← België

Arrest 154506 - - 06/02/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 februari 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.154.506 Rolnummer: Zaak: Arrest 154506 - - 06/02/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-02-26 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-06-30 08:54 Fiche Arrest nr 154.506 van 6 februari 2006 - Beslissing : Vernietiging bekendmaking Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 154.506 van 6 februari 2006 in de zaken A. 160.428/IX-4822 161.015/IX-

  1. In zake : Luc BORIN, die woonplaats kiest bij advocaat J. STEVENS, kantoor houdende te ANTWERPEN, Justitiestraat 31 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Justitie, die woonplaats kiest bij advocaten B. SCHUTYSER en W. DEPESTER, kantoor houdende te BRUSSEL, Goedheidstraat 5-
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Luc BORIN op 1 maart 2005 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het koninklijk besluit van 18 januari 2005 waarbij de voordracht van verzoeker voor het ambt van rechter in de politierechtbank te Leuven, gedaan door de Nederlandstalige benoemings- en aanwijzingscommissie van de Hoge Raad voor de Justitie op 19 oktober 2004, een eerste maal wordt geweigerd; Gezien het verzoekschrift dat Luc BORIN op 21 maart 2005 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het koninklijk besluit van 28 februari 2005 waarbij de voordracht van verzoeker voor het ambt van rechter in de politierechtbank te Leuven, gedaan door de Nederlandstalige benoemings- en aanwijzingscommissie van de Hoge Raad voor de Justitie op 25 januari 2005, voor de tweede maal wordt geweigerd; Gelet op het arrest nr. 145.447 van 6 juni 2005 waarbij de zaken nrs. A. 160.428/IX-4822 en 161.015/IX-4834 worden gevoegd, de schorsing van de tenuitvoerlegging wordt bevolen van : IX-4822-1/3 - het koninklijk besluit van 18 januari 2005 waarbij de voordracht van verzoeker voor het ambt van rechter in de politierechtbank te Leuven, gedaan door de Nederlandstalige benoemings- en aanwijzingscommissie van de Hoge Raad voor de Justitie op 19 oktober 2004, een eerste maal wordt geweigerd; - het koninklijk besluit van 28 februari 2005 waarbij de voordracht van verzoeker voor het ambt van rechter in de politierechtbank te Leuven, gedaan door de Nederlandstalige benoemings- en aanwijzingscommissie van de Hoge Raad voor de Justitie op 25 januari 2005, voor de tweede maal wordt geweigerd, de uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten wordt uitgesteld en de bekendmaking van het arrest bij uittreksel in het Belgisch Staatsblad op dezelfde wijze als de geschorste besluiten wordt bevolen; Gelet op de kennisgeving van dat arrest aan de verwerende partij op 14 juni 2005 ; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 15bis, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, dat de kamer uitspraak zal doen over de vernietiging van de beslissing waarvan de schorsing is bevolen en dat zij met ingang van de kennisgeving over een termijn van vijftien dagen beschikken om te vragen gehoord te worden; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat naar luid van artikel 17, § 4bis, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, de Raad van State de akte of het reglement kan nietig verklaren waarvan de schorsing gevorderd wordt indien, binnen dertig dagen te rekenen van de kennisgeving van het arrest waarbij de schorsing wordt bevolen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging is ingediend door de verwerende partij; Overwegende dat de verwerende partij binnen de termijn van dertig dagen geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging heeft ingediend; dat er IX-4822-2/3 reden is om de beslissing waarvan de schorsing van de tenuitvoerlegging is bevolen nietig te verklaren, BESLUIT: Artikel
  3. Vernietigd worden : - het koninklijk besluit van 18 januari 2005 waarbij de voordracht van verzoeker voor het ambt van rechter in de politierechtbank te Leuven, gedaan door de Nederlandstalige benoemings- en aanwijzingscommissie van de Hoge Raad voor de Justitie op 19 oktober 2004, een eerste maal wordt geweigerd; - het koninklijk besluit van 28 februari 2005 waarbij de voordracht van verzoeker voor het ambt van rechter in de politierechtbank te Leuven, gedaan door de Nederlandstalige benoemings- en aanwijzingscommissie van de Hoge Raad voor de Justitie op 25 januari 2005, voor de tweede maal wordt geweigerd. Artikel
  4. Dit arrest zal bij uittreksel in het Belgisch Staatsblad worden bekendgemaakt op dezelfde wijze als de vernietigde besluiten. Artikel
  5. De kosten van de vorderingen tot schorsing, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zes februari 2000 en zes, door : de H. J. DE BRABANDERE, voorzitter van de Raad van State, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. J. DE BRABANDERE. IX-4822-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.154.506 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.