← België

Arrest 156358 - - 14/03/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 14 maart 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.156.358 Rolnummer: A. 167187/XII-4560 Zaak: Arrest 156358 - - 14/03/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-03-30 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-06-30 13:36 Fiche Arrest nr 156.358 van 14 maart 2006 - Beslissing : Opheffing Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 156.358 van 14 maart 2006 in de zaak A. 167.187/XII-

  1. In zake : Ben VANLOOK, die woonplaats kiest bij advocaat K. Geelen, kantoor houdende te Hasselt, Gouverneur Roppesingel 131 tegen : het GEMEENSCHAPSONDERWIJS, vertegenwoordigd door de Scholengroep 16 Midden-Limburg, dat woonplaats kiest bij advocaat G. Van den Eynde, kantoor houdende te Geel, Diestseweg
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Ben Vanlook op 26 oktober 2005 heeft ingediend om bij uiterst dringende noodzakelijkheid de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van de beslissing van 17 oktober 2005 van de delibererende klassenraad waarbij aan hem een C-attest wordt toegekend; Gelet op het arrest nr. 151.060 van 8 november 2005 waarbij de schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit wordt bevolen; Gelet op de beschikking van 14 februari 2006 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 7 maart 2006; Gehoord het verslag van staatsraad G. van Haegendoren; Gehoord de opmerkingen van advocaat S. Cauwenberghs, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelingshoofd R. Van Der Gucht; XII-4560-1/2 Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; Overwegende dat verzoeker na het indienen van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid geen verzoekschrift heeft ingediend om de vernietiging van de bestreden beslissing te vorderen; dat de Raad van State er in dat geval overeenkomstig artikel 17, § 3, derde lid, van zijn gecoördineerde wetten toe gehouden is de uitgesproken schorsing op te heffen; Overwegende dat de bestreden beslissing werd ingetrokken bij beslissing van 14 november 2005 van de delibererende klassenraad , zodat het, gelet op de omstandigheden van de zaak, past dat de kosten ten laste van de verwerende partij worden gelegd, BESLUIT: Artikel
  3. De bij arrest nr. 151.060 van 8 november 2005 bevolen schorsing wordt opgeheven. Artikel
  4. De kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op veertien maart 2006, door : de HH. G. VAN HAEGENDOREN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK. G. VAN HAEGENDOREN. XII-4560-2/2 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.156.358 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.151.060 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.