← België

Arrest 156225 - - 13/03/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 13 maart 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.156.225 Rolnummer: A. 135279/IX-3756 Zaak: Arrest 156225 - - 13/03/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-03-23 Raadplegingen: 57 - laatst gezien 2026-06-30 13:18 Fiche Arrest nr 156.225 van 13 maart 2006 - Beslissing : Afstand Verwerping overige Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 156.225 van 13 maart 2006 in de zaak A. 135.279/IX-

  1. In zake : Martin LEBBE, die woonplaats kiest bij advocaat I. OPDEBEEK, kantoor houdende te AARTSELAAR, Karel van de Woestijnelaan 7 tegen : de Belgische Staat vertegenwoordigd door de minister van Justitie, die woonplaats kiest bij advocaat P. LUYPAERS, kantoor houdende te HEVERLEE, Industrieweg 4 bus
  2. tussenkomende partij : Paul LEFEBVRE, die woonplaats kiest bij advocaat P. DEVERS, kantoor houdende te GENT, Kouter 71-
  3. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Martin LEBBE op 28 mei 2003 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het koninklijk besluit van 28 maart 2003 waarbij het koninklijk besluit van 17 juli 2001 houdende benoeming van Paul LEFEBVRE tot advocaat bij het Hof van Cassatie, wordt ingetrokken, van het koninklijk besluit van 31 maart 2003 houdende benoeming van Paul LEFEBVRE tot advocaat bij het Hof van Cassatie met terugwerkende kracht, en van de impliciete beslissing hem niet tot dit ambt te benoemen; Gelet op het arrest nr. 123.868 van 6 oktober 2003 waarbij de schorsing van de tenuitvoerlegging van het koninklijk besluit van 31 maart 2003 houdende benoeming van Paul LEFEBVRE tot advocaat bij het Hof van Cassatie wordt bevolen en de vordering tot schorsing voor het overige wordt verworpen; IX-3756-1/4 Gelet op de aangetekende brief van 31 oktober 2003 waarbij verzoeker gedeeltelijk afstand doet van het geding; Gelet op het verzoekschrift tot voortzetting van het geding van 13 november 2003 ingediend door de verwerende partij; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van 13 november 2003 ingediend door Paul LEFEBVRE; Gelet op de beschikking van 19 november 2003 die de tussenkomst van Paul LEFEBVRE toelaat; Gezien het verslag opgesteld door eerste auditeur-afdelingshoofd W. VAN NOTEN, op grond van artikel 59 en artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 20 januari 2006 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 6 maart 2006; Gehoord het verslag van de voorzitter van de Raad van State J. DE BRABANDERE; Gehoord de opmerkingen van advocaat H.-K. CARÊME, die loco advocaten P. LUYPAERS en P. HOFSTRÖSSLER verschijnt voor de verwerende partij, en van advocaat P. DEVERS, die verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur E. HAESBROUCK; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat verzoeker bij brief van 31 oktober 2003 gedeeltelijk afstand doet van zijn beroep; dat er in het door de Raad van State IX-3756-2/4 gekende dossier geen gegevens voorhanden blijken te zijn die zich tegen de toewijzing van de gedeeltelijke afstand verzetten; Overwegende dat het koninklijk besluit van 31 maart 2003 waarbij Paul LEFEBVRE wordt benoemd tot advocaat bij het Hof van Cassatie wordt ingetrokken; dat het beroep hierdoor doelloos is geworden; dat, gelet op de omstandigheden van de zaak, het past de kosten ten laste van de verwerende partij te leggen, BESLUIT: Artikel
  4. De gedeeltelijke afstand van het geding wordt toegewezen. Artikel
  5. Het beroep wordt voor het overige verworpen. Artikel
  6. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verwerende partij. De kosten van het annulatieberoep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verwerende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 250 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. IX-3756-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op dertien maart 2000 en zes, door : de H. J. DE BRABANDERE, voorzitter van de Raad van State, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. J. DE BRABANDERE, IX-3756-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.156.225 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2003:ARR.123.868 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.