id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 april 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.157.352 Rolnummer: A. 67268/XII-1337 Zaak: Arrest 157352 - - 06/04/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-04-20 Raadplegingen: 55 - laatst gezien 2026-06-30 16:51 Fiche Arrest nr 157.352 van 6 april 2006 - Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 157.352 van 6 april 2006 in de zaak A. 67.268/XII-
- In zake : Bart LAEREMANS, wonende te Grimbergen, Nieuwe Schapeweg 2 tegen : de GEMEENTE GRIMBERGEN, die woonplaats kiest bij advocaat M. Van Bever, kantoor houdende te Grimbergen, pastoor Woutersstraat 32, bus
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, XIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Bart Laeremans op 22 januari 1996 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 24 augustus 1995 van de gemeenteraad van Grimbergen tot vaststelling van een nieuw reglement van orde; Gelet op het arrest nr. 95.372 van 15 mei 2001 waarbij de debatten worden heropend en het door de auditeur-generaal aangewezen lid van het auditoraat wordt belast met een aanvullend onderzoek; Gezien het aanvullend verslag opgesteld door adjunct-auditeur H. Colin; Gelet op de beschikking van 9 oktober 2001 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 17 maart 2005 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 24 mei 2005, op welke datum de zaak is uitgesteld naar de terechtzitting van 13 september 2005; XII-1337-1/5 Gehoord het verslag van staatsraad J. Lust; Gehoord de opmerkingen van advocaat R. Wauters, die loco advocaat D. Hoebeek verschijnt voor verzoeker, en van advocaat I. Durnez, die loco advocaat M. Van Bever verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur H. Colin; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- Overwegende dat de gemeenteraad van Grimbergen op 24 augustus 1995 een nieuw reglement van orde aanneemt; dat artikel 3, vierde lid, luidt : “Elk voorstel dat niet op de agenda voorkomt of elk voorstel tot interpellatie over een onderwerp dat niet op de agenda voorkomt, moet uiterlijk vijf volledige dagen vóór de vergadering overhandigd worden aan de burgemeester of aan degene die hem vervangt. Het moet vergezeld zijn van een verklarende nota of van elk document dat de raad kan voorlichten. Van deze mogelijkheid kan geen gebruik worden gemaakt door een lid van het College van Burgemeester en Schepenen. De Gemeenteraad zal geen agendapunten behandelen, die er op gericht zijn standpunten in te nemen over zaken, die niet expliciet tot de gemeentelijke bevoegdheid behoren. Evenmin zal de Gemeenteraad moties behandelen met standpunten over onderwerpen waarover de Gemeenteraad geen reglementaire bevoegdheid heeft”;
- Overwegende dat, gelet op het geheel van de vermeldingen van het verzoekschrift, verzoeker kennelijk alleen de vernietiging van de laatste twee zinnen van het aangehaalde vierde lid beoogt; dat die zinnen van de rest van het reglement van orde afsplitsbaar zijn; dat het voorwerp van de besproken vordering tot nietigverklaring dienovereenkomstig beperkt wordt;
- Overwegende dat de verwerende partij de ontvankelijkheid betwist, eensdeels, wegens laattijdigheid en, anderdeels, wegens gebrek aan belang van verzoeker; dat eerder reeds is geoordeeld dat het beroep tegen het gemeenteraadsbesluit tijdig is; dat dus nog alleen over de exceptie van gebrek aan belang uitspraak moet worden gedaan; XII-1337-2/5 Overwegende dat verwerende partij in verband met verzoekers belang betoogt dat het niet opgaat dat een gemeenteraadsbeslissing wordt aangevochten omdat minderheidsleden misnoegd zijn, dat zijn functioneel belang en prerogatieven als gemeenteraadslid niet worden geschonden, dat hij steeds samen met andere gemeenteraadsleden een bijeenroeping van de raad kan eisen op grond van artikel 86, tweede lid, van de nieuwe gemeentewet, dat het dan tot de mogelijkheden behoort dat de gemeenteraad oordeelt dat het agendapunt niet in strijd is met de betwiste passus, minstens dat het hoe dan ook behandeld moet worden; Overwegende dat, van zijn kant, verzoeker onder meer doet gelden dat de bevoegdheden van de gemeenteraad worden uitgehold en dat hij afhankelijk wordt van de willekeur van de meerderheidspartijen “die naar believen tal van zaken die van gemeentelijk belang zijn, kunnen schrappen van de dagorde”; dat hij illustreert : “Zo werd in het najaar van 1995 wel een extra agendapunt aanvaard omtrent het vliegtuiglawaai van de luchthaven van Zaventem (hoewel de gemeenteraad omtrent dit probleem noch