← België

Arrest 156995 - - 28/03/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 maart 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.156.995 Rolnummer: A. 155057/XII-4285 Zaak: Arrest 156995 - - 28/03/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-04-03 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-06-30 15:34 Fiche Arrest nr 156.995 van 28 maart 2006 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 156.995 van 28 maart 2006 in de zaak A. 155.057/XII-

  1. In zake :
  2. Luc BILLO, wonende te Beersel, Grootveldstraat 16
  3. Martine NOTEBAERT, wonende te Beersel, Grootveldstraat 16 tegen : het VLAAMSE GEWEST, dat woonplaats kiest bij advocaat B. Staelens, kantoor houdende te Brugge, Stockhouderskasteel, Gerard Davidstraat 46, bus
  4. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Luc Billo en Martine Notebaert op 1 september 2004 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 11 juni 2004 van de Vlaamse regering tot vaststelling van het statuut van de gewestelijke ontvangers, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 3 augustus 2004; Gelet op het arrest nr.138.321 van 9 december 2004 waarbij de vordering tot schorsing en de vordering tot het opleggen van een voorlopige maatregel worden verworpen en de uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld; Gezien het verzoekschrift tot voortzetting van het geding van 10 januari 2005 ingediend door verzoekers; Gelet op de kennisgeving aan verzoekers op 31 maart 2005 van het feit dat de verwerende partij verzuimd heeft een memorie van antwoord in te dienen; XII-4285-1/3 Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer uitspraak zal doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat bij het kennis geven aan verzoekers van het verzuim van het indienen van een memorie van antwoord de hoofdgriffier melding heeft gemaakt van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat verzoekers binnen de termijn van zestig dagen, gesteld in artikel 8, samengelezen met artikel 7 van voornoemd besluit van de Regent, geen toelichtende of aanvullende memorie aan de griffie heeft laten geworden; dat krachtens voormeld artikel 21, tweede lid, vastgesteld dient te worden dat het vereiste belang om de gevorderde nietigverklaring te verkrijgen, ontbreekt, BESLUIT: Artikel
  5. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  6. De kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 700 euro, komen ten laste van verzoekers, elk voor de helft. XII-4285-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op achtentwintig maart 2006, door : de HH. J. LUST, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK. J. LUST. XII-4285-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.156.995 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.138.321 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.