← België

Arrest 158111 - - 28/04/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 april 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.158.111 Rolnummer: A. 109858/X-10542 Zaak: Arrest 158111 - - 28/04/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-05-11 Raadplegingen: 62 - laatst gezien 2026-06-30 18:22 Fiche Arrest nr 158.111 van 28 april 2006 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 158.111 van 28 april 2006 in de zaak A. 109.858/X-10.

  1. In zake :
  2. Steven BAUWERAERTS,
  3. Joëlle VANDERHEYDEN, die woonplaats kiezen bij Advocaat Br. STROOBANTS, kantoor houdende te 3061 BERTEM, Dorpstraat 457 tegen :
  4. de gemeente BERTEM, die woonplaats kiest bij Advocaat I. COOREMAN, kantoor houdende te 1070 BRUSSEL, Ninoofsesteenweg 643,
  5. het VLAAMSE GEWEST, dat woonplaats kiest bij Advocaat M. van DIEVOET, kantoor houdende te 1000 BRUSSEL, Boomstraat 14, bus
  6. ------------------------------------------------------------------------------------------ DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Steven BAUWERAERTS en Joëlle VANDERHEYDEN op 4 september 2001 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 18 juni 2001 van het College van burgemeester en schepenen van de gemeente Bertem waarbij aan M. STOOBANTS de vergunning wordt verleend voor het verkavelen van een terrein gelegen te Bertem, Dorpstraat, kadastraal bekend sectie F, nrs. 171b, 171c en 172e; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord van de van de tweede verwerende partij aan de verzoekende partijen op 17 maart 2005; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; X-10.542-1/3 Overwegende dat bij het versturen van een afschrift van de memorie van antwoord van de tweede verwerende partij aan de verzoekende partijen de Hoofdgriffier melding heeft gemaakt van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Overwegende dat de verzoekende partijen binnen de termijn van zestig dagen, bepaald in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van wederantwoord ten aanzien van de tweede verwerende partij aan de griffie hebben toegestuurd; dat krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid, vastgesteld dient te worden dat het vereiste belang om de gevorderde nietigverklaring te verkrijgen, ontbreekt; dat, op grond van artikel 14bis, § 1, van voornoemd besluit van de Regent, de kamer uitspraak zal doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat het beroep niet ontvankelijk is; BESLUIT: Artikel
  7. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  8. De kosten van het beroep, bepaald op 347,06 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. X-10.542-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op achtentwintig april 2006, door : de H. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. J. CAMU, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, J. CAMU. J. BOVIN. X-10.542-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.158.111 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.