats kiest bij advocaat P. Van Hoey, kantoor houdende te Mechelen, Vrijgeweidestraat 69 tegen :
  2. de BURGEMEESTER VAN DE STAD MECHELEN,
  3. de STAD MECHELEN. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat BVBA Babylone Breweries op 17 december 2005 heeft ingediend om bij uiterst dringende noodzakelijkheid de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van het besluit van 8 december 2005 van de burgemeester van Mechelen om haar herberg “De Laatste Zit” te Mechelen, Ontvoeringsplein 1-2, te sluiten gedurende een periode van drie maanden; Gelet op de beschikking van 19 december 2005 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 20 december 2005, om 15.30 uur; Gehoord het verslag van staatsraad J. Lust; Gehoord de opmerkingen van advocaat P. Van Hoey, die verschijnt voor verzoekster; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelingshoofd F. De Buel; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; XII-4613-1/4 Overwegende dat verzoekster te Mechelen, Ontvoeringsplein 1-2, herberg “De Laatste Zit” uitbaat; dat met een brief van 8 december 2005 de burgemeester van de stad Mechelen aan de zaakvoerder meedeelt dat hij besluit de handelszaak met onmiddellijke uitwerking te sluiten gedurende een periode van drie maanden; dat de herberg een gevaar wordt genoemd voor de openbare rust, de openbare orde en de openbare veiligheid; Overwegende dat krachtens artikel 17, §§ 1 en 2, van de gecoördineerde weten op de Raad van State, slechts tot de schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid kan worden besloten onder de drievoudige voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten akte of verordening kunnen verantwoorden, dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden akte of verordening een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen, en dat een uiterst dringende noodzake- lijkheid voorhanden is; Overwegende, met betrekking tot de eerste voorwaarde, dat verzoekster in een derde middel onder meer de schending van de hoorplicht aanvoert; dat zij uiteenzet dat de burgemeester tot de sluiting heeft besloten zonder haar te horen of haar tenminste de gelegenheid te hebben gegeven om te worden gehoord, dat nochtans onmogelijk betwist kan worden dat het sluiten van een instelling “een ernstige maatregel is welke onderworpen is aan de hoorplicht” en dat er geen reden was om te dezen het principe van de hoorplicht niet te eerbiedigen; Overwegende dat verzoekers betoog in feite en in rechte steek lijkt te houden; dat het middel ernstig is; Overwegende, met betrekking met de tweede voorwaarde, dat verzoekster doet gelden dat zij gedurende drie maanden “de aanzienlijke vaste maandelijkse kosten” zal dienen te betalen zonder inkomsten te verwerven, en dat zij een groot deel van het vast cliënteel dreigt te verliezen en geen nieuw cliënteel kan verkrijgen; dat zij voorts opmerkt, met betrekking tot de derde schorsingsvoorwaarde, dat een schorsing volgens de gewone procedure normaal gezien niet tijdig genoeg zou zijn om haar voor voormeld nadeel te behoeden; XII-4613-2/4 Overwegende dat de uiteenzetting van het nadeel niet getuigt van grote precisie; dat dit gebrek niet wordt goedgemaakt door de bijgebrachte stukken; dat immers geen stukken ter staving van het nadeel zijn bijgevoegd; dat daartegenover wel het vermoeden staat van artikel 4, vierde lid, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State; dat volgens dit voorschrift de tegenpartijen, die ter terechtzitting niet verschenen zijn noch vertegenwoordigd waren, geacht worden in te stemmen met de vordering; dat die instemming van de tegenpartijen de Raad van State er alsnog toe brengt op zijn beurt het nadeel bij te vallen, en het als ernstig en moeilijk herstelbaar te beschouwen; dat zodoende aan de tweede schorsingsvoorwaarde voldaan blijkt; dat ook de voorwaarde van de dringende noodzakelijkheid vervuld is; Overwegende dat er reden is de schorsing van het besluit van 8 december 2005 te bevelen; dat die schorsing eveneens de eventuele bevestiging van het besluit, door het college van burgemeester en schepenen, onwerkzaam maakt, BESLUIT: Artikel
  4. Bevolen wordt de schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid van het besluit van 8 december 2005 van de burgemeester van Mechelen om de herberg “De Laatste Zit” te Mechelen, Ontvoeringsplein 1-2, te sluiten gedurende een periode van drie maanden. Artikel
  5. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid wordt uitgesteld. XII-4613-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op tweeëntwintig december 2005, door : de HH. J. LUST, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK J. LUST. XII-4613-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.153.122 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.169.270 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.