← België

Arrest 156295 - - 13/03/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 13 maart 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.156.295 Rolnummer: A. 163417/IX-4953 Zaak: Arrest 156295 - - 13/03/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-03-21 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-06-30 13:23 Fiche Arrest nr 156.295 van 13 maart 2006 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 156.295 van 13 maart 2006 in de zaak A. 163.417/IX-

  1. In zake : de BVBA RESTAURANT CHINA, gevestigd te KORTENBERG, Leuvensesteenweg 151 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse Regering, dat woonplaats kiest bij advocaat D. DE GREEF, kantoor houdende te ZELLIK, Noorderlaan
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de BVBA RESTAURANT CHINA op 17 juni 2005 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 19 april 2005 van de Vlaamse minister van Werk, waarbij aan de verzoekende partij de gevraagde arbeidsvergunning en arbeidskaart B voor ZHANG YI, wordt geweigerd; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij op 14 september 2005; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer uitspraak zal doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; IX-4953-1/2 Overwegende dat bij het versturen van een kopie van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij de hoofdgriffier melding heeft gemaakt van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van zestig dagen, gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van wederantwoord aan de griffie heeft toegestuurd; dat krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid, vastgesteld dient te worden dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt, BESLUIT: Artikel
  3. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  4. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op dertien maart 2000 en zes, door : de HH. A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, W. GEURTS. A. VANDENDRIESSCHE. IX-4953-2/2 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.156.295 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.