id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 januari 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.153.966 Rolnummer: A. 166618/X-12515 Zaak: Arrest 153966 - - 19/01/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-01-25 Raadplegingen: 57 - laatst gezien 2026-06-30 08:32 Fiche Arrest nr 153.966 van 19 januari 2006 - Beslissing : Vernietiging Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 153.966 van 19 januari 2006 in de zaak A. 166.618/X-12.
- In zake : Franciscus VAN PARIJS, wonende te 2580 PUTTE, Heiststeenweg 184 tegen :
- de gemeente PUTTE,
- het Vlaamse Gewest, dat woonplaats kiest bij Advocaat J. CLAES, kantoor houdende te 2550 KONTICH, Mechelsesteenweg
- tussenkomende partij (in de vordering tot schorsing) :
- Geert LEYS,
- Nathalie VANDENBEMDEN, die woonplaats kiezen bij Advocaat J. DE LAT, kantoor houdende te 2200 HERENTALS, Lierseweg
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Franciscus VAN PARIJS op 4 oktober 2005 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 13 juni 2005 van het College van burgemeester en schepenen van de gemeente Putte waarbij aan Geert en Nathalie LEYS-VANDENBEMDEN de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het bouwen van een loods als standplaats voor voertuigen en recreatieve toestellen te Putte, Heiststeenweg 180, op een perceel kadastraal bekend Sectie B, nr. 54A 3; Gezien het verzoekschrift dat Franciscus VAN PARIJS op 4 oktober 2005 heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van dezelfde beslissing; Gezien de nota's van de verwerende partijen; X-12.515-1/5 Gezien het verslag over het beroep tot nietigverklaring opgemaakt door Auditeur A. EYLENBOSCH, op grond van artikel 94 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gezien het verslag over de vordering tot schorsing opgemaakt door Auditeur A. EYLENBOSCH; Gelet op de beschikkingen van 16 december 2005, houdende bevel tot neerlegging van het verslag over het beroep tot nietigverklaring en waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 13 januari 2006; Gelet op de kennisgeving van de verslagen aan partijen; Gehoord het verslag van Staatsraad G. DEBERSAQUES; Gehoord de opmerkingen van de verzoekende partij, van Advocaat K. VAN den EECKHOUT die loco Advocaat W. DOM verschijnt voor de eerste verwerende partij, van Advocaat J. CLAES die verschijnt voor de tweede verwerende partij, en van Advocaat E. VAN der MUSSELE die loco Advocaat J. DE LAT verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het eensluidend advies van Auditeur A. EYLENBOSCH; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat Geert LEYS en Nathalie VANDENBEMDEN met een verzoekschrift van 20 oktober 2005 hebben gevraagd in de debatten inzake de vordering tot schorsing te mogen tussenkomen; dat er grond is om op het verzoek in te gaan; Overwegende dat de tweede verwerende partij niet betrokken is geweest bij de totstandkoming van de bestreden beslissing; dat het derhalve past deze partij buiten de zaak te stellen; X-12.515-2/5 Overwegende dat uit de stukken van het dossier kan worden afgeleid dat de verzoeker uiterlijk op 4 augustus 2005 kennis had van de afgifte van de vergunning; dat de vordering is ingesteld op 4 oktober 2005, zijnde de 61ste dag nadat hij wist of kon weten dat de vergunning was verleend; dat een termijn van een dag om inzage te nemen van de bestreden beslissing alleszins niet onredelijk is; dat het beroep binnen de beroepstermijn is ingediend; dat de exceptie van de tussenkomende partij ongegrond is; Overwegende dat verzoeker in een tweede middel de schending aanvoert van artikel 43, § 1, van het decreet betreffende de ruimtelijke ordening, gecoördineerd op 22 oktober 1996 doordat het advies van de gemachtigde ambtenaar niet is ingewonnen, terwijl voor het betrokken perceel geen bijzonder plan van aanleg geldt; Overwegende dat de bouwaanvraag strekt tot de nieuwbouw van een loods als standplaats voor voertuigen en recreatieve toestellen; dat volgens de bestemmingsvoorschriften van het toepasselijke gewestplan Mechelen het bouwperceel is gelegen in woongebied; dat het niet blijkt te zijn gelegen binnen het beheersingsgebied van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg, noch binnen de omschrijving van een behoorlijk vergunde, niet vervallen verkaveling; dat derhalve krachtens artikel 43, § 1, van het decreet betreffende de ruimtelijke ordening, gecoördineerd op 22 oktober 1996, de bestreden vergunning enkel kan worden verleend op eensluidend advies van de door de Vlaamse regering gemachtigde ambtenaar; Overwegende dat de bestreden beslissing stelt dat het advies van de gemachtigde ambtenaar niet is ingewonnen omdat de in de aanvraag vermelde werkzaamheden en handelingen omwille van hun omvang en/of ligging vrijgesteld zijn van het voorafgaand eensluidend advies van de gemachtigde ambtenaar; dat zij hiertoe verwijst naar artikel 4 van het besluit van de Vlaamse regering van 5 mei 2000 tot bepaling van de werken en handelingen die vrijgesteld zijn van het eensluidend advies van de gemachtigde ambtenaar; dat evenwel uit het "statistisch formulier" en de "gedetailleerde meetstaat" blijken dat het bouwvolume 1582, 19 m³ bedraagt, i.e. meer dan de met toepassing van artikel 4, eerste lid, 2/ van het voornoemde besluit van 5 mei 2000 maximaal toegestane 1000 m³ opdat de aanvraag vrijgesteld zou zijn van het advies van de gemachtigde ambtenaar; dat derhalve aan de in artikel 4 bepaalde vereisten van vrijstelling van advies niet is voldaan; dat de X-12.515-3/5 bestreden vergunning is verleend in strijd met artikel 43, § 1, van het decreet betreffende de ruimtelijke ordening, gecoördineerd op 22 oktober 1996; dat het tweede middel kennelijk gegrond is; Overwegende dat de vernietiging van de bestreden beslissing tot gevolg heeft dat de door verzoeker ingediende vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing geen voorwerp meer heeft; BESLUIT: Artikel
- Het Vlaamse Gewest wordt buiten de zaak gesteld. Artikel
- Het verzoek tot tussenkomst van Geert LEYS en Nathalie VANDENBEMDEN in de vordering tot schorsing wordt ingewilligd. Artikel
- Vernietigd wordt de beslissing van 13 juni 2005 van het College van burgemeester en schepenen van de gemeente Putte waarbij aan Geert en Nathalie LEYS-VANDENBEMDEN de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het bouwen van een loods als standplaats voor voertuigen en recreatieve toestellen te Putte, Heiststeenweg 180, op een perceel kadastraal bekend Sectie B, nr. 54A
- Artikel
- De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de gemeente Putte. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 250 euro, komen ten laste van de tussenkomende partijen, ieder voor de helft. X-12.515-4/5 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negentien januari 2006, door : de H. G. DEBERSAQUES, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. G. DEBERSAQUES. X-12.515-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.153.966 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.