expliciet toegewezen, noch reglementaire bevoegdheid heeft). Anderzijds werd op de gemeenteraad van 21 december een agendapunt van de hand van verzoeker onontvankelijk verklaard, dat een protestmotie voorstelde tegen de uitbreiding van het zendbereik van Tele- Bruxelles. Aangezien Grimbergen volledig binnen dit nieuwe zendbereik zal liggen (15 km buiten de grenzen van Brussel) kan niet betwist worden dat de materie van gemeentelijk belang is. Daar de huidige meerderheid het te gewaagd vindt om een duidelijk communautair standpunt in te nemen, weigert zij iedere beraadslaging hieromtrent”; Overwegende dat verzoeker gemeenteraadslid is; dat hij, zoals de eerste drie zinnen van het aangehaalde artikel 3, vierde lid, in herinnering brengen, als zodanig over een initiatiefrecht beschikt om voorstellen op de agenda van de gemeenteraad te plaatsen; dat de bestreden bepalingen beperkingen bevatten met betrekking tot de onderwerpen die tijdens de gemeenteraad ter bespreking kunnen worden gesteld; dat zij zodoende van aard zijn verzoekers situatie ongunstig te beïnvloeden; dat de exceptie van gebrek aan belang verworpen wordt;
- Overwegende dat verzoeker in een eerste middel onder meer de schending aanvoert van artikel 91 van de nieuwe gemeentewet: “Behalve de bepalingen die er op basis van de gemeentewet in opgenomen moeten worden, kan [...] [het reglement van orde] krachtens art. 91 bijkomende maatregelen bevatten i.v.m. de ‘werking’ van de raad. Terzake gaat het helemaal niet om een maatregel XII-1337-3/5 i.v.m. de ‘werking’ van de raad, doch wel met de bevoegdheid van de raad. Nochtans is het een gemeenteraad op geen enkele manier toegelaten de eigen bevoegdheid te beperken”; Overwegende dat de verwerende partij antwoordt dat “de gewraakte passage enkel en alleen bevestigt wat reeds in artikel 162 van de Grondwet en in artikel 117 van de nieuwe gemeentewet staat, nl. dat de gemeente alles regelt wat van gemeentelijk belang is maar dan ook niets meer”, en dat de eigen bevoegdheid van de gemeenteraad dus geenszins wordt beperkt; Overwegende dat het artikel 91 van de nieuwe gemeentewet luidt : “De gemeenteraad neemt een reglement van orde aan. Behalve de bepalingen die er op basis van de onderhavige wet in opgenomen moeten worden, kan dit reglement bijkomende maatregelen bevatten in verband met de werking van de raad”; Overwegende dat naar eis van artikel 162 van de Grondwet, de wet de toepassing verzekert van het beginsel van de bevoegdheid van de gemeenteraden voor alles wat van gemeentelijk belang is; dat artikel 117, eerste lid, van de nieuwe gemeentewet voorschrijft dat de gemeenteraad alles regelt wat van gemeentelijk belang is; dat de bestreden bepalingen daar aan toevoegen dat de gemeenteraad geen onderwerpen zal behandelen die niet “expliciet” tot de gemeentelijke bevoegdheid behoren, noch moties waarover de gemeenteraad geen “reglementaire” bevoegdheid heeft; Overwegende dat zodoende de bestreden bepalingen de bevoegdheid van de gemeenteraad verengen; dat zij daarmee evenwel de perken die het artikel 91, tweede lid, van de nieuwe gemeentewet aan een reglement van orde heeft gesteld, te buiten gaan; dat immers de bepalingen niet op basis van de nieuwe gemeentewet in het reglement moéten worden opgenomen; dat zij evenmin te beschouwen zijn als een bijkomende werkingsregel van de gemeenteraad, maar wezenlijk als een bijkomende maatregel in verband met zijn bevoegdheid; Overwegende dat het besproken middel gegrond is, XII-1337-4/5 BESLUIT: Artikel
- In artikel 3, vierde lid, in fine, van het bij beslissing van 24 augustus 1995 van de gemeenteraad van Grimbergen vastgestelde reglement van orde worden vernietigd de zinnen : “De Gemeenteraad zal geen agendapunten behandelen, die er op gericht zijn standpunten in te nemen over zaken, die niet expliciet tot de gemeentelijke bevoegdheid behoren. Evenmin zal de Gemeenteraad moties behandelen met standpunten over onderwerpen waarover de Gemeenteraad geen reglementaire bevoegdheid heeft”. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 99,16 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zes april 2006, door de XIIe kamer, die was samengesteld uit : de HH. D. VERBIEST, kamervoorzitter, J. LUST, staatsraad, G. VAN HAEGENDOREN, staatsraad, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-1337-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.157.352 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:1996:ARR.59.155 ECLI:BE:RVSCE:1996:ARR.59.156 ECLI:BE:RVSCE:2001:ARR.95.372 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.