id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 10 januari 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.153.369 Rolnummer: A. 169072/IX-5181 Zaak: Arrest 153369 - - 10/01/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-01-13 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-06-30 08:10 Fiche Arrest nr 153.369 van 10 januari 2006 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 153.369 van 10 januari 2006 in de zaak A. 169.072/IX-
- In zake : Peter CARLIER, die woonplaats kiest bij advocaat V. VEREECKE, kantoor houdende te BRUGGE-ASSEBROEK, Baron Ruzettelaan 178 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Justitie. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Peter CARLIER op 3 januari 2006 heeft ingediend om bij uiterst dringende noodzakelijkheid de schorsing te vorderen van de tenuitvoerlegging van “de beslissing tuchtsanctie genomen door de directeur van het Penitentiair Complex te Brugge gedateerd op 29 januari 2006 en ter kennis gebracht op 29 december 2005”; Gelet op de beschikking van 3 januari 2006 waarbij aan de verzoekende partij het voordeel van de kosteloze rechtspleging wordt verleend; Gelet op de beschikking van 3 januari 2006 waarbij de terechtzit- ting bepaald wordt op 9 januari 2006, om 9.30 uur; Gehoord het verslag van de voorzitter van de Raad van State J. DE BRABANDERE; Gehoord de opmerkingen van advocaat K. LARDENOIT, die loco advocaat V. VEREECKE, verschijnt voor verzoeker, en van attaché K. VAN DRIESSCHE, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelingshoofd W. VAN NOTEN; IX-5181-1/2 Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat blijkens een brief van 6 januari 2006 van de verwerende partij, “de directeur van de gevangenis te Brugge op 6 januari 2006 beslist (heeft) de tuchtsanctie die ten aanzien van de heer CARLIER op 29 december 2005 ter kennis werd gebracht in te trekken zodat de vordering tot schorsing wegens uiterst dringende noodzakelijkheid geen voorwerp meer heeft”; dat verzoeker zulks niet betwist; dat, gelet op de intrekking van de bestreden beslissing door de verwerende partij, het past de kosten ten laste van deze partij te leggen, BESLUIT: Artikel
- De vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid wordt verworpen. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op tien januari 2000 en zes, door : de H. J. DE BRABANDERE, voorzitter van de Raad van State, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. J. DE BRABANDERE. IX-5181-2/2 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.153.369 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